Overslaan en naar de inhoud gaan

Met hoge prijzen aan de pomp tanken Nederlanders vaker in België en Duitsland

1 month ago

In de eerste helft van 2026 tankten Nederlandse automobilisten vaker over de grens. Dat blijkt uit cijfers van De Nederlandsche Bank (DNB), waarbij is gekeken naar betalingen met betaalpassen en creditcards in België en Duitsland.

Zowel bij bemande als onbemande tankstations daar steeg het aantal Nederlandse pinbetalingen hard, met 20 procent. Dat leverde de tankstations over de grens 25 miljoen euro extra op in de eerste zes maanden van dit jaar.

De bedragen die werden afgetikt aan de Belgische en Duitse pomp lagen een stuk hoger, omdat de benzineprijs ook in de buurlanden is gestegen na de Amerikaanse en Israëlische aanvallen op Iran van eind februari. Daarop sloot Iran de Straat van Hormuz af. Sindsdien staat de olie-export onder druk.

Psychologische grens

Het ligt voor de hand dat prijsverschillen een rol speelden, zegt DNB. In Nederland is de adviesprijs voor een liter benzine momenteel 2,73 euro. In Duitsland bespaar je vaak zo'n 25 cent per liter en in België zelfs zo'n 50 cent.

Overigens liepen ook in Duitsland en België de prijzen aan de pomp op. Daardoor bleven de prijsverschillen ongeveer gelijk in de afgelopen maanden.

Maar het lijkt erop dat meer automobilisten de Nederlandse prijzen in de eerste helft van het jaar echt te gortig zijn gaan vinden en omrijden. "Het kan zijn dat er door de hoge prijs aan de pomp een psychologische grens is bereikt", zegt Arto Vinkka, statisticus van DNB.

Onbemande tankstations

Dat grenstanken gaat ten koste van hoe vaak er wordt getankt aan de Nederlandse pomp. "Daar zien we een daling van 3 procent van het aantal transacties", zegt Vinkka van DNB.

Binnen Nederland zelf zoeken automobilisten naar goedkopere opties. Zo valt het op dat het aantal tankbeurten bij onbemande tankstations juist toeneemt. "Dat kan er op duiden dat de automobilist genoegen neemt met minder service", zegt Vinkka.

Ook lijkt het erop dat Nederlanders hun buitenlandse tankbeurt combineren met boodschappen doen, een dagje uit of een bezoek aan de horeca. Zo pinden Nederlanders in het afgelopen half jaar 14,5 miljoen keer in supermarkten over de grens, een ruime verdubbeling ten opzichte van dezelfde periode in 2022.

Stress bij consumenten door computergestuurde prijzen, ziet toezichthouder

1 month ago

Het is voor veel consumenten te onduidelijk hoe computergestuurde prijzen van veel producten en diensten tot stand komen. Dat concludeert de Autoriteit Consument en Markt (ACM) op basis van een onderzoek naar vliegtickets.

Steeds meer bedrijven, van webwinkels tot tankstations, maken gebruik van dit soort computergestuurde prijzen. De hoogte daarvan komt tot stand door prijsalgoritmen, die op basis van bijvoorbeeld vraag en aanbod en de prijzen van concurrenten een prijs bepalen.

Daardoor kan het voorkomen dat consumenten tegelijkertijd naar hetzelfde product kijken, maar toch een andere prijs zien. Deze prijzen kunnen vaak schommelen. Volgens de ACM is het daarom voor consumenten vaak helemaal niet duidelijk hoe die prijs tot stand is gekomen.

Vliegtickets

In 2025 begon de ACM het onderzoek naar computergestuurde prijzen van vliegtickets, om beter te kunnen begrijpen hoe die prijzen tot stand komen en hoe ze uitwerken voor consumenten.

"De bevindingen uit de luchtvaartsector zijn relevant, omdat vergelijkbare technieken ook in andere sectoren worden toegepast", zegt Martijn Snoep, voorzitter van de ACM.

Prijzen van vliegtickets veranderen snel, waardoor passagiers vaak verschillende prijzen betalen voor een stoel op dezelfde vlucht.

Het onderzoek laat zien dat voor een stoel op eenzelfde vlucht wel 30 tot 35 verschillende prijzen worden gevraagd. Bovendien is 1 op de 3 vliegtickets meer dan 40 procent duurder dan de gemiddelde ticketprijs.

Daardoor zitten er te veel verschillen in voor consumenten, afhankelijk van het moment dat ze boeken, zegt de ACM.

Stress en onzekerheid

De wisselende prijzen leiden volgens Snoep tot veel stress en onzekerheid bij consumenten. Zo stoppen ze extra tijd in het zoekproces en hebben veel consumenten moeite met het vergelijken van de prijzen.

Bovendien is de luchtvaart niet de enige sector die dit soort prijsalgoritmes gebruikt. Dat zijn met name online terug te zien bij onder meer concertkaartjes, maar ook steeds meer fysieke winkels maken gebruik van digitale prijskaartjes.

"Wij verwachten dat door AI en de beschikbaarheid van data bedrijven vaker computergestuurde prijzen zullen gaan gebruiken, inclusief gepersonaliseerde prijzen", zegt Snoep.

Om die reden pleit de ACM ervoor dat bedrijven duidelijker moeten zijn hoe een prijs tot stand komt. Dat bespaart de consumenten onnodig zoekwerk en verhoogt het vertrouwen bij de klant.

Na veelbelovende zomer toch nog spannende weken voor Nederlandse wijnboeren

1 month ago

Het is hard doorwerken bij wijndomein Sint-Catharinadal in Oosterhout. Ruim vijftig vrijwilligers zijn druk in de weer met het afknippen van trossen druiven.

Met 10 hectare aan wijnranken (zo'n vijftien voetbalvelden) doet het kloosterlandgoed bijna on-Nederlands aan. Nog niets vergeleken met een Franse wijngaard, maar dat Nederlandse wijn aan terrein wint, is duidelijk.

Ook dit jaar profiteerden de druiven van de bloedhete zomer. Maar, zagen de zusters en vrijwilligers, de laatste weken werd het toch nog spannend.

Wijn is verbinding

Al bijna 500 jaar wonen de zusters in het klooster, de priorij. Jarenlang brachten kalligrafie en leerbewerking geld in het laatje. Toen die inkomsten vijftien jaar geleden hard terugliepen, moest er een nieuw plan komen.

"Door de eeuwen heen hebben onze zusters een weg naar de toekomst gevonden", vertelt zuster Maria Magdalena, de leidster van de orde. "In het idee van een wijngaarde zagen we onze spiritualiteit terug. Christus de wijnstok, wijnranken, verbinding leggen".

En dus wordt er vanaf 2014 op het landgoed wijn gemaakt. Van deze druiven wordt vooral witte wijn gemaakt, maar ook rosé en rood.

Niet alleen in het zuiden van het land komen er wijngaarden bij, maar ook in het midden en noorden. Twintig jaar geleden telde Nederland 70 hectare aan wijngaarden, inmiddels is dat ruim 240 hectare. Vorig jaar werd een recordaantal van bijna 1,6 miljoen flessen Nederlandse wijn gemaakt, blijkt uit cijfers van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland.

Hoewel de groei overduidelijk is, kan het succes wel per jaar flink verschillen. "Het is niet helemaal zonder risico", zegt zuster Maria Magdalena. "In die paar jaar hebben we alles al meegemaakt. Van een prachtige oogst met 50.000 flessen tot een oogst van maar 700 flessen."

Een nieuw record ligt dit jaar niet voor de hand, denkt Joep Speet. Speet is Magister Vini, wat betekent dat hij het hoogste Nederlandse professionele wijndiploma heeft. "De verwachting is dat de oogst iets kleiner is dan vorig jaar, doordat er weinig sap in de druiven aanwezig zal zijn. Aan de andere kant is de kwaliteit wel goed."

Suiker en alcohol

De droge Nederlandse zomers van de afgelopen jaren zijn gunstig voor de druivenoogst. Veel zon helpt bij de groei en rijping van de druiven. Daarnaast betekent een droger seizoen minder kans op schimmelziekten.

Niet alleen de warmte, maar ook de tijd speelt een rol bij de kwaliteit van de Nederlandse wijn. "De kennis en ervaring van wijnmakers is vergroot. Ook zijn de wijnstokken ouder geworden en beter gedijd", zegt Speet, die ook voorzitter is van de Vereniging Vinologen Nederland (VVN).

Toch is een zonnig jaar geen garantie voor goede wijn. "Vroegrijpe, vooral witte druivenrassen kunnen slecht tegen de droogte. Het suikerniveau in de druif en daarmee het potentieel alcoholgehalte stijgt dan te snel", zegt Speet, "Tegelijkertijd zijn de aroma's in de wijn nog niet genoeg vrijgekomen, waardoor het vrij smakeloos is."

Mist en regen

Dat hitte geen garantie geeft voor goede wijn, weten ze in Oosterhout. "Het valt of staat met die laatste weken. Dan wil je dat ze in het zonnetje hangen, want dan komen pas die suikers in die druiven", zegt Ramona Mimpen, die de vrijwilligers aanstuurt.

"De afgelopen weken hebben we regen en mist gezien. Ze hebben naar mijn zin te weinig zon gehad", zegt Mimpen. De vrijwilligers komen veel trossen tegen, maar moeten er ook heel wat beschimmelde druiven uitknippen.

Dat ziet ook de wijnmaker van het domein, Suzanne de Roo. "2025 was echt een topjaar. Dit jaar begon veelbelovend, maar de laatste paar weken zijn wel wat moeilijker geweest. Maar ja, dat hoort erbij als je in Nederland wijn maakt."

Kabinet stelt besluit over toekomst Tata Steel halfjaar uit

1 month ago

De onderhandelingen tussen Tata Steel en het kabinet over de verduurzamingsmaatregelen gaan verder. Het besluit over de toekomst van het staalbedrijf wordt daarom met een half jaar uitgesteld tot maart volgend jaar, zo hebben Tata Steel en het kabinet besloten.

In de intentieverklaring die de staalreus en het kabinet vorig jaar tekenden, staat dat de afspraken die toen zijn gemaakt na 30 september niet meer zouden gelden. Maar die deadline wordt nu opgeschoven naar 1 maart volgend jaar.

Het staalbedrijf is de grootste uitstoter van broeikasgassen van Nederland. Het verduurzamingsplan waar nu over gesproken wordt moet de uitstoot met zo'n 40 procent verminderen. Onderdeel van het plan is dat de helft van de hoogovens dichtgaan en vervangen worden door een proces dat op gas en waterstof draait.

Sinds de ondertekening van de intentieverklaring kreeg Tata Steel meerdere tegenslagen. Zo is de omgevingsdienst van Noord-Holland van plan om de vergunning in te trekken van de kooksgasfabrieken, een onderdeel van het staalproces. Die fabrieken stoten structureel meer gevaarlijke stoffen uit dan is toegestaan. Als de fabrieken eerder dicht moeten, dan gooit dat de plannen voor de verduurzaming overhoop.

Vervolging

Daar komt nog eens bij dat het Openbaar Ministerie in juli besloot om Tata Steel strafrechtelijke te vervolgen. Volgens justitie stoot het bedrijf opzettelijk stoffen uit die gevaarlijk zijn voor de gezondheid van omwonenden.

In de intentieverklaring staat dat het kabinet vanwege de vervolging de verklaring kan ontbinden, maar daar heeft het nog niet voor heeft gekozen. Minister Stientje van Veldhoven van Klimaat en Groene Groei zegt dat ze de keuze goed hebben overwogen. "Maar de rechtszaak loopt en daar kunnen we niet op vooruitlopen", vindt Van Veldhoven.

De minister zegt dat er alleen een handtekening wordt gezet "als het vertrouwen er is". Tata Steel moet laten zien dat er voldoende stappen worden gezet om de gezondheidssituatie van omwonenden te verbeteren en er moeten ook "harde afspraken" komen over CO2-reductie, vindt de minister.

In de regio-IJmuiden is Tata de grootste werkgever. Bij de staalgigant werken zo'n 9000 mensen. Bij de toeleveringsbedrijven die afhankelijk zijn van Tata werken nog eens 20.000 mensen.

Bij de ondertekening van de intentieverklaring werd dat nog eens benadrukt door Tata-topman Hans van den Berg: "Het gaat om de 9000 mensen die bij Tata werken. Maar ook om de regio IJmond en de mensen die bezorgd zijn en die natuurlijk ook graag perspectief willen hebben."

Tuchtrechter legt taken neer uit onvrede over houding banken

1 month ago

De Stichting Tuchtrecht Banken (STB) stopt de werkzaamheden. Dat maakt de stichting vandaag bekend.

De bancaire tuchtrechter heeft als doel erop toe te zien dat bankmedewerkers ethisch en zorgvuldig handelen. Het gaat om een wettelijke verplichting waar de banken voor moeten zorgen.

Naar eigen zeggen kan de tuchtrechter de eigen taken niet goed uitvoeren omdat het ontbreekt aan een goede samenwerking met de banken. Daarom is de samenwerking met de Nederlandse Vereniging van Banken (NVB) stopgezet. De NVB zegt niet verrast te zijn door het stoppen van het tuchtrechter.

Integriteit

"De banken frustreren in de ogen van de Stichting Tuchtrecht Banken elke verbetering van het tuchtrecht", staat in een persverklaring. "De banken slagen er niet in hieraan behoorlijk uitvoering te geven."

Om de integriteit van de eigen sector te bewaken wordt van banken verwacht dat ze zaken aanleveren waarover de tuchtrechter zich buigt. Dat gebeurde zelden tot nooit, zegt de bancaire tuchtrechter.

Zaken die wel werden aangeleverd zouden alleen maar gaan over niet-integer handelen van een enkele, individuele medewerker. Bij die zaken was de schending zo duidelijk dat er al ontslag of vervolging had plaatsgevonden. Meldingen over nog werkzame leidinggevenden of andere werknemers komen niet of nauwelijks voor, zegt de tuchtrechter.

Branchevereniging NVB erkent dat er problemen zijn bij de manier waarop het nu georganiseerd is. NVB pleit voor een "Tuchtrecht 2.0". Maar daarbij wil de NVB juist wel bewaken dat het om individueel verwijtbaar handelen van bankmedewerkers gaat, "en niet op algemeen bankbeleid of bredere maatschappelijke discussies over de sector."

Bankencrisis

Het bancaire tuchtrecht werd in 2015 een wettelijke verplichting na de bankencrisis. Nadat de overheid meerdere banken had moeten redden, bleek dat bankiers de mist in waren gegaan.

Dat de organisatie van dat tuchtrecht aan de banken zelf is overgelaten, is onverstandig geweest, zegt de stichting nu. In andere sectoren, zoals de zorg en juridische dienstverlening, heeft de tuchtrechter een onafhankelijke positie.

Eerder concludeerde een onderzoek van de Rijksuniversiteit Groningen dat het tuchtrecht voor banken weinig opleverde. Daarna zou overleg met de banken moeizaam zijn verlopen, zegt STB. "Zo kunnen tuchtrechters geen serieuze bijdrage leveren aan de bewaking en bevordering van integriteit van bankmedewerkers", schrijft de organisatie.

Oproep Heinen

De tuchtrechter maakt zich zorgen om de klanten van banken. "Consumenten moeten erop kunnen rekenen dat bankmedewerkers integer handelen."

STB roept daarom minister Heinen van Financiën op om met een alternatief te komen, een onafhankelijke organisatie.

De organisatie zegt dat lopende zaken nog wel worden afgehandeld. De samenwerking met de banken stopt per 1 oktober 2027.

Kabinet wil af van miljardenlast gasopslag, die betaald wordt door de consument

1 month ago

Energiebedrijven moeten zelf verantwoordelijk worden voor het vullen van de gasopslagen, schrijft het kabinet in een brief aan de Tweede Kamer. Deze seizoens-gasopslagen zorgen voor genoeg gas bij koude winters. De overheid moet zich beperken tot een zogenoemde strategische reservevoorraad voor noodsituaties, zegt het kabinet.

Op dit moment vult de overheid de seizoens-gasopslagen in Norg en Grijpskerk. Voor commerciële partijen is gasopslag nu niet interessant omdat de gasprijs onder meer door het afsluiten van de Perzische Golf op dit moment hoger ligt dan komende winter. Energie Beheer Nederland vult in opdracht van de overheid de gasopslagen daarom met verlies.

Hiervoor heeft het overheidsbedrijf bijna een miljard euro subsidie gekregen. Uiteindelijk worden deze kosten betaald door de gebruikers van het gasnet.

Waar vulgraden van 80 procent voor de gasopslagen eerder het streven waren, is dit inmiddels teruggebracht naar 64 procent. Als het aan het kabinet ligt verdwijnen de door Europa opgelegde vulgraden voor seizoensopslagen helemaal. In overleg met de EU en de Tweede Kamer moet bepaald worden hoe groot de strategische reserve moet zijn. Zo'n reserve is er dan alleen voor fysieke tekorten, niet om hoge gasprijzen te dempen.

De gasopslagen stammen uit de tijd dat Nederland exporteur van grote hoeveelheden Gronings gas was. Nederland, Noorwegen en Rusland voorzagen een groot deel van Europa via pijpleidingen van energie. Gas was toen nog goedkoop in de zomer en duur in de winter.

Inmiddels wordt het grootste deel van het gas in vloeibare vorm (lng) aangevoerd met tankers uit de Verenigde Staten en andere delen van de wereld. Deze wereldmarkt heeft de seizoensinvloeden op de gasprijs definitief veranderd.

Het kabinet voelt er niets voor om ieder jaar een miljard euro of meer uit te geven aan verliesgevende gasopslag. Bovendien mag een lidstaat van de Europese Unie dat gas niet voor zichzelf houden: het gas in de Nederlandse opslagen gaat ook naar andere landen.

Gedwongen

Vanwege het verleden als grote producent en exporteur heeft Nederland relatief grote opslagen. De Europese regels voor het vullen van de gasopslag zijn gebaseerd op een percentage van de totale opslagcapaciteit van een land. Nederland moet met de grote gasopslagen daardoor relatief veel gas opslaan. Pogingen om andere landen hieraan te laten meebetalen leverden niets op.

Nederland wil daarom dat de EU niet naar de opslagcapaciteit van een land kijkt, maar naar de gasvraag in de winter. Bovendien wil het kabinet dus dat de energiebedrijven en niet de overheid verantwoordelijk worden voor de seizoensopslag.

Grote energiebedrijven als Essent, Eneco, Vattenfall en nog 47 kleinere energieleveranciers moeten dan een deel van hun gas verplicht op voorraad hebben in de winter. Een nog te bepalen deel hiervan moet volgens het kabinet dus fysiek in gasopslagen in Nederland aanwezig zijn. Het ministerie van Klimaat en Groene Groei verwijst naar Oostenrijk waar al een vergelijkbare verplichting is.

Hoe groot de door de overheid beheerde strategische noodvoorraad moet worden is nog niet duidelijk. Hoe meer zekerheid Europa en de Tweede Kamer willen, hoe duurder het wordt. Nederland heeft een olievoorraad voor drie maanden. Een gasvoorraad die groot genoeg is om een koude winter door te komen zonder leveringen, zal vele miljarden euro's kosten.

Over de noodzaak van seizoens-gasopslag en strategische reserves wordt verschillend gedacht. Gasunie pleit voor hoge vulgraden in de seizoensopslag en een flinke noodvoorraad van de overheid. Volgens de voormalige exploitant van de gasopslagen Gasterra is gasopslag niet meer van deze tijd. Het is goedkoper om bij een koude winter een paar lng-tankers extra naar Rotterdam en de Eemshaven te halen.

Een koude winter zal naar verwachting niet snel meer tot een tekort aan gas leiden. Dat kan wel gebeuren als Rusland de gaspijpleiding met Noorwegen opblaast. Of als de Amerikaanse president besluit geen lng meer naar Europa te sturen.

Op dat moment is waarschijnlijk iedere vorm van opslag op termijn onvoldoende om aan de vraag te voldoen. De mogelijkheid om voor dit soort noodsituaties het Groningenveld beschikbaar te houden is door het kabinet definitief afgesloten.

Werkgevers worstelen met groeiend verzuim door stress: 'Je moet er op tijd bij zijn'

1 month ago

Slecht slapen, moeilijk concentreren of langdurig hoofdpijn. Het aantal dagen dat werknemers thuiszaten door stress gerelateerde klachten nam in vijf jaar tijd met bijna 50 procent toe, blijkt uit cijfers van arbodienstverleners HumanCapitalCare en ArboNed.

Het aantal dagen dat mensen thuiszitten door stress neemt al jaren toe. De zorg en het onderwijs behoren tot sectoren met relatief veel stress gerelateerd verzuim, zegt een woordvoerder van HumanCapitalCare.

Vakbond CNV zegt de problemen te herkennen. Doordat er in deze sectoren weinig ruimte is om werk flexibel in te richten komt stress sneller voor, zegt de vakbond. "Thuiswerken of later beginnen zit er niet in", zegt een woordvoerder. Daarnaast stapelen problemen met ziekteverzuim zich ook sneller op. "Wanneer iemand ziek is moet in deze sectoren altijd een vervanger worden geregeld."

Personeelstekort

Ook vergrijzing zorgt in deze sectoren voor een tekort aan personeel. Dat tekort verhoogt de werkdruk nog verder, ziet Femke Merel van Kooten van NU'91, een vakbond voor zorgprofessionals.

"Mensen met een bestaand contract wordt gevraagd om extra te werken en ook in de weekenden te werken", zegt Van Kooten. "Dat leidt uiteindelijk tot sneller ziekteverzuim, maar ook burn-outklachten waardoor mensen voor langere tijd uitvallen."

Het Centrum voor Ethiek en Gezondheid (CEG) onderzocht hoe zorgmedewerkers het personeelstekort ervaren. "Daardoor moeten zorgverleners kiezen aan wie ze zorg kunnen geven, en dat levert ook nog morele stress op", zegt onderzoeker bij het CEG, Deborah Levie. Het zou volgens haar beter zijn als zorgverleners betrokken worden bij het ontwikkelen van beleid.

Bedrijfsarts bij ArboNed, Redmer van Wijngaarden, zegt dat er ook een rol is weggelegd voor werkgevers. "Het moet niet alleen over de inhoud van het werk gaan, maar ook over hoe het met werknemers gaat."

Brandjes blussen

Volgens Christiaan Vinkers, psychiater en hoogleraar Stress en Veerkracht Amsterdam UMC, laat de stijgende uitval zien dat we nog onvoldoende weten wat effectief helpt om stress-gerelateerd verzuim te voorkomen."

"Vaak komt de aandacht pas als mensen al zijn uitgevallen, terwijl je er juist eerder bij wilt zijn. Stress is heel normaal, maar je moet er ook op tijd bij zijn", zegt Vinkers. "Nu is het vaak nog brandjes blussen en investeren bedrijven in interventies die misschien wel goed voelen, maar nog niet veel veranderen."

Volgens Vinkers besteden wel steeds meer werkgevers aandacht aan stress op werk. "Als je naar de kosten kijkt is preventie economisch ook veel gunstiger."

Corona

De cijfers over de afgelopen jaren hangen wel samen met de coronapandemie, maar zijn daar niet helemaal aan te wijten, zegt een woordvoerder van ArboNed. "Verzuim door stress nam voor de coronapandemie ook al toe, bleef gelijk tijdens de pandemie, en is daarna weer gestegen", aldus ArboNed.

'Miljoenenstrop transportbranche door problemen met Suurhoffbrug'

1 month ago

De gedeeltelijke afsluiting van de Suurhoffbrug in de A15 kost de transportsector minimaal 600.000 euro per dag. Die schatting wordt gedaan door Transport en Logistiek Nederland (TLN) en Deltalinqs, de ondernemersvereniging van bedrijven in de Rotterdamse haven.

De brug op de A15 naar de Maasvlakte werd vorige week "omwille van de veiligheid" gedeeltelijk afgesloten nadat bij een inspectie scheuren waren gevonden in een van de hoofdliggers van de brug. Het verkeer zal de komende weken over de vluchtstroken moeten blijven rijden.

Deltalinqs en TLN deden een flitspeiling onder hun leden. De conclusie is dat de afsluiting niet alleen bedrijven in de Rotterdamse haven treft, maar de hele logistieke keten. Driekwart van de leden geeft aan dat hun medewerkers gemiddeld tussen de 15 en 60 minuten extra reistijd ondervinden. Bij een gemiddelde vertraging van een half uur schat de sector de extra transportkosten rond de 600.000 euro.

Schade loopt op

"Hoe langer de verstoring duurt, hoe sneller deze schade verder oploopt", zegt Elisabeth Post, voorzitter van TLN. "Zeker als straks de hele oude brug eruit gehaald wordt en de capaciteit verder omlaaggaat."

Per dag reden er 36.500 voertuigen over de brug, waaronder 15.500 vrachtwagens. Veel bedrijven in de haven zijn afhankelijk van die vrachtwagens. De kosten die met de stremming gepaard gaan zitten hem in het verlies van reistijd, het vervoeren van minder transporten per dag en extra brandstofkosten vanwege het omrijden.

De brug wordt de komende jaren vervangen. Volgens Post zal dat tot nog meer schade leiden in de keten, zoals terminals, warehouses en fabrieken.

Geld voor onderhoud

Het kabinet wil tot en met 2040 5,1 miljard euro extra uittrekken voor het Mobiliteitsfonds, waarmee veel infrastructuur wordt betaald. Daarvan gaat 1,5 miljard euro naar onderhoud van infrastructuur. Naar regionale bereikbaarheid gaat blijvend extra geld, oplopend tot 300 miljoen euro per jaar.

"Ondanks deze extra 1,5 miljard euro blijven scherpe keuzes noodzakelijk", stond vorige week in de Miljoenennota. "Voor onderhoud aan wegen, spoorwegen en waterwegen zijn tekorten van naar schatting tientallen miljarden euro's."

Volgens minister Karremans bewijzen de problemen bij de Suurhoffbrug dat er meer geld in onderhoud en vernieuwing geïnvesteerd moet worden. Er zijn volgens hem plannen om geld voor nieuwe aanleg te verschuiven naar vernieuwing en onderhoud van bestaande infrastructuur.

Jacco Vonhof, voorzitter van Deltalinqs, vraagt het kabinet om grotere investeringen. "Deze situatie rond de Suurhoffbrug legt een kwetsbaarheid bloot die vraagt om meer dan tijdelijke noodmaatregelen. Er zijn forse investeringen nodig in de bereikbaarheid van de Rotterdamse haven."

Pensioenfonds ABP gaat miljard investeren in Europese snelgroeiende bedrijven

1 month ago

Pensioenfonds ABP gaat investeren in startende en snelgroeiende Europese bedrijven. Het grootste pensioenfonds van Nederland begint met een investering van 250 miljoen euro in een Europees fonds voor veelbelovende bedrijven in de techsector, het Scaleup Europe Fund.

Dit fonds werd onlangs opgericht vanuit de Europese Commissie en een aantal Europese institutionele beleggers. Het doel is om Europese technologiebedrijven die actief zijn in sectoren zoals kunstmatige intelligentie, quantumtechnologie, energie, ruimtevaart en medische technologie verder te kunnen laten groeien.

1 miljard

In totaal wil ABP in drie jaar tijd 1 miljard euro investeren in de technologiesector. "Europa beschikt over veel talent, kennis en technologie. Toch vertrekken succesvolle groeibedrijven nog te vaak naar andere markten om financiering te vinden", zegt ABP-bestuursvoorzitter Harmen van Wijnen. "Meer beschikbaar kapitaal kan ervoor zorgen dat innovatie, economische waarde en werkgelegenheid beter binnen Europa worden behouden."

Prins Constantijn, speciaal gezant van start-up-organisatie Techleap, is blij met de investering: "Hoe meer voorbeelden volgen, hoe groter de kans dat de volgende generatie Europese techbedrijven hier ook daadwerkelijk kan blijven groeien", zegt hij.

Vertrek uit VS

De investering in het Europese fonds past bij de koers die het pensioenfonds eerder inzette. Afgelopen zomer werd duidelijk dat ABP geld weghaalt uit de Verenigde Staten. Dat geld zat in Amerikaanse staatsobligaties en techbedrijven.

Volgens ABP was het op dat moment aantrekkelijker om staatsobligaties in eurolanden te hebben dan obligaties in vreemde valuta. De verkoop van de techaandelen was volgens ABP om de risico's van grotere schommelingen in rendement te voorkomen.

Van Wijnen zegt dat hij in de markt van innovatieve bedrijven wel aantrekkelijke rendementskansen ziet. "Onze eerste verantwoordelijkheid is het realiseren van een goed pensioen voor onze deelnemers. Deze investering past daarbij."

Rapport Wennink

Bovendien past de investering van ABP binnen het advies dat oud-topman van ASML Peter Wennink eerder gaf aan het kabinet.

Volgens Wennink moet het kabinet zich dringend richten op een goed investeringsklimaat zodat Europa niet achterop raakt bij bijvoorbeeld technologische ontwikkelingen. Hij wees vier belangrijke sectoren aan waarin geïnvesteerd zou moeten worden: digitalisering (waaronder AI), veiligheid en weerbaarheid, energie- en klimaattechnologie en life sciences en biotechnologie.

Italië, Nederland of allebei? Onderzoek naar samenwerking Einstein Telescope

1 month 1 week ago

Het grensgebied bij Zuid-Limburg, het Italiaanse eiland Sardinië of het Duitse Saksen. Op een van deze plekken komt de Einstein Telescope te staan, een gigantische ondergrondse telescoop om zwaartekrachtgolven te meten. Gisteren kwam er nog een scenario bij: een telescoop bestaande uit twee delen, verspreid over Nederland én Italië.

Deze landen waren lange tijd de grote concurrenten, maar gisteren werd duidelijk dat het kabinet een samenwerking met de Italianen onderzoekt.

Nederland werkt al sinds 2015 samen met België en Duitsland om de telescoop te krijgen. De precieze locatie is nog niet duidelijk, maar zou dan mogelijk deels in Zuid-Limburg en deels in België komen. Het kabinet noemde het binnenhalen van het project een "regeringsprioriteit". Er was al 870 miljoen euro voor vrijgemaakt en dit kabinet deed daar nog eens 25 miljoen bij.

Nieuwe banen

Met veel universiteiten en steden in de buurt heeft de Euregio Maas-Rijn - zoals het gebied heet - goede kaarten in handen. Aan de bouw van de telescoop hangt wel een behoorlijk prijskaartje: minstens 2,3 miljard euro.

Maar dat betaalt zich ook terug, zo kwam naar voren uit onderzoek van de Euregio-organisatie. Voor iedere euro die je in het project steekt, zou je het drievoudige terugkrijgen. Het project moet zeker 500 directe en 1150 indirecte banen opleveren.

Wat gaat de Einstein Telescope meten?

De telescoop moet zwaartekrachtgolven meten. Als er bijvoorbeeld een botsing is tussen twee zwarte gaten, dan kan daar zoveel energie bij vrijkomen dat er rimpelingen in de ruimtetijd ontstaan. De ruimte wordt dan een piepklein beetje uitgerekt en samengeperst. Als mens voelen we dat niet, maar de Einstein Telescope kan die golven wel meten.

Zeer nauwkeurige laserstralen in de telescoop werken als een soort meetintstrument. Het meten moet op een stille, trillingsvrije plek gebeuren. De bodem in het grensgebied bij Zuid-Limburg is daar geschikt voor.

De wetenschap kan aan de hand van die metingen onderzoek doen naar het ontstaan van het heelal. Wetenschappers kunnen waarschijnlijk 'terugkijken' tot kort na de oerknal.

Dat er nu een Euregionale-Italiaanse samenwerking wordt onderzocht, komt doordat er onderzoek wordt gedaan naar een nieuwe variant van de telescoop. Tot nu toe is er gekeken naar een driehoekige telescoop; elk met een arm van 10 kilometer lang. Nu komt er ook een onderzoek naar twee telescopen met een L-vorm; twee armen van 15 kilometer.

De driehoeksvariant en de L-vormen hebben beide voor- en nadelen, vertelt sterrenkundige Gijs Nelemans van de Radboud Universiteit. De voors en tegens worden op dit moment in kaart gebracht

Twee L-detectoren, bijvoorbeeld eentje in Italië en eentje in de Euregio, geven meer informatie over de richting van de zwaartekrachtgolf. "Maar uiteindelijk is het doel vanuit de wetenschap om zo'n goede detector ook ergens verder weg te krijgen, in de VS bijvoorbeeld. Dan heb je nog een veel beter beeld van de richting", zegt Nelemans. Eind oktober worden de resultaten van verder onderzoek naar de twee varianten verwacht.

Saksen is ook nog altijd in de race om de telescoop binnen te halen. Alleen blijft de Duitse deelstaat achter qua financiering, vergeleken met de Euregio en Italië.

Topje van de ijsberg

Volgens sterrenkundige Nelemans is het voor de wetenschap belangrijk dat de telescoop er komt. Sinds de eerste meting van een zwaartekrachtgolf in 2015, zijn er in totaal 400 gemeten. "We denken dat de Einstein Telescope, in welke vorm dan ook, meer dan 100.000 signalen per jaar gaat meten. We zien nu pas het topje van de ijsberg."

Volgend jaar wordt de beslissing genomen waar de telescoop komt. Tien Europese landen nemen de uiteindelijke beslissing. "Het gaat niet enkel over de wetenschap of de economische opbrengst. Het gaat om de combinatie van beide", zegt Jorgen D'Hondt, de directeur van het deeltjesfysica-instituut Nikhef, dat een belangrijke rol speelt in het project. "Een goeie cocktail smaakt als de dosering juist is."

Staat koopt aandelen Borssele om kerncentrale langer open te kunnen houden

1 month 1 week ago

De Nederlandse Staat heeft zeventig procent van de aandelen van de kerncentrale Borssele gekocht. Staatssecretaris De Bat van Klimaat en Groene Groei schrijft aan de Tweede Kamer dat hij die aandelen voor 115 miljoen euro overneemt van de provincie Zeeland en de Zeeuwse gemeenten.

Het kabinet heeft die stap genomen om de uit 1973 stammende centrale langer open te houden. "Kernenergie gaat een belangrijke rol spelen bij een diverse en stabiele energievoorziening", zegt De Bat. Ook blijft op die manier veel nucleaire kennis behouden voor Nederland, stelt hij.

Het was de bedoeling om Borssele in 2033 te sluiten, maar de laatste jaren zijn de meningen over kernenergie veranderd. Er komt geen CO2 vrij bij die vorm van energieopwekking en dat kan belangrijk zijn om de klimaatdoelen te halen.

Zeeland ziet geen rol

De provincie Zeeland en de Zeeuwse gemeenten hadden al eerder gezegd dat ze geen rol voor zichzelf zagen bij het verder in bedrijf houden van de enige kerncentrale van Nederland. Daarom hebben ze nu al hun aandelen verkocht aan de Staat.

Gisteren ging de Eerste Kamer akkoord met een wetswijziging om het langer openhouden mogelijk te maken. Of dat daadwerkelijk gaat gebeuren is nog niet helemaal zeker. De aandeelhouders (naast de Staat ook het Duitse energiebedrijf RWE) moeten daar nog een beslissing over nemen.

Behalve de 115 miljoen euro voor de aandelen stelt de Staat ook nog 119 miljoen euro aan vermogen beschikbaar om de stabiliteit van de onderneming te garanderen en doorlopende kosten te dekken.

In het regeerakkoord van het minderheidskabinet staat dat er de komende jaren minstens vier nieuwe kerncentrales moeten worden gebouwd. Dat hoeven geen grote conventionele centrales te zijn. Het kunnen ook kleine modulaire centrales zijn, zogeheten SMR's.

Veel interesse in fietsenproducent van Batavus en Sparta, doorstart geen gelopen race

1 month 1 week ago

Er is opvallend veel interesse om de failliete fietsproducent Accell te laten voortbestaan. Meer dan zestig partijen hebben bij de curator een bod uitgebracht op het bedrijf achter fietsen van merken als Batavus en Sparta, of onderdelen van het concern. Dat schrijft de curator in het eerste faillissementsverslag van Accell.

De grote interesse biedt alleen nog geen zekerheid of een doorstart van de omgevallen fietsenmaker ook echt mogelijk is, benadrukken experts. Wel noemt fusie- en overnamespecialist Jeroen Vercauteren de zestig biedingen "opmerkelijk veel". "Dat biedt goede hoop. Je hebt uiteindelijk maar één koper nodig", reageert hij.

Vrij snel nadat Accell begin vorige maand faillissement had aangevraagd, maakten verschillende bedrijven hun interesse bekend. Zo zei de investeringsmaatschappij Quanta Capital van de voormalige Ierse profwielrenner Mel Sutcliffe dat het Accell in zijn geheel wel zou willen overnemen.

Doorstart of inboedel?

In het eerste verslag schrijft de door de rechtbank aangestelde curator dat er meer dan 300 mogelijke kopers zijn benaderd. Vervolgens betaalden meer dan 100 van hen 20.000 euro voor meer specifieke inzage in de positie van Accell. Uiteindelijk brachten meer dan 60 eind vorige maand een bod uit.

Specialist Vercauteren, werkzaam bij Qufinity, stelt wel dat dit niet direct betekent dat meer dan 60 partijen daadwerkelijk een doorstart van Accell willen realiseren: "Veel zullen vooral geïnteresseerd zijn in de inboedel. Bijvoorbeeld door de voorraad of slechts een deel van de voorraad voor een scherp tarief of liquidatiewaarde te willen opkopen."

Die indruk wekt de curator in het eerste faillissementsverslag ook. De ontvangen biedingen variëren "van biedingen op een enkel merk tot biedingen op groepen merken met bijbehorende voorraden en business", zo staat er.

Opbrengstmaximalisatie

De curator schrijf sinds eind augustus in gesprek te zijn gegaan met kandidaat-kopers waar "de meeste kans op opbrengstmaximalisatie" in het bod was waar te nemen.

Volgens specialist Vercauteren is het waarschijnlijk dat dit geen opkopers van voorraden zijn, maar kopers die een doorstart van Accell willen realiseren. "Dat is financieel namelijk interessanter. Omdat zo'n koper ook het personeel of een deel van het personeel zou willen overnemen."

Is er nog toekomst voor de Nederlandse fiets?

Podcast De Dag dook vorige maand in het verleden van Batavus en van de Nederlandse fietsindustrie. En kijkt naar de toekomst: staan er straks alleen nog Chinese exemplaren in onze stallingen?

Deze aflevering van De Dag luister je via NPO Luister en alle andere podcastapps. Bevalt het? Vergeet je dan niet te abonneren.

In het verslag meldt de curator dat een doorstart ook beter is voor leveranciers van Accell, die vaak ook nog schuldeiser zijn. Vooralsnog hebben zich 434 schuldeisers gemeld voor een bedrag van ruim 38 miljoen euro. De grootste schuldeisers werden in februari overigens al eigenaar, nadat de Britse durfinvesteerder KKR alle aandelen van de fietsenproducent aan hen had overgedragen.

Accell Nederland

Accell sloot een jaar geleden met de fabriek in Heerenveen de laatste productielocatie van het concern in Nederland. Een groot deel van de administratie en financiën van het hele concern werd georganiseerd vanuit Nederland, waar nog 231 mensen werkten. De Accell-divisies in andere landen leunen grotendeels op deze dienstverlening.

Voor een doorstart wordt daarom "zoveel als mogelijk" ingezet op het voortbestaan van Accell Nederland. Terwijl er wordt overlegd met mogelijke kopers doet de curator nog nader onderzoek naar de oorzaken van het faillissement van Accell. Het volgende faillissementsverslag wordt op 22 december verwacht.

Kabinet wil kortere WW, maar extra banen levert dat bijna niet op

1 month 1 week ago

Het verkorten van de maximale duur van een werkloosheiduitkering naar één jaar zorgt er niet voor dat veel mensen snel weer aan het werk zijn. Slechts 8000 mensen met een WW-uitkering zullen na die periode een nieuwe voltijdsbaan hebben, stelt het Centraal Planbureau.

Volgens het CPB levert het kabinetsplan om de WW te versoberen het kabinet wel degelijk geld op, maar het planbureau spreekt tegelijkertijd van "een beperkte toename van de structurele werkgelegenheid".

Het kabinet had het plan om de WW per 1 januari 2029 met een jaar te verkorten juist ontwikkeld zodat mensen die buiten hun schuld werkloos zijn geraakt, eerder weer aan het werk zouden gaan. Nu kunnen mensen die lang genoeg hebben gewerkt nog maximaal twee jaar een werkloosheidsuitkering krijgen. Veel werklozen ontvangen door hun beperkte arbeidsverleden echter een veel kortere tijd WW.

Bijna geen effect

Het planbureau schrijft dat sleutelen aan de maximale duur van de uitkering daarom slechts een beperkt effect heeft. Werklozen zullen wel eerder en intensiever op zoek gaan naar werk, maar de totale werkgelegenheid stijgt door de WW-inkorting met slechts 0,1 procent, wat overeenkomt met zo'n 8000 voltijdbanen. Het kabinet had het CPB gevraagd om de plannen om te bezuinigen op de WW-uitkering door te rekenen.

Ook het verlagen of het verhogen van de WW-uitkering in de eerste twee maanden is onderzocht. Nu heeft iemand in die periode recht op 75 procent van zijn laatstverdiende loon. Jonneke Bolhaar van het CPB zegt dat haar organisatie heeft berekend wat er gebeurt als je de uitkeringen verlaagt naar 70 of verhoogt naar 80 procent. Bolhaar: "We zien dat dat ook een heel klein effect heeft. Afgerond komt dat neer op vrijwel 0 procent effect op de werkgelegenheid."

Het verschil met het inkorten van de WW zit hem er volgens Bolhaar vooral in dat deze maatregel iedereen in de WW raakt. "Als je 25 of 30 jaar bent en je wordt werkeloos, heb je recht op een aantal maanden WW. Dan heeft het op jou geen effect als de duur wordt ingekort van 24 naar 12 maanden. Vooral de mensen die al heel wat jaren hebben gewerkt, worden geraakt als de maximumduur wordt teruggebracht."

Protesten tegen versobering

Eerder deze maand werd bekend dat het kabinet een aantal voorgenomen bezuinigingen op de sociale zekerheid voor een groot deel heeft teruggedraaid. In eerste instantie was het plan van het kabinet om de verkorting van de maximale duur van de WW op 1 januari 2028 in te voeren, dit is met een jaar uitgesteld.

De afgelopen maanden werden er verspreid over het land veel protesten gehouden tegen versobering van sociale uitkeringen. De vakbonden zeggen nog altijd ontevreden te zijn over de aanpassingen. "De WW wordt nog steeds gehalveerd. Dat is en blijft onacceptabel", zei CNV-voorzitter Hans van den Heuvel eerder.

In Nederland ontvangen zo'n 195.000 mensen een WW-uitkering.

Economie draait verrassend goed: huishoudens meer te besteden, bedrijven hogere winsten

1 month 1 week ago

Ondanks alle politieke en economische turbulentie in de wereld blijft de economie het verrassend goed doen. In het tweede kwartaal van dit jaar groeide de economie met 0,6 procent. Eerder ging het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) nog uit van een groei van 0,4 procent.

Daarnaast blijkt uit nieuwe CBS-cijfers dat consumenten en ondernemers er in dezelfde periode op vooruit zijn gegaan. Voor een gemiddeld huishouden lag het reëel beschikbaar inkomen in het tweede kwartaal 0,7 procent hoger dan een jaar eerder. Het CBS corrigeerde die groei voor prijsstijgingen.

Huishoudens kregen vooral meer te besteden doordat de lonen stegen door betere cao-afspraken. De totale beloning van werknemers steeg het afgelopen kwartaal met 5 procent. Ook kwamen er meer banen bij en stegen de uitkeringen.

Winsten

Het betalen van hogere lonen lijkt bedrijven niet echt in hun winstgevendheid te raken. Het CBS rekende uit dat de brutowinst van bedrijven, dus voor belastingen, in het tweede kwartaal van dit jaar uitkwam op 93,2 miljard euro. Dat is 5,1 miljard euro meer dan een jaar geleden.

Het gaat om bedrijven die niet in de financiële sector actief zijn. Hun winsten stegen vooral doordat de operationele winst groeide. Dat is de winst voordat bedrijven in hun boeken nog diverse afschrijvingen moeten doen.

Optelsom van plussen

Onderaan de streep blijkt daardoor dat de economie in het afgelopen kwartaal 0,2 procentpunt harder is gegroeid dan eerder door het CBS gedacht. Het CBS stelde de eerste schatting van de economische groei in het eerste kwartaal ook al bij, van een kleine 0,1 procent naar een relatief aardige groei van 0,3 procent.

Waar in het eerste kwartaal de verkoop van elektrische auto's de economie nog op gang trok, spreekt hoofdeconoom Peter Hein van Mulligen nu van "een optelsom van plussen". "Alle extra informatie van na de eerste raming sloeg de positieve kant op. Van meer consumptie tot een hogere export. Alles deed het gewoon een beetje beter dan eerder geraamd."

Dat is best opvallend, stelt Van Mulligen: "Met de Nederlandse economie gaat het verrassend goed als je kijkt naar de situatie in de wereld. De verwachtingen voor dit jaar waren niet fantastisch, maar de gemiddelde groei is veel beter dan gedacht. Niet fantastisch, maar gezien de omstandigheden zeker niet slecht."

Advies: maak werk bij asielzoekers en statushouders vanaf begin hoofddoel

1 month 1 week ago

Om asielzoekers, statushouders en gevluchte Oekraïners meer en sneller aan het werk te krijgen, moet arbeid al kort na hun komst centraal komen te staan. Bijvoorbeeld door met een 'talentscan' meteen in kaart te brengen wat de ambities en talenten van deze 'nieuwkomers' zijn.

Om mensen beter te begeleiden naar (passend) werk, moeten gemeenten daarvoor een wettelijke verantwoordelijkheid krijgen, adviseert de Sociaal-Economische Raad (SER) aan het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.

"Werk geeft voldoening en eigenwaarde. Nieuwkomers hebben talenten. Zij kunnen en willen werken", zei minister Aartsen van Werk en Participatie afgelopen juni. Hij wil dat de komende vier jaar 75.000 meer statushouders en asielzoekers die grote kans hebben hier te mogen blijven, aan het werk gaan.

Wachten en verhuizingen

Het lukt de politiek nog niet om dit probleem aan te pakken. Begin dit jaar concludeerde de Algemene Rekenkamer nog dat Nederland er nauwelijks in slaagt om statushouders aan het werk te krijgen in sectoren met grote personeelstekorten.

Ook CBS-cijfers over de arbeidsparticipatie van statushouders laten dat zien. Zo heeft 57 procent van hen acht jaar na het verkrijgen van hun verblijfsstatus betaald werk. Dat is fors lager dan de gemiddelde arbeidsparticipatie in Nederland (73 procent). Ook werken veel nieuwkomers onder hun niveau van opleiding en ervaring, zegt de SER.

De problemen komen volgens de adviesraad mede door de manier waarop asielopvang is georganiseerd: met veel wachten en vaak meerdere verhuizingen. Ook is de inburgering nu moeilijk te combineren met werk.

"Nu hebben mensen vaak overdag taallessen, ook met reistijd. In de praktijk is dat al snel moeilijk te combineren met werk", zegt een SER-woordvoerder. "Je moet het meer integreren, en misschien ook de focus omdraaien. Wij vinden: mensen moeten kunnen werken of een opleiding volgen, en de vraag is hoe je taal en inburgering daaromheen kunt organiseren."

Veilige landen

Asielzoekers in Nederland die willen werken, moeten zelf werk zoeken. Het COA geeft wel advies, maar bemiddelt niet. En dat moet anders, zegt de SER. Gemeenten moeten daarom een duidelijke wettelijke taak en structureel geld krijgen om nieuwkomers direct te begeleiden naar werk en participatie, aldus de adviesraad.

Het kabinet wil dat asielzoekers vanaf drie maanden na een aanvraag aan de slag kunnen. De Tweede en Eerste Kamer moeten daar nog over beslissen. Op dit moment is de termijn zes maanden.

Voor mensen met een kleine kans op een asielvergunning geldt dit niet. Mensen uit bijvoorbeeld zogeheten veilige landen mogen door de nieuwe regels helemaal niet meer werken.

Techniek en zorg

De raad pleit niet alleen voor een eerder gesprek met nieuwkomers over talenten en ambitie, maar ook voor een "voortvarende asielprocedure en tijdige zekerheid over huisvesting". Dat is omdat de huidige onzekerheid werkgevers en nieuwkomers tegenhoudt om te investeren.

Volgens de SER moeten landelijke werkgevers- en werknemersorganisaties daarnaast de taak op zich nemen om concrete afspraken te maken met sectoren met grote personeelstekorten, zoals de techniek of zorg.

Gemeenten

In het advies is een grote rol weggelegd voor gemeenten: zij moeten behalve statushouders ook asielzoekers en Oekraïners gaan begeleiden naar werk. Maar hebben zij daar de ruimte voor? "Gemeenten kunnen dit alleen als er genoeg capaciteit is. Daar pleiten we dan ook voor", zegt de SER-woordvoerder.

De ambitie van minister Aartsen om binnen vier jaar 75.000 nieuwkomers aan het werk te hebben, moet niet het enige doel zijn, zegt de SER. "Het gaat niet alleen om werk maar ook werk op niveau. We kennen de verhalen van een arts die werkt als flitsbezorger. Dat is een even groot probleem."

De Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) laat weten dat gemeenten een rol "kunnen en willen" vervullen. De gemeenten vinden dat hun rol in de wet geregeld moet worden. Ook willen ze daarvoor geld krijgen vanuit het Rijk.

Een woordvoerder van minister Aartsen geeft aan al met de aanbevelingen aan de slag te zijn gegaan. Zo wordt er gewerkt aan het plan dat mensen overdag kunnen werken en niet naar een taalles hoeven voor hun inburgering.

Canadees ingenieursbureau staakt overnamepoging Arcadis

1 month 1 week ago

Het Canadese ingenieursbureau WSP Global staakt zijn pogingen om de Nederlandse branchegenoot Arcadis over te nemen. Het lukte niet om met Arcadis in gesprek te gaan over de voorwaarden voor een aandelenoverdracht, schrijft WSP Global in een persbericht. Het bedrijf blijft ervan overtuigd dat een overname voor beide partijen voordelig zou zijn.

WSP Global meldde zich deze zomer tot twee keer toe bij de leiding van Arcadis. Dat koos ervoor om zelfstandig te blijven. Topvrouw Heather Polinsky zei dat ze dit als de "meest effectieve weg" zag om waarde te creëren voor de aandeelhouders.

Het personeel, dat via een stichting 19 procent van de aandelen in handen heeft, was het daarmee eens, schreef het FD vorige maand.

De Canadezen zeiden in augustus dat ze uiterlijk 15 oktober een officieel bod bij de Autoriteit Financiële Markten (AFM) zouden indienen. Dat is nu van de baan.

Heidemij

Arcadis is de erfgenaam van de Nederlandsche Heidemaatschappij. Die werd in 1888 opgericht om heide, veen en zandverstuivingen geschikt te maken voor landbouw of de aanleg van bos. De Heidemij ging in 1995 naar de beurs. In 1997 veranderde de naam in Arcadis.

Het huidige Arcadis heeft ruim 34.000 mensen in dienst. Het bedrijf levert wereldwijd diensten op het gebied van infrastructuur, bouw, water en milieu.

EU wil meer marineschepen naar Rode Zee, maar 'aanpak energiecrisis ontbreekt'

1 month 1 week ago

EU-buitenlandcommissaris Kaja Kallas roept Europese landen op om, in navolging van Italië, meer marineschepen naar de Rode Zee te sturen. Sinds de Houthi's deze maand de controle over de zeestraat Bab el Mandeb overnamen, is de dreiging voor de commerciële scheepvaart daar weer sterk toegenomen.

"Als we niet ingrijpen, zullen de economische gevolgen rampzalig zijn", waarschuwde de Italiaanse minister van Defensie Guido Crosetto. Hij zei geen geduld te hebben voor "Europese bureaucratie" en dus maar zelf schepen die kant op te sturen.

De toegenomen dreiging in de Rode Zee komt bovenop de aanhoudende blokkade van schepen in de Straat van Hormuz. Italië is, meer dan andere Europese landen, sterk afhankelijk van de import van fossiele brandstoffen uit de Golfregio, dus in dat opzicht zijn de alarmistische woorden van minister Crosetto niet vreemd.

Maar de energiecrisis is nu al overal in Europa voelbaar en met de oplaaiende problemen met de Houthi's "zullen de hoge energieprijzen nog wel even aanhouden", zegt Lucia van Geuns, energie-expert bij het HCSS.

Het roept de vraag op: wat kan, of móet Europa doen om de energieprijzen te beteugelen en de energiezekerheid in de toekomst te garanderen?

'Strategie ontbreekt'

De afgelopen maanden namen Europese landen afzonderlijk maatregelen om de last voor burgers te verlichten. Die varieerden van accijns- of btw-verlaging op brandstof, tot het instellen van een prijsplafond. Maatregelen die volgens deskundigen niet de mensen helpen die het 't hardst nodig hebben en waardoor de vraag naar fossiele brandstoffen niet afneemt.

"Een lappendeken aan beleid", noemt analist Van Geuns de maatregelen. "Een duidelijke Europese strategie ontbreekt." Het is een houding die haar doet denken aan de gascrisis in 2022, na het uitbreken van de oorlog in Oekraïne. Nederland en Duitsland pasten toen snel hun havens aan om ze geschikt te maken voor de invoer van vloeibaar gas uit de VS, maar daar bleef het bij.

"Je zou hopen dat Europese landen daarvan zouden leren en de handen ineen zouden slaan om weerbaarder te worden voor dit soort crises. Maar dat zie ik niet gebeuren." Het past volgens Van Geuns in een patroon van "reactief beleid" binnen de EU.

Nieuwe samenwerkingen

Geo-economisch analist Michel don Michaloliakos van het Haagsch Instituut voor Geopolitiek vindt ook dat eensgezinde EU-actie lang op zich laat wachten. Hij stelt met name dat Europa "schittert in afwezigheid" als het gaat om het smeden van nieuwe samenwerkingen met energieproducerende landen. Landen als Saoedi-Arabië, de Emiraten en Irak werken al aan alternatieve olie- en gasroutes die de Straat van Hormuz kunnen omzeilen.

Gisteren kondigde de VS aan miljarden te investeren in deze projecten in het Midden-Oosten. Europa zou er verstandig aan doen dit voorbeeld te volgen, vindt Don Michaloliakos. "De EU zou aan tafel moeten zitten bij het hertekenen van die energieroutes, zonder de afhankelijkheid volledig te verplaatsen. We hebben gezien dat landen als Rusland, Iran en soms zelfs de VS ons proberen te chanteren met hun energieleveranties. Je wil over een paar jaar niet opnieuw de klos zijn omdat je van een ander land afhankelijk bent."

Buffers en energietransitie

Energie-expert Van Geuns plaatst als kanttekening dat de invloed van EU-landen op projecten in het Midden-Oosten zeer beperkt is. De oliebedrijven van die landen sluiten contracten af met Europese bedrijven, niet met overheden. Wat Europese overheden wel kunnen doen, is investeren in de eigen energie-infrastructuur en de energietransitie versnellen, zegt Van Geuns.

Bij die eerste doelt de analist op het aanleggen van buffers om risico's te kunnen opvangen. "Voor olie en olieproducten is dat in Europa georganiseerd via de strategische olievoorraad van de IEA, maar voor gas is die strategische voorraad er nog niet."

Daar wordt op dit moment wel aan gewerkt, zowel in Nederland als in Europees verband, zegt Van Geuns. "Zodat we bij een volgende calamiteit, zoals een oorlog, of als de VS plots besluit geen gas meer te exporteren, voldoende noodvoorraad hebben. Dat kost geld, maar het is een verzekering die we moeten inbouwen."

"Maar het belangrijkste is natuurlijk het versnellen van de energietransitie", vervolgt Van Geuns. "Hoe meer energie we zelf kunnen opwekken, hoe minder kwetsbaar we zijn voor geopolitieke spanningen."

'Subsidie voor elektrische occasion vooral interessant voor middeninkomens'

1 month 1 week ago

Het kabinet wil mensen met lagere inkomens tegemoetkomen bij de aanschaf van een tweedehands elektrische auto. Wanneer mensen overstappen naar zo'n occasion kunnen ze tot 6000 euro aan subsidie krijgen, zo werd gisteren bekend.

"We weten dat particulieren minder vaak elektrisch rijden en dit is een manier om ze mee te krijgen", ziet Rico Luman, sectoreconoom Transport en Logistiek bij ING. Volgens hem verdwijnen veel zakelijke elektrische auto's na een aantal jaar naar het buitenland, omdat er te weinig particulieren zijn die ze aanschaffen. "Met die subsidie kun je dat tegengaan."

Zo'n auto is voor de lagere inkomensgroepen op dit moment namelijk vaak te duur. Met de regeling wil het kabinet die inkomens compenseren voor de hogere energie- en brandstofprijzen. "Het kabinet vindt het van groot belang dat ook mensen met een smalle beurs de overstap kunnen maken naar een elektrische auto en kunnen profiteren van de voordelen hiervan", liet staatssecretaris Bertram van Infrastructuur en Waterstaat weten.

Voor de regeling is in totaal 52,4 miljoen euro gereserveerd. Iemand met een inkomen van 12.500 tot en met 27.533 euro kan 6000 euro subsidie krijgen, iemand met een inkomen tussen de 27.534 en 35.793 euro kan 4000 euro subsidie krijgen. In ruil voor de steun moeten aanvragers van de subsidie hun benzine- of dieselauto wel naar de sloop brengen.

Nieuw vs. tweedehands

Het aanbod van nieuwe zakelijke elektrische auto's steeg de afgelopen jaren flink. Dat komt doordat leasemaatschappijen ze in toenemende mate op de markt brengen.

Maar nieuwe elektrische auto's, met prijzen vanaf 20.000 euro, zijn voor veel mensen buiten bereik. Tweedehands auto's zijn dan een uitkomst. In principe zijn die in trek, constateerde branchevereniging Bovag eerder dit jaar. Er zijn meer mensen die elektrisch willen rijden nu de brandstofprijzen zo hoog liggen.

Toch hikken veel mensen ook tegen de prijs van tweedehands elektrische auto's aan. Je kunt er vanaf 5000 euro een kopen, terwijl een gemiddelde benzineauto rond de 2500 euro kost. Bovendien hebben deze elektrische modellen een korte actieradius: ze kunnen niet heel ver rijden op een volle accu.

Met name voor middeninkomens

Een subsidie kan dan helpen, maar volgens econoom Luman zijn het niet de lagere inkomens maar de middeninkomens die er baat bij hebben. "Middeninkomens kopen bijna alleen maar occasions. Je ziet dat lagere inkomens vaker met het ov reizen en hiermee nog niet over het geld beschikken om die auto te kopen."

Bovendien zijn er vaak nog andere belemmeringen die het kopen van een auto in de weg zitten, ziet Luman. "Mensen zullen nog steeds kijken naar de autobelastingen en ook thuisladen kan niet iedereen", zegt hij.

Om de subsidie te laten slagen hoopt Luman dat er meer goedkopere elektrische tweedehands modellen op de markt komen. Hoe meer nieuwe elektrische auto's er komen, hoe meer er op den duur ook op de tweedehandsmarkt belanden.

Staatssecretaris Bertram werkt de verdere voorwaarden op dit moment uit en adviseert mensen die gebruik willen maken van de subsidie de definitieve voorwaarden af te wachten.

Rekenkamer: ministers vaag over plannen en besteding miljarden

1 month 1 week ago

In 2027 wil het kabinet 517 miljard euro uitgeven, maar daarbij ontbreekt het bij veel ministeries aan een duidelijke plan of doel. Als er wel een doel is, blijft het vaag of dat haalbaar is. Dat zegt de Algemene Rekenkamer in een brief aan de Tweede Kamer, een week na Prinsjesdag.

Er is onder meer structureel te weinig geld voor het noodzakelijke onderhoud van wegen en het spoornet en het is maar de vraag of de extra miljarden voor defensie en de landbouwsector nuttig besteed worden. Ook zijn bezuinigingen op de ambtenarij niet goed doordacht, staat in de brief.

Weliswaar zijn de cijfers in de Miljoenennota voor 2027 beter te snappen dan voorgaande jaren, maar zonder duidelijke doelen wordt het voor de Tweede Kamer erg lastig om het kabinet te controleren, waarschuwt de Rekenkamer.

Geen doel

"Slechts enkele ministers stellen controleerbare hoofddoelen", schrijft de Rekenkamer. "Alleen de begrotingen van de ministers van Economische Zaken, Klimaat & Groene Groei, Financiën, Infrastructuur & Waterstaat en Volkshuisvesting & Ruimtelijke Ordening bevatten concrete en meetbare doelen. In de andere begrotingen ontbreken deze."

Soms ontbreekt het doel helemaal, zoals bij het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW). "In de begroting van OCW van totaal 60 miljard euro is niet helder welke resultaten de minister met dat geld voor Nederland wil bereiken", zegt Pieter Duisenberg, president van de Algemene Rekenkamer.

Dat maakt het niet alleen voor de Tweede Kamer lastig om te controleren. Ook voor inwoners en bedrijven blijft het op die manier onduidelijk wat de overheid van plan is, waarschuwt Duisenberg.

Risico's

Soms benoemen ministers risico's in hun plannen. Zo waarschuwt het ministerie van Volksgezondheid voor een groeiend personeelstekort in de zorg. Het ministerie van Volkshuisvesting ziet dat het overvolle stroomnet en het stikstofprobleem woningbouw in de weg staan.

Eerder waarschuwde het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat al "dat niet alles kan". De Rekenkamer gaat nu een stap verder en waarschuwt dat het ministerie structureel te weinig geld krijgt om basale doelen te bereiken. Zelfs het noodzakelijke onderhoud aan wegen, bruggen en het spoornet staat onder druk, waarschuwt de Rekenkamer.

EU-afdrachten

Ook rekent Nederland zich mogelijk rijk als het gaat om wat er betaald moet worden aan Europa. Op dit moment onderhandelen de EU-lidstaten over hoeveel zij aan de Europese Unie moeten gaan afdragen. De Rekenkamer houdt er rekening mee dat de Nederlandse afdracht in de Miljoenennota een paar miljard te laag wordt ingeschat.

Al kan er ook plotseling te veel geld beschikbaar zijn. Zo zijn er miljarden extra vrijgemaakt voor de uitkoop van boeren en voor de groei van defensie. Het is maar de vraag of die ministeries dat geld wel uit kunnen geven. Daarnaast bestaat het gevaar dat de overheid met zoveel geld op zak te veel betaalt aan, bijvoorbeeld, nieuw defensiematerieel.

Ambtenarij

Tot slot moet het kabinet beter nadenken over de gevolgen van het snijden in de overheid. In de afgelopen vijf jaar stegen de kosten voor rijksambtenaren van 10 miljard naar 16 miljard. Het vorige kabinet wilde al op termijn een miljard bezuinigen op het ambtenarenapparaat, maar in de praktijk liepen de kosten alleen maar op.

Het huidige kabinet Jetten wil 3,4 miljard bezuinigen op het overheidsapparaat. In eerste instantie zouden de bezuinigingen zich vooral richten op ambtenaren die beleid maken. Inmiddels is duidelijk dat ook ambtenaren ontslagen kunnen worden die het beleid uitvoeren.

De gevolgen daarvan zijn niet in kaart gebracht door het kabinet, zegt de Rekenkamer. Door uitvoeringsambtenaren te ontslaan bestaat het gevaar dat de publieke dienstverlening verslechtert, terwijl het kabinet juist een betere service belooft voor Nederlanders.

Miljoenenboete voor Zwitserse bank voor het helpen van Nederlandse 'zwartspaarders'

1 month 1 week ago

Het Openbaar Ministerie heeft de Zwitserse bank UBS een boete van 5 miljoen euro opgelegd. Die boete is bedoeld voor Credit Suisse, dat in 2023 werd overgenomen door UBS. Volgens het OM gaf de bank jarenlang hulp aan Nederlandse 'zwartspaarders'.

Het gaat om twaalf verschillende klanten, die in de periode tussen 2005 en 2015 hun spaargeld op de Zwitserse bankrekening hadden gezet, om dat zo buiten het zicht van de Belastingdienst te houden.

Credit Suisse hielp die Nederlandse klanten vervolgens bij het openen van rekeningen en hield hun post vast. Ook bood de bank de mogelijkheid om bij contact met de bank een codenaam te gebruiken. Volgens het OM zou Credit Suisse daardoor medeplichtig zijn aan het doen van tachtig onjuiste belastingaangiftes.

Onderzoek

Al in 2016 begon de financiële opsporingsdienst FIOD onder leiding van het OM een onderzoek naar de zwartspaarders. Daaruit bleek al dat Credit Suisse betrokken was bij de onjuiste belastingaangiften van Nederlandse spaarders.

UBS heeft toegezegd om de 5 miljoen euro te betalen. Het OM zal de bank daarom niet verder vervolgen.

Volgens het OM waren er meer klanten van wie de belastingaangiftes niet klopten, maar is besloten om het onderzoek te beperken tot deze twaalf klanten. Zij hebben inmiddels naheffingen en boetes gekregen.

NOS Economie