Overslaan en naar de inhoud gaan

Een jaar na Trumps importheffingen, hoe staan we ervoor?

2 weeks ago

Vandaag een jaar geleden kondigde president Trump hoge importheffingen aan. 'Liberation Day', noemde hij het: bevrijdingsdag. De heffingen moesten de Amerikaanse economie helpen. Een importheffing is een belasting op een product uit het buitenland. Die moet betaald worden door het bedrijf dat het product importeert.

Er volgde een jaar vol dreigementen, onderhandelingen, uitstel, verdere verhogingen, verlagingen, rechtszaken en gerechtelijke uitspraken. Het resultaat is dat er fors hogere importheffingen in de VS betaald worden dan voor Trumps aantreden. Vier vragen over één jaar handelsoorlog.

Wat is de situatie nu?

Bij Trumps aantreden in januari 2025 was de gemiddelde Amerikaanse importheffing minder dan 3 procent. In de eerste maanden liep die al op, voor bijvoorbeeld staal kondigde hij in maart al verhogingen aan. Daarna kwamen de massale verhogingen in april.

Afgelopen februari verbood het hooggerechtshof de 'Liberation Day'-heffingen. Trump gebruikte een wet die voor noodsituaties geldt en daarvan was volgens de rechters geen sprake.

Daarop voerde Trump meteen opnieuw minimumheffingen in van 10 procent wereldwijd, op basis van een andere wet. Die heffingen zijn tijdelijk, na 150 dagen moet het Congres stemmen over verlenging.

Wie betaalt?

Vooral Amerikaanse consumenten en bedrijven zijn duurder uit, blijkt uit berekeningen van de Amerikaanse centrale bank. Eind 2025 werd slechts 14 procent van de heffingen 'betaald' door buitenlandse bedrijven die exporteren naar de VS. Ze verlagen dan prijzen om concurrerend te blijven en maken daardoor minder winst.

Het overgrote deel, 86 procent, wordt betaald door consumenten en bedrijven in de VS. Volgens een Amerikaanse denktank zijn nu vooral consumenten de dupe. In het begin draaiden met name importerende Amerikaanse bedrijven op voor de heffingen. Ze konden hogere prijzen niet meteen doorberekenen, maar dat lukt ze steeds beter. Sinds eind 2025 zijn het vooral Amerikaanse consumenten die meer betalen.

Hoeveel last hebben Nederlandse bedrijven ervan?

Volgens de Nederlandse brancheorganisatie van exporterende bedrijven verschillen de gevolgen per bedrijf. "Sommige hebben zich helemaal moeten terugtrekken uit de Amerikaanse markt", zegt Elmar Otten van Evofenedex. "Andere konden juist kansen pakken doordat een concurrent uit een ander land nog slechter af was met een nog hoger importtarief."

Van Nederlandse bedrijven die naar de VS exporteren, zag 23 procent de export vorig jaar dalen, zo onderzocht Evofenedex. Maar bij een groter deel, 46 procent, steeg in dit eerste jaar van hogere heffingen de exportomzet.

"Ik hoor van bedrijven wel dat ze hun verwachtingen voor de VS voor de langere termijn hebben verlaagd", zegt Otten. "Een volgende Amerikaanse regering zal het heffingsinstrument mogelijk ook gebruiken. Dus even de Trump-regering uitzitten, zit er denk ik niet in. Het is daarom fijn dat de EU vaart zet achter handelsakkoorden met andere landen en regio's. Onlangs waren er deals met India, Australië en Zuid-Amerikaanse landen, dat is enorm belangrijk."

Meer Amerikaanse fabrieksbanen?

Een belangrijk doel van Trump was het stimuleren van de Amerikaanse industrie. Door spullen uit het buitenland duurder te maken, zou er meer in Amerika zelf geproduceerd worden, was het idee. Maar vooralsnog komen er geen banen bij in de industrie. Tussen april 2025 en februari 2026 is het aantal banen in de maakindustrie juist licht gedaald, met zo'n 89.000.

Volgens de Trump-regering zal de industrie op de langere termijn wel groeien. "Het kost tijd om nieuwe fabrieken draaiende te krijgen. Daarom zal het nog enige tijd duren tot we de voordelen zullen zien van de maatregelen van de president", zegt het Witte Huis.

Onderzoek naar eerdere heffingen van Trump laat zien dat er niet geheid banen bijkomen. In zijn eerste ambtstermijn in 2021 verhoogde Trump ook sommige heffingen, met name op staal en aluminium. Buitenlands staal werd duurder, waardoor binnenlands staal aantrekkelijker werd. Het effect was toen dat er bij Amerikaanse staalproducenten banen bij kwamen.

Maar bij bedrijven die moesten overschakelen van relatief goedkoop buitenlands naar relatief duur Amerikaans staal verdwenen banen. Want hun productiekosten stegen door dat duurdere staal. Alles bij elkaar daalde het aantal banen in de industrie daardoor juist.

CBS: cao-lonen omhoog in eerste kwartaal

2 weeks ago

De cao-lonen stegen in het eerste kwartaal van dit jaar, meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Bij bedrijven gingen de lonen meer omhoog dan bij de overheid.

Vergeleken met het eerste kwartaal van 2025 gingen de cao-lonen in de eerste drie maanden van dit jaar met 4,5 procent omhoog. Als je in de berekeningen de inflatie verwerkt, blijft er een stijging van 2 procent over.

Uitschieters

Bij bedrijven gingen de cao-lonen met 4,9 procent omhoog, bij de overheid een stuk minder: 3,4 procent. Uitschieters zijn de cao's voor medewerkers van wooncorporaties (+8,1 procent) en de bouw (+7,2 procent).

De cijfers van één kwartaal vormen een momentopname die niet zo veel zegt over de ontwikkeling op langere termijn. Een flinke stijging van het cao-loon in een sector is vaak een inhaalslag om een eerdere achterstand goed te maken en niet achter te blijven bij andere sectoren.

Als je wat verder kijkt dan de eerste drie maanden van dit jaar, valt op dat de sterke stijging van de lonen van de afgelopen jaren doorzet, zegt CBS-hoofdeconoom Peter Hein van Mulligen. "Voor de ene bedrijfstak wat meer, voor de andere wat minder. De overheid blijft een beetje achter. Maar over de hele linie hebben werknemers niet zo veel te klagen."

Inflatie

Grote vraag is of de cao-lonen de komende kwartalen blijven stijgen. Prijzen gaan omhoog, vooral als gevolg van de oorlog in het Midden-Oosten. Vakbonden zullen die stijgingen geheel of gedeeltelijk willen goedmaken in de cao's.

Aan de andere kant wordt het voor veel bedrijven moeilijker om geld te verdienen door de hoge energieprijzen. En het kabinet-Jetten wil de ambtenarensalarissen voor ten minste een jaar bevriezen. "Ik ben heel benieuwd wat er de komende tijd gaat gebeuren", zegt Van Mulligen.

Tweedehands elektrische auto in trek door dure benzine en diesel

2 weeks ago

Carina en Jan de Nijs zitten nog wat onwennig in een tweedehands elektrische auto. Ze staan op het punt om een proefrit te maken. "We zijn binnen nu en een jaar toch aan een nieuwe auto toe", aldus Carina. "Dus we zeiden, met de gestegen benzineprijzen, loont het de moeite om alvast te gaan kijken."

En zo zijn er meer mensen die elektrisch willen gaan rijden, nu de brandstofprijzen historisch hoog liggen. Vooral tweedehands elektrische auto's zijn populair, blijkt uit cijfers van brancheorganisatie Bovag.

In maart, de eerste volle maand sinds het begin van de oorlog tegen Iran, werden maar liefst 50 procent meer gebruikte elektrische auto's (EV's) verkocht dan in de maand daarvoor. Daarmee komt de toename in de verkoop van tweedehands EV's in een stroomversnelling.

Volgens Bob Velthuis van Bovag is die stijging grotendeels te verklaren door de gestegen prijzen aan de pomp. "Voor consumenten is het uiteindelijk een simpele rekensom", zegt hij. "Brandstof is duur en er komen steeds meer betaalbare elektrische occasions op de markt en daarmee wordt elektrisch rijden voor een grotere groep een realistische optie".

Verder kunnen mensen die thuis hun auto opladen sinds begin dit jaar certificaten verkopen aan vervuilende bedrijven. De invoering van dat systeem draagt mogelijk ook bij aan een toename in de vraag naar elektrische auto's.

Johan Meure, eigenaar van een autobedrijf in Purmerend, ziet de groei terug in zijn showroom. "De laatste weken is er een behoorlijk explosieve toename in de vraag naar gebruikte elektrische auto's. Ik denk wel 35 tot 40 procent", zegt hij.

Online vergelijkingsplatform Gaspedaal.nl laat weten dat mensen sinds het begin van de energiecrisis vaker op advertenties van elektrische auto's klikken.

Occasionland

Nederland staat bekend als occasionland. Vorig jaar werd er een recordaantal gebruikte auto's verkocht. Ons wagenpark is gemiddeld dan ook ouder dan dat van onze buurlanden, blijkt uit data van de Europese brancheorganisatie ACEA.

Toch is de markt voor elektrische occasions nog altijd relatief klein, blijkt uit de cijfers van Bovag. De afgelopen drie maanden werden er bijna 35.000 elektrische occasions verkocht, op een totaal van ruim 540.000 verkochte tweedehands auto's. Dat is een marktaandeel van zo'n 6,5 procent.

Het aanbod van gebruikte elektrische auto's is de afgelopen jaren wel flink gestegen. Dat komt doordat leasemaatschappijen ze in toenemende mate op de markt brengen. Ze doen dat nadat de auto's een aantal jaren door leaserijders zijn gebruikt.

Tot voor kort bleef het voor mensen vaak financieel toch niet aantrekkelijk genoeg om op een EV-occasion over te stappen. Dat had onder meer te maken met het wegvallen van belastingvoordelen en andere gunstige regelingen. Het gevolg was dat duizenden gebruikte EV's werden geëxporteerd naar landen als Noorwegen die wel gunstige regelingen hebben.

Twijfels

Daarnaast is er vaak een psychologische drempel om over te stappen op elektrisch, ziet gedragspsycholoog Daan Remarque. "Een elektrische auto brengt allerlei nieuwigheden met zich mee en dat leidt tot terughoudendheid. Mensen durven soms geen tweedehandse elektrische auto te kopen door mythes over de kwaliteit van een gebruikte batterij", zegt hij.

Autohandelaar Johan Meure ziet die twijfels geleidelijk verdwijnen bij zijn klanten. "Gebruikte elektrische auto's zijn veel beter dan verwacht", zegt hij. "Wij doen metingen van batterijen en dan blijkt dat auto's van 5 jaar of ouder vaak nog 90-95 procent of zelfs 100 procent van hun batterijcapaciteit hebben"

Remarque gelooft dat de huidige energiecrisis het koopgedrag van mensen kan veranderen. "En als mensen eenmaal elektrisch rijden, willen ze niet meer terug."

Meure denkt wel dat de prijs van gebruikte elektrische auto's de komende tijd gaat oplopen door de gestegen vraag. "En dan praat je niet over een paar honderd euro", voegt hij toe.

Carina en Jan zijn ondertussen terug van hun proefrit. "Dit rijdt als een zonnetje. Heel lekker stil en ook ideaal met die automaat", zegt Carina. En of ze er ook mee wegrijden? "Wij zijn al verkocht, maar de auto nog niet", antwoordt Jan lachend. "We gaan er even rustig over denken", voegt Carina toe.

Europese Commissie zet eerste stap in versoepeling emissiehandelssysteem

2 weeks ago

De Europese Commissie wil het klimaatbeleid van de Europese Unie versoepelen. Aanleiding is de moeilijke situatie van de industrie en de dreigende energiecrisis door de Iran-oorlog. Die versoepeling raakt het zogenoemde emissiehandelssysteem ETS van de EU, de basis van het klimaatbeleid.

Grote bedrijven in Europa moeten certificaten kopen voor de CO2 die ze uitstoten. Dat is bedoeld als prikkel voor de bedrijven om zuiniger om te gaan met energie en minder broeikasgassen uit te stoten.

Jaarlijks bepaalt de EU hoeveel van deze CO2-certificaten er op de markt komen. Als de pot met certificaten te vol raakt, gaat nu nog een deel de prullenbak in. Dat heet de marktstabiliteitsreserve. Tot dusver gebeurde dat al met 3,2 miljard certificaten.

De Europese Commissie wil nu stoppen met dit 'weggooien'. Alle certificaten blijven in de pot, waardoor ze goedkoper worden en Europese bedrijven minder geld kwijt zullen zijn aan de verduurzamingseisen van de EU.

Het Europese emissiehandelssysteem (ETS)

ETS staat voor Emission Trading System, het Europese emissiehandelssysteem voor uitstootrechten van broeikasgassen. Het bestaat sinds 2005 en regelt dat bedrijven moeten betalen voor hun CO2-uitstoot. Voor elke ton CO2 die ze uitstoten, moeten ze een certificaat kopen, vooral grote bedrijven en elektriciteitscentrales die relatief veel CO2 uitstoten.

Lange tijd waren de prijzen van de CO2-rechten laag, waardoor de prikkel voor bedrijven om te verduurzamen niet sterk was. Daarom wordt het aantal rechten nu elk jaar minder. Daardoor kunnen de bedrijven elk jaar iets minder uitstoten en wordt uitstoten duurder. Zo dwingt het systeem Europese bedrijven om te verduurzamen. Uiteindelijk moet de uitstoot van de Europese Unie naar netto nul in 2050.

Deze ingreep die de Commissie wil doen, moet ertoe leiden dat de Europese industrie de internationale concurrentie beter aankan. Energie-intensieve bedrijven in Europa hebben moeite met concurreren met de rest van de wereld en krijgen nu ook nog te maken met stijgende energieprijzen door de Iran-oorlog.

"Dit voorstel is bedoeld om stabiliteit te brengen en de volatiliteit van de markt te verminderen", zegt een woordvoerder van de Europese Commissie.

Meer tijd voor verduurzaming

Het plan leidt waarschijnlijk niet direct tot lagere prijzen waar bedrijven van profiteren, maar op de langere termijn kan het wel verdere prijsstijgingen van certificaten en energie afremmen. En het geeft Europese bedrijven meer tijd en ruimte om te verduurzamen.

Het is waarschijnlijk niet het laatste voorstel om het emissiehandelssysteem aan te pakken. In juli wordt het hele systeem onder de loep genomen. Dat leidt er mogelijk toe dat er meer en langer rechten op de markt komen.

Lange tijd was het taboe om vraagtekens te zetten bij het ETS en de werking ervan. De schroom hierover lijkt de afgelopen maanden verdwenen. Steeds meer lidstaten, waaronder Italië, pleiten ervoor om het systeem op te schorten en zo het concurreren voor Europese bedrijven makkelijker te maken.

Andere landen, waaronder Nederland en Zweden zijn tegen, omdat ze vrezen dat het Europa's belangrijkste instrument om klimaatverandering te bestrijden, ondermijnt.

Niet alle bedrijven zijn voorstander van het afzwakken of opschorten van ETS. Het systeem zorgt er ook voor dat verduurzaming loont; veel groene bedrijven zouden eronder lijden als het wegvalt. Ook werkt de EU aan een CO2-heffing aan de grens die de oneerlijke concurrentie van bedrijven uit landen zonder klimaatbeleid enigszins ondervangt.

Zowel de lidstaten als het Europees Parlement moeten het voorstel nog goedkeuren.

Centraal in het Europese klimaatbeleid staat het betalen voor klimaatvervuiling. Ieder bedrijf en iedere burger gaat daar op termijn iets van merken. Bekijk hoe dat zit in deze video:

Het succes van 50 jaar Apple is vooral het succes van de iPhone

2 weeks ago

Apple bestaat vijftig jaar. Het Amerikaanse bedrijf veranderde in zijn beginjaren radicaal hoe computers voor thuis werden gebruikt, met de Apple II (1977) en de iMac (1998). In 2007 deed Apple hetzelfde met de smartphone; het bedrijf teert nog altijd op dat succes van de iPhone.

De iPhone is misschien wel het succesvolste stuk consumentenelektronica dat ooit is gemaakt. Apple verdient jaarlijks dik 200 miljard dollar aan de verkoop ervan en dat is meer dan de helft van de totale inkomsten van het bedrijf. Onder meer daardoor is Apple na chipmaker Nvidia het waardevolste bedrijf ter wereld.

Dat succes had nooit kunnen plaatsvinden zonder een van Apples eerste computers: de Apple II, schrijft techsite The Verge. Computers waren in de jaren 70 iets voor hobbyisten die ze zelf in elkaar zetten. Apple pakte het anders aan: de computer kon aangesloten worden op een scherm.

Elke computer voor de Apple I was een vreselijk, onbegrijpelijk apparaat, behalve voor computerexperts, zei Apple-medeoprichter Steve Wozniak in 2014 tegen Bloomberg. "De Apple I was de eerste computer met een scherm, een televisie. Je typt de woorden op je toetsenbord en ziet ze verschijnen op de televisie", zei Wozniak. "Dat was een keerpunt in de geschiedenis."

Het was Wozniak die de computers ontwierp en in elkaar zette. In het eerste jaar van de Apple I uit 1976 werden er zo'n honderd verkocht. De Apple II van een jaar later deed het beter: een paar duizend in een jaar tijd.

De Apple II werd pas echt een succes nadat twee programmeurs en ondernemers in 1979 een spreadsheetprogramma hadden uitgebracht, speciaal voor dit apparaat, schrijft The Verge. Daarmee konden boekhouders en accountants hun werk veel sneller doen dan met pen en papier.

Vertrek en terugkeer Steve Jobs

In 1984 introduceerde Apple de Macintosh: computer en scherm in één apparaat, met een muis om hem te bedienen. De computer is vooral iconisch vanwege de reclame die datzelfde jaar werd uitgezonden. De boodschap was: de Macintosh is anders.

Toch was de Macintosh in eerste instantie geen verkoopsucces. Het apparaat was te duur, de Apple II verkocht beter. Ook de voorgangers van de Macintosh waren in dat opzicht een mislukking. Het leidde uiteindelijk tot het vertrek van medeoprichter Steve Jobs in 1985.

In de jaren 90 keerde Jobs terug, toen het niet goed ging met Apple, onder meer door concurrentie van Microsoft Windows. Met Jobs' terugkeer brak een gouden tijd aan voor Apple, analyseert The Verge. De introductie van de iMac in 1998 was het begin van "een van de succesvolste periodes" die een bedrijf heeft gekend.

De piek van dat succes ligt in 2007 met de introductie van de iPhone. Het apparaat bepaalt voor een groot deel hoe smartphones er ook vandaag nog uitzien.

Niet alleen succes

De iPhone leverde ook na Jobs' dood in 2011 genoeg geld op om ook fouten te maken. Zo kondigde Apple in 2017 een apparaat aan waarmee drie verschillende apparaten tegelijk draadloos konden worden opgeladen. Het product is nooit uitgebracht.

Het Amerikaanse bedrijf had ook grotere plannen die mislukten. In 2024 stopte Apple met de ontwikkeling van een auto, nadat het bedrijf er volgens Bloomberg tien jaar mee bezig was geweest. Het project zou meer dan een miljard dollar per jaar hebben gekost.

De nieuwste gadget van Apple is een soort skibril waarmee je virtuele beelden kunt bekijken en die twee jaar geleden in de verkoop ging. Het apparaat is geen verkoopsucces, maar laat wel zien dat Apple op zoek is naar het volgende grote ding, schrijft Bloomberg.

Het volgende grote ding

Apple werkt volgens Bloomberg aan een bril en een hanger die als ketting gedragen kan worden of vastgemaakt kan worden aan een kledingstuk. De apparaten zouden zijn voorzien van een camera en microfoon, zodat de drager ze met zijn stem kan bedienen.

Grote concurrenten zijn daarom niet alleen Microsoft voor computers en Samsung voor smartphones, maar ook Meta (van Facebook) en OpenAI (van ChatGPT). Meta heeft al een camerabril uitgebracht en OpenAI werkt aan een apparaat waarover weinig bekend is. Daarmee betreedt Apple een nieuwe markt waarvan nog onduidelijk is of die succesvol gaat zijn.

Apples tablets, horloges en koptelefoons leveren het bedrijf geld op, maar niets komt in de buurt van het succes van de iPhone. Er zijn er inmiddels meer dan drie miljard van verkocht.

Ook Douwe Egberts definitief in Amerikaanse handen

2 weeks 1 day ago

JDE Peet's, het moederbedrijf van onder meer Douwe Egberts en L'OR Espresso, is volledig eigendom geworden van Keurig Dr Pepper. De Amerikaanse concurrent maakte vandaag bekend 96 procent van de aandelen van JDE Peet's te hebben gekocht.

Keurig Dr Pepper deed eind vorig jaar een bod op alle aandelen van het in Amsterdam gevestigde JDE Peet's. Nu het concern 96 procent van de aandelen in handen heeft, wordt de koffiemaker eind deze maand van de Amsterdamse beurs gehaald.

Keurig Dr Pepper wil zich vervolgens eind volgend jaar opsplitsen in twee bedrijven: koffiebedrijf Global Coffee Co. en frisdrankenproducent Beverage Co. Onder Keurig Dr Pepper vallen merken als Dr Pepper en 7Up. Beide bedrijven krijgen een notering aan de Amerikaanse beurs.

Ook Calvé in Amerikaanse handen

JDE Peet's ontstond in 2019 toen Jacobs Douwe Egberts door de Duitse investeerder JAB werd samengevoegd met Peet's, een Amerikaans koffiemerk. Zes jaar geleden ging het bedrijf naar de beurs in Amsterdam. Beleggers die hun aandelen nog niet aan de nieuwe eigenaar hebben verkocht krijgen nog tot 13 april de tijd.

Gisteren maakte Unilever bekend de divisie met voedingsmiddelen te verkopen aan specerijenproducent McCormick. Daarmee komen producten als Calvé, Cup A Soup en Hellmann's-mayonaise in Amerikaanse handen. Wel komt het internationale hoofdkantoor van McCormick mogelijk in Nederland en zou hier ook een beursnotering kunnen volgen.

Onrust rond private credit: investeerders willen hun geld terug, waarom?

2 weeks 1 day ago

Financiële toezichthouders maken zich grote zorgen over private credit-fondsen. Steeds meer beleggers willen hun geld uit deze fondsen opnemen, maar dat stuit op problemen.

Wat is er aan de hand? Vijf vragen en antwoorden.

Wat is private credit?

Dit zijn leningen aan bedrijven zonder tussenkomst van een bank. Het geld wordt uitgeleend door bijvoorbeeld rijke privépersonen, verzekeraars of pensioenfondsen. Dat gaat soms rechtstreeks aan het bedrijf dat het geld nodig heeft, soms via een fonds.

Private credit bestaat al langer. Als gevolg van de financiële crisis in 2008 vragen banken meer zekerheid van bedrijven die geld willen lenen dan voorheen, bijvoorbeeld garanties in de vorm van een gebouw of voorraad, in het geval de lening niet kan worden terugbetaald.

Een kleiner bedrijf kan deze zekerheid niet altijd bieden en dan is private credit een uitkomst. "Hoe fijn is het als een bedrijf zo wel geld kan ophalen?" zegt Albert Menkveld, hoogleraar Finance aan de Vrije Universiteit in Amsterdam.

"Ze hoeven niet te voldoen aan alle eisen van traditionele geldverstrekkers en kunnen eigen afspraken maken met de partijen die geld uitlenen." De afspraken houden vaak in dat investeerders voor een langere periode geld uitlenen.

Waar gaat de onrust over?

In Amerika zijn grote investeringsfondsen tijdelijk gestopt met het betalen van beleggers die hun geld terugvroegen. Een van de redenen dat beleggers hun geld willen opnemen, is de angst dat kunstmatige intelligentie niet zoals beloofd leidt tot hogere efficiëntie, vooral niet bij softwarebedrijven.

"Door de opkomst van kunstmatige intelligentie gaan veel beleggers twijfelen of bijvoorbeeld het softwaresysteem van het bedrijf waarin een fonds heeft belegd over drie jaar nog wel in trek is. Dan zie je dat beleggers het niet meer vertrouwen en ze hun geld terug willen", zegt Erik Schmahl, beleggingsstrateeg bij Rabobank.

"Vooral particuliere beleggers zijn daar bang voor en kiezen eieren voor hun geld", zegt Rogier Van Mazijk, partner bij investeringsmaatschappij BB Capital.

Daarbovenop veroorzaken de stijgende olieprijzen en inflatie voor algemene onrust onder investeerders. "Maar de private credit-markt is niet bedoeld voor snelle verkopen en juist voor langetermijninvesteringen. Investeerders kunnen er niet meteen uit en dat maakt ze zenuwachtig", zegt Albert Menkveld.

Waarom kunnen beleggers hun geld niet opnemen?

Veel private credit-fondsen laten investeerders maar 5 procent van de totale fondswaarde verkopen per kwartaal. Als het meer wordt, zetten ze het fonds "op slot".

Dan ontstaat er een wachtrij van investeerders die pas in het volgende kwartaal hun geld mogen terughalen. "Als er veel uitstappers tegelijk zijn, worden andere beleggers terughoudend", vertelt Schmahl.

Dat op slot zetten, ook wel gating genoemd, is er om onrust te voorkomen en beleggers te beschermen, zegt Van Mazijk.

Wat zijn de risico's van private credit?

Bedrijven die lenen via private credit zijn vaak kleiner. De kans dat ze een lening kunnen terugbetalen hierdoor ook. Dat verhoogt het risico dat beleggers hun geld niet terugkrijgen. Ter compensatie krijgen ze daarvoor een hogere rente.

Van Mazijk ziet dat de afgelopen jaren meer particulieren zijn ingestapt. "Maar zij maken zich sneller zorgen en denken minder vaak na over de lange termijn dan bijvoorbeeld pensioenfondsen."

Zowel het Internationaal Monetair Fonds als de Nederlandse Autoriteit Financiële Markten maakt zich hier al langer zorgen over. "Het risico kan toenemen dat retailbeleggers investeren in producten die niet passen bij hun risicoprofiel", zegt de Nederlandse toezichthouder.

Deze 'mismatch' kan ertoe leiden dat beleggers hun geld terug vragen, maar dat niet meteen krijgen.

Zijn er gevolgen voor Nederlandse bedrijven en beleggers?

Dat investeerders uit private credit stappen, betekent dat er minder geld beschikbaar is voor bedrijven die op die manier geld willen lenen. Grote bedrijven kunnen voor leningen nog steeds terecht bij de banken.

Dat is geen optie voor kleine bedrijven die nog geen winst kunnen aantonen. "Om die bedrijven maak ik me zorgen", zegt Albert Menkveld van de VU. Het zou ten koste kunnen gaan van de bedrijvigheid in Nederland. "Vooral kleine en jonge bedrijven zullen in de knel komen en juist daar zit de werkgelegenheid."

Autofabrikant Stellantis roept wereldwijd honderdduizenden auto's terug

2 weeks 1 day ago

Het moederbedrijf van merken als Peugeot, Fiat en Opel roept auto's terug vanwege brandgevaar. In Nederland gaat het om 19.000 auto's van acht verschillende merken, bevestigt een woordvoerder van Stellantis. De Duitse transportautoriteit KBA spreekt over zo'n 700.000 auto's wereldwijd.

Het gaat om bepaalde modellen van Peugeot, Citroën, DS Automobiles, Opel, Lancia, Alfa Romeo, Jeep en Fiat uit de jaren 2023 tot en met 2026. In deze voertuigen loopt een leiding in de motor te dicht langs het benzinefilter en dat vormt een risico op kortsluiting.

Dit kan gebeuren als deze onderdelen elkaar raken onder vochtige omstandigheden. Dat kan oververhitting veroorzaken, waardoor er een risico op brand ontstaat. Volgens Stellantis zijn er in Nederland geen dergelijke incidenten bekend.

Reparatie

Stellantis informeert de auto-eigenaren bij wie dit risico van toepassing is. Vervolgens wordt hen verzocht om een dealer te bezoeken. Daar wordt de beschermkap vervangen en de ruimte tussen de onderdelen aangepast. Deze werkzaamheden worden kosteloos uitgevoerd en duren ongeveer 30 minuten.

Vorig jaar riep de autofabrikant ook al duizenden auto's terug vanwege slijtage van de motoren. Vlak daarvoor riep Citroën ook nog tienduizenden auto's terug vanwege problemen met de airbags.

Doorberekenen of niet? Dure brandstof dwingt ondernemers tot keuzes

2 weeks 1 day ago

De inflatie loopt op, maakte het Centraal Bureau voor de Statistiek vanochtend bekend. De grootste oorzaak van de stijging van het prijspeil zijn de prijzen aan de pomp. Diesel en benzine zijn in korte tijd flink duurder geworden. Wat doen kleine ondernemers die afhankelijk zijn van deze brandstoffen?

Het lawaai van de bouwplaats verstomt als zo'n vijftig bouwvakkers beginnen aan hun lunch: friet en snacks, een traktatie van hun baas. In hun midden ondernemer Ron Kievits in zijn mobiele foodtruck. Hierin bereidt hij fastfood en broodjes pulled pork en cayun chicken.

"Gewoon, lekker eten", zegt Kievits vanuit Wageningen. Hij vindt het leuk werk, maar met de uitbraak van de oorlog in Iran en de gestegen brandstofprijzen breken er voor hem onzekere tijden aan. Want vanaf morgen berekent hij de duurdere diesel door aan zijn klanten.

Hij rekent 10 cent extra per liter en heeft alle menu's 50 cent duurder gemaakt. "Ik vind dat spannend. Want ja, dan kan het zomaar dat ik voor een groep van veertig mensen 150 euro aan brandstof moet rekenen. Dan is de gein er voor klanten misschien snel van af."

Afgelopen week paste Kievits zijn website en offertes aan met de nieuwe prijzen. Reacties kreeg hij nog niet. "En meestal krijg je die ook niet", zegt de ondernemer. "Want vinden klanten het te duur, dan blijven ze gewoon weg."

Toch naar de kleinkinderen

Ingrid Schuurmans werkt met haar partner Manja als klusvrouwen in de Achterhoek. Zij betalen de hogere dieselprijs waarop hun klusbus rijdt vooralsnog vooral zelf.

"Natuurlijk merken we dat de brandstof duurder is", zegt Schuurmans vanuit woonplaats Winterswijk. "Maar we werken vooral lokaal. En op een rit van 10 kilometer doen we niet moeilijk. Maar grote projecten op langere afstanden zijn een ander verhaal: dan berekenen we het wel door."

De financiële pijn voelen ze eigenlijk vooral privé, zegt ze. "Wij hebben sinds vijf maanden een kleinkind, veel familie in Limburg en Brabant. Daar veel op bezoek gaan, dat kost pas echt veel geld! Maar niet oppassen op ons kleinkind? Dat laten we natuurlijk niet gebeuren."

Op de markt op het Utrechtse Smaragdplein staat Meeuwis Drost elke week, met zijn gelijknamige groente- en fruitkraam. Hij komt, net als de meeste marktkooplui, met dieselbusjes naar de markt. En precies daar zit de pijn. "Mijn onkosten door de diesel zijn gewoon enorm geworden", zegt Meeuwis.

Die lastenverzwaring ontwijken, is onmogelijk. "Je moet het toch vanuit de lengte of breedte of naar achter toe schuiven of in rekening brengen." Dat betekent in de praktijk dat zijn producten 15 procent duurder zijn. "Mensen hebben er begrip voor, maar het doet wel pijn."

De marktkoopman let ook op de kleintjes. "Je moet heel berekenend te werk gaan en minder kilometers maken. Ik ben mij er heel bewust van waar ik heen ga en beperk mijn snelheid met 5 km. Dan bespaar ik 1,25 euro. Dat moet je toch doen om te blijven bestaan."

Vishandelaar Lubert de Graaf op dezelfde Utrechtse markt is op zijn beurt 400 tot 500 euro extra kwijt. Per week. "Je merkt dat alles duurder wordt: inkoop van de vis, olie, meel, gas, diesel."

Zijn prijzen heeft hij iets verhoogd. Zo was en is de kibbeling 5,50 euro, maar geeft hij minder korting op grotere porties. De Graaf ziet veel overeenkomsten met vier jaar geleden, bij de energiecrisis na het begin van de oorlog in Oekraïne. "Toen was er ook oorlog, alleen op andere plek. Je ziet energieprijzen oplopen, nu gaan niet alle vissers naar zee, dat zag je toen ook. Daardoor is er minder aanbod, dus hogere prijzen."

Hoe houd je het als ondernemer dan een beetje leuk, in zo'n turbulente tijd? "Je moet het maar leuk maken", zegt De Graaf. "Vriendelijk blijven tegen je klanten. Het is wat het is. Er zijn krachten in de wereld waar wij toch niks aan kunnen doen. De grote jongens bepalen."

Calvé en andere Unilever-merken worden Amerikaans, kans op beursnotering in NL

2 weeks 1 day ago

Unilever neemt definitief afscheid van producten als Calvé, Cup A Soup en Hellmann's-mayonaise. Het concern brengt de divisie met voedingsmiddelen onder bij de Amerikaanse specerijenproducent McCormick. Unilever krijgt zelf een belang van 9,9 procent in de nieuwe levensmiddelengigant.

Het nieuwe bedrijf blijft McCormick heten. Ook blijft het hoofdkwartier in Maryland gevestigd. Wel komt er een internationaal hoofdkantoor in Nederland, meldt Unilever in een persbericht. Daarmee komt Unilever een bij de verhuizing naar Londen gemaakte belofte aan het Nederlandse kabinet na, om de voedseldivisie bij een verkoop voor Nederland te behouden.

Het al aan de Amerikaanse beurs genoteerde McCormick krijgt ook een beursnotering in Europa. Eerder koos Unilever met de afsplitsing van de ijsdivisie als The Magnum Ice Cream Company voor een notering aan de beurs in Amsterdam. Of nu opnieuw voor de Amsterdamse beurs gekozen wordt is nog niet bekend. Unilever heeft ook een beursnotering in Londen.

Belang

Unilever krijgt bij de start van de nieuwe levensmiddelengigant 15,7 miljard dollar. Aandeelhouders en Unilever krijgen samen een belang van 65 procent in McCormick. Het nieuwe bedrijf verwacht met de komst van het Unilever-onderdeel jaarlijks 600 miljoen dollar aan kosten te kunnen besparen.

Unilever doet al langere tijd veel voedselproducten in de verkoop. In 2017 sloeg het toen nog Nederlands-Britse concern van voeding en schoonmaak- en verzorgingsproducten een vijandige overname van Kraft Heinz af. Aandeelhouders eisten daarop dat Unilever meer werk zou maken van kostenbesparingen en het verhogen van de winst.

Sinds de activistische aandeelhouder Nelson Peltz een zetel heeft in de raad van commissarissen gaat het snel met de verkoop van de voedingsmerken. Unilever wil minder last hebben van de invloeden van de seizoenen plus de schommelende kosten van productie en inkoop van ingrediënten.

Met het afsplitsen van de ijsdivisie behield Unilever een groot belang, zodat het kan blijven profiteren van winstuitkeringen.

Niet meer Nederlands

Na de afsplitsing van de voedingsdivisie is er niet zo heel veel Nederlands meer over aan Unilever. Het concern ontstond in 1930, toen de Nederlandse Margarine Unie samenging met de Britse zeepproducent Lever Brothers. Beiden concurreerden indertijd om dezelfde grondstoffen voor hun producten. Als Brits-Nederlandse gigant konden de bedrijven goedkoper hun oliën inkopen en fabrieken runnen.

De Margarine Unie was weer voortgekomen uit een samenwerking tussen de margarinefabrieken van Anton Jurgens en Samuel van den Bergh, die allebei in 1872 werden opgericht. Margarine was destijds een nieuw product, goedkoper dan roomboter. Merken van de Margarine Unie waren onder meer Zeeuws Meisje en Blue Band.

In 1929 breidde de Margarine Unie uit met de overname van de concurrerende Hartogs Vleeschfabrieken uit Oss, die uiteindelijk Unox werden. Een jaar eerder had het concern al de Frans-Nederlandse Calvé-groep ingelijfd.

Van al deze 'oerproducten' van Unilever waren alleen nog de pindakaas, mayonaise en sausen van Calvé over. In 2017 werd de margarinedivisie al verkocht aan de Amerikaanse investeringsmaatschappij KKR. Het in Nederland gevestigde bedrijf heet tegenwoordig Flora Food Group. Unox werd twee jaar geleden verkocht aan voedselfabrikant Zwanenberg Food uit Almelo.

In Nederland staat nog wel het voedselinnovatiecentrum van Unilever, in Wageningen. Samen met het internationale hoofdkwartier en de mogelijke tweede beursgang van McCormick houdt Nederland toch iets over aan het vertrek van Unilever.

Volgens minister Herbert van Economische Zaken heeft het kabinet al overleg gehad met Unilever. Zij zegt ook met McCormick in gesprek te gaan: "Bijvoorbeeld over een beursnotering in Amsterdam. Het is goed nieuws dat vandaag is bevestigd dat het hoofdkwartier in Rotterdam en de wereldwijde ontwikkeling van de voedingsdivisie in Wageningen in Nederland blijven."

Voedselbedrijf vertrekt bij Unilever:

Cateringdochter KLM aan Zwitserse concurrent verkocht

2 weeks 2 days ago

KLM doet de cateringservice definitief de deur uit. Het onderdeel dat de maaltijden verzorgt op de vluchten van KLM wordt overgenomen door de Zwitserse luchtvaartcateraar Gategroup. Het met hoge kosten kwakkelende KLM kondigde eind 2024 al aan te kijken naar de toekomst van de eigen cateringdienst.

Gategroup wordt nu voor 75 procent eigenaar van KLM Catering Services. KLM blijft zelf nog voor 25 procent eigenaar en ook "nauw betrokken bij de service". "We behouden zo de kwaliteit en service die onze passagiers van KLM verwachten", aldus financieel directeur Bas Brouns vanmorgen in een persbericht van KLM.

Met de verkoop zou de cateringdienst van de KLM-vluchten goedkoper moeten worden. Het Zwitserse Gategroup is actief in meer dan zestig landen. In 2017 nam het al de cateringdochter van Air France over. Ook doet het de catering voor het Duitse Lufthansa.

Medewerkers van KLM Catering Services hoeven niet te vrezen voor hun baan, benadrukken KLM en Gategroup. Bij het bedrijf werken meer dan 1300 mensen, die dagelijks meer dan 55.000 maaltijden voor zo'n 350 vluchten van KLM en andere luchtvaartmaatschappijen verzorgen. De ondernemingsraden van zowel KLM als KLM Catering Services moeten nog advies geven over de verkoop.

Unilever wil fusie voedingsmiddelentak met Amerikaanse specerijenproducent

2 weeks 2 days ago

De kans is groot dat Unilever de voedingsmiddelendivisie onderbrengt in een nieuw bedrijf. Dit wordt opgericht met de Amerikaanse specerijenproducent McCormick & Company. Mogelijk komt de deal vandaag al rond, zo bevestigt Unilever vanmorgen in een bericht aan aandeelhouders.

Unilever reageert daarmee op een artikel in de Amerikaanse zakenkrant The Wall Street Journal. Die krant meldde dat Unilever een nieuw voedingsmiddelenbedrijf opricht. Daarin fuseert Unilever zijn eigen voedseldivisie met die van McCormick.

Aandeelhouders van Unilever zouden ongeveer 15,7 miljard dollar onderling mogen verdelen of aandelen in het nieuwe bedrijf krijgen. Bij elkaar kunnen Unilever-aandeelhouders voor 65 procent eigenaar worden van het nieuwe concern.

IJs

Unilever meldt dat het "in vergaande gesprekken is" met McCormick en dat het mogelijk is dat er vandaag een deal komt. Helemaal zeker is dat nog niet, benadrukt het verzorgings- en voedingsmiddelenproducent.

Eind vorig jaar splitste Unilever al zijn ijsdivisie af via een beursgang. Aandeelhouders van Unilever kregen toen aandelen in het tot The Magnum Ice Cream Company omgedoopte bedrijf.

Inflatie loopt weer op door oorlog Midden-Oosten, vooral tanken duurder

2 weeks 2 days ago

De inflatie loopt deze maand weer op. Uit de eerste berekening van het Centraal Bureau voor de Statistiek blijkt dat de inflatie in de maand maart is gestegen naar 2,7 procent.

Dat betekent dat de kosten voor het dagelijks leven 2,7 procent hoger liggen dan een jaar geleden. In de afgelopen maanden leek de inflatie richting de 2 procent te zakken, wat door economen vaak als een acceptabel niveau wordt gezien. Nu loopt het prijspeil dus toch weer op.

Met name de prijzen aan de pomp leiden tot de oplopende inflatie. Sinds Amerika en Israël de bombardementen op Iran zijn gestart, loopt de olieprijs hard op. Een hoge olieprijs per vat leidt tot een hogere prijs voor benzine en diesel.

Aanhoudend

De verwachting is dat in de komende maanden ook andere zaken in prijs zullen stijgen, zoals vakantievluchten en bepaalde voedingsmiddelen. Ook stoken op gas zal weer duurder worden, maar dat merken vooral de huishoudens die een nieuw energiecontract moeten afsluiten of een variabel contract hebben.

Met het nieuwe cijfer lijkt de inflatie terug van nooit helemaal weggeweest. In 2022, toen Rusland Oekraïne binnenviel, werd het leven in Nederland ook snel duurder. Toen drukte met name de hoge prijs van gas op de energierekening.

Daarnaast werkt de inflatie nog altijd door in andere producten. Zo is de Nederlandse consument meer gaan betalen voor producten omdat dure grondstoffen, verpakkingen en hoge lonen worden doorberekend door bedrijven.

Kerosineprijs al meer dan verdubbeld, is er straks nog genoeg brandstof?

2 weeks 2 days ago

Sinds de oorlog in het Midden-Oosten betalen we niet alleen meer aan de pomp; ook de prijs van brandstof voor vliegtuigen is meer dan verdubbeld. De prijs van kerosine verandert elke dag en dat voelen vooral de luchtvaartmaatschappijen, die hun tickets al hebben verhoogd. Als deze situatie van schaarste aanhoudt, is er straks dan nog voldoende brandstof in Europa om te kunnen vliegen?

Een groot deel van de kerosine komt uit het Midden-Oosten en die aanvoer is tot stilstand gekomen. Daarmee staat het aanbod extra onder druk, zeggen luchtvaartdeskundigen. "De prijsstijging is sterker dan aan de pomp, omdat er geen accijnzen worden geheven op kerosine", zegt ING-econoom Rico Luman. De aanvoer van kerosine is ook afhankelijk van de Straat van Hormuz, die nu is geblokkeerd. "Ongeveer 30 procent van wat in Europa wordt geleverd, komt uit de Golfregio", zegt Luman.

Nu de oorlogssituatie aanhoudt, kunnen de prijzen van vliegtickets mogelijk nog verder oplopen. "Op dit moment is de hele keten verstoord. De prijs van kerosine hangt niet alleen af van de ruwe olieprijs, maar ook van wat er later in de raffinageketen gebeurt", zegt luchtvaarteconoom Floris de Haan van de Erasmus Universiteit. Hij ziet dat maatschappijen afwachten wat de concurrentie doet met de prijzen.

Bij HeliCentre in Lelystad hebben ze juist niet afgewacht. Het bedrijf op vliegveld Lelystad verzorgt helikoptervluchten en leidt ook mensen op tot piloot. Om niet zonder kerosine te komen zitten of het risico te lopen op verdere prijsstijgingen, hebben ze een tankwagen van 30.000 liter kerosine besteld.

"Het is zo langzamerhand vloeibaar goud geworden", zegt Henry Hondebrink, die de helikopters voltankt. De directeur, Jeroen Peddemors, heeft zijn prijzen nog niet verhoogd, maar is dat wel van plan. "We zitten nu op bijna 3 euro voor een liter kerosine, normaal was dat tussen de 2,20 euro en 2,30 euro."

Fuel hedging

De Haan ziet dat niet elke maatschappij op dezelfde manier wordt geraakt. "In de Golfregio worden ze het meest getroffen op het gebied van veiligheid, die hebben nu echt een probleem." Afhankelijk van de thuisbasis en het netwerk van luchtvaartmaatschappijen hebben ze meer of minder last van de situatie in de Golf. Ook hebben Europese luchtvaartmaatschappijen zich ingedekt met brandstofcontracten, door van tevoren de kerosineprijs vast te leggen, ook wel fuel hedging genoemd. Het is ook wel vergelijkbaar met het afsluiten van een vast energiecontract.

"Zo had Air France-KLM begin dit jaar 62 procent van de brandstofkosten afgedekt, dus niet volledig. Er is bijna geen luchtvaartmaatschappij die dat volledig doet", zegt Luman. De ING-econoom ziet dat er in Amerika niet wordt gehedged en daarom worden ze sneller blootgesteld aan de prijsbewegingen.

Tekorten

Onlangs zei de topman van Shell dat hij verwacht dat kerosine en diesel in Europa schaarser worden. Volgens Luman is daar nu nog geen sprake van: "Luchthavens hebben nog voldoende voorraad."

Dat komt doordat de luchthavens in Noordwest-Europa het voordeel hebben dat ze in de buurt zijn van raffinaderijen en grote kerosinevoorraden in de havens van Amsterdam, Rotterdam en Antwerpen, ook wel het ARA-gebied genoemd, legt Luman uit.

"Er liggen ook pijpleidingen van de havens naar Schiphol en de Duitse luchthaven Frankfurt. In de havens is ook nog een flinke buffervoorraad aanwezig bij opslagmaatschappijen zoals Vopak, die kan worden ingezet." Dus tekorten in Europa en op die luchthavens verwacht de econoom nog niet direct.

Veel mensen hebben al tickets voor de mei- en zomervakantie, maar boekingen voor het najaar en de winter kunnen wel duurder uitpakken, volgens Luman. "Zeker voor de langere afstanden waarop relatief veel brandstof wordt gebruikt en het aandeel in de kosten ook hoger ligt."

Miljarden van diaspora houden Libanon overeind, maar hulp kent risico’s

2 weeks 2 days ago

In Libanon zijn een miljoen vluchtelingen afhankelijk van hulp. De Libanese overheid is door crises zelf niet in staat om iedereen te helpen en hulporganisaties hebben te maken met bezuinigingen.

Veel Libanezen uit het buitenland schieten te hulp. Jaarlijks stuurt de diaspora miljarden naar hun thuisland. Zeker in tijden van oorlog is die geldstroom van levensbelang, maar vanwege sancties tegen Hezbollah en door corruptie is geld sturen niet zonder risico's.

Volgens cijfers van de Wereldbank stroomde er in 2023 zo'n 6,2 miljard euro vanuit de diaspora naar Libanon. In 2024 daalde dat licht naar 5,3 miljard euro, maar de verwachting is dat dit bedrag rond de 5,5 miljard euro blijft hangen. In 2023 was zelfs ruim 30 procent van het bruto binnenlands product afkomstig van geld uit het buitenland.

In gesprekken met Nieuwsuur beschrijven burgers in Libanon hoe oorlog en economische crisis hen klemzetten. "Oorlog is uiteindelijk zwaar voor iedereen, maar voor ons voelt het vooral verstikkend", zegt een visser. "We kunnen niet weg en niet vrij bewegen." Geld om te vluchten ontbreekt. "We kunnen nergens heen."

Voor veel gezinnen komt hulp van familieleden in het buitenland. Een zus in Canada, een zoon in Australië of een dochter in de Verenigde Staten stuurt geld om te overleven. "Ik ben zelf vluchteling hier", vertelt een Libanees in het zuiden van het land. "Dit zijn mijn mensen en ik wilde ze helpen. Ik plaatste een oproep op Instagram. Daar hebben 65 mensen op gereageerd. Tot nu toe heb ik 2000 euro opgehaald."

Netanyahu kondigt bezetting van groter deel Zuid-Libanon aan

Premier Benjamin Netanyahu heeft zondag het Israëlische leger het bevel gegeven om een groter deel van Zuid-Libanon te bezetten. In een videotoespraak zei hij dat de "huidige veiligheidsbufferzone" verder wordt uitgebreid. "We zijn vastbesloten de situatie in het noorden fundamenteel te veranderen", zei hij over het buurland van Israël.

Hoogleraar economie Bassam Hamdar doet al jaren onderzoek naar geldstromen vanuit het buitenland naar Libanon. "Het banksysteem van Libanon is ingestort. Als Libanezen zijn we nu aangewezen op geldtransferbedrijven. Die schieten momenteel als paddenstoelen uit de grond in heel Libanon. Volgens de centrale bank zijn er in Libanon 3000 vestigingen."

Minder dan 5 procent van de geldstromen gaat nog via banken. "De zaken gaan goed. We hebben veel meer werk nu door de oorlog en de vluchtelingen", zegt een medewerker van een geldtransferkantoor.

Sinds de financiële crisis van 2019 in Libanon is de rol van deze geldstromen verder veranderd. Waar het geld eerder werd gebruikt voor investeringen of vastgoed, gaat het nu vooral naar basisbehoeften zoals voedsel, huur, zorg en onderwijs. In de praktijk fungeert de diaspora daarmee als een soort vervangende verzorgingsstaat.

Ook vanuit Nederland proberen Libanezen bij te dragen. Zo helpt Ali Hojeij niet alleen zijn eigen familie, maar ook anderen. Zijn ouders moesten hun huis in de buitenwijken van Beiroet verlaten. "Een huis huren kost zo'n 900 tot 1000 euro per maand. Dat kunnen ze niet betalen. Mijn ouders zijn dus afhankelijk van mijn hulp."

Grijze lijst

Via WhatsAppgroepen probeert de diaspora meer mensen te mobiliseren. "We proberen mensen te stimuleren om te doneren en meer bij te dragen", vertelt Hojeij. Maar hulp bieden is niet zonder risico. Verschillende Libanezen kregen in Nederland al belletjes van banken naar aanleiding van hun giften.

Libanon staat op de zogenoemde grijze lijst van de internationale toezichthouder FATF. Dat betekent dat het land een verhoogd risico kent op witwassen, terrorismefinanciering en corruptie. "Elke transactie naar Libanon wordt daarom extra gecontroleerd door banken", legt Hojeij uit. Sancties, onder meer gericht tegen Hezbollah, maken het overmaken van geld extra ingewikkeld.

Daarom vinden veel Libanezen het moeilijk om hulp te sturen. "Stel dat het geld in foute handen komt of bij de verkeerde personen", schetst Mohammad Soubra, Libanees in Nederland. "Dan heb je de consequenties daarvan. Dat wil ik niet. En ik denk dat veel mensen zoals ik het niet willen."

Soubra stelt desondanks dat giften cruciaal zijn. "De Libanese regering heeft niet de middelen om mensen te helpen. Die donaties zijn essentieel."

In Libanon zelf merken hulporganisaties die spanning dagelijks. Vrijwilligers delen voedsel, dekens en hygiëneproducten uit aan vluchtelingen. Tegelijk krijgen ze vragen van donateurs. "Horen jullie bij een politieke partij?" is een veelgehoorde vraag volgens Hojeij. "Nee, we zijn gewoon een groep mensen die de gemeenschap helpt."

In één keer een groot bedrag uit je pensioenpot halen voorlopig geen optie

2 weeks 3 days ago

Opnieuw is de mogelijkheid uitgesteld om in één keer een bedrag uit je pensioenpot op te nemen. Uit de voorjaarsnota blijkt dat het kabinet het zogeheten 'bedrag ineens' pas in 2029 wil laten ingaan.

Met dat 'bedrag ineens' zouden gepensioneerden 10 procent van hun complete pensioenpot kunnen opnemen. Wie, bijvoorbeeld, 250.000 euro heeft opgebouwd, zou in één keer 25.000 euro kunnen opnemen aan het begin met zijn of haar pensioendatum.

Het idee is dat dit bedrag besteed kan worden aan bijvoorbeeld een camper, bootje of de studie van een kleinkind. De maandelijkse pensioenuitkering wordt dan wel iets lager.

Fiscale gevolgen

Het wetsvoorstel ligt al ruim een jaar bij de Eerste Kamer. De ingangsdatum werd al uitgesteld tot juli 2026. De minister wilde meer duidelijkheid hebben over de fiscale gevolgen.

Budgetvoorlichter Nibud waarschuwde dat mensen zich niet te rijk moeten rekenen met een grote som geld. Door de eenmalige verhoging van het inkomen, kan iemand het recht op zorg- of huurtoeslag verliezen of deels verliezen.

Daarnaast drongen pensioenfondsen erop aan dat de regeling werd uitgesteld. De Pensioenfederatie, de koepel van pensioenfondsen, vreesde dat het bedrag ineens een te grote extra taak zou worden voor de pensioenfondsen.

De meeste fondsen zitten nog volop in de overgang naar het nieuwe pensioenstelsel, wat een uitdaging betekent voor hun administratie. Bij die pensioentransitie wordt de collectieve pensioenpot opgeknipt in kleine, individuele potjes. De hoogte van de maandelijkse uitkering gaat meer meebewegen met de economische groei.

Podcast De Dag: hoe de olievlek van stijgende prijzen zich uitbreidt

2 weeks 5 days ago

De olieprijs loopt al weken op, ook gas wordt al weken duurder. Maar daar blijft het niet bij. Alles zal uiteindelijk duurder worden, door de oorlog in het Midden-Oosten, volgens De Nederlandsche Bank. Die gaat ervanuit dat ieders koopkracht geraakt zal worden. De president van DNB, Olaf Sleijpen, zei in de studio van Nieuwsuur dat het code "dieporanje" is. En dat komt bovenop allerlei andere waarschuwingen deze week.

Luister hier:

Deze aflevering van De Dag kun je beluisteren via NPO Luister en alle andere podcastkanalen. Bevalt het? Vergeet je dan niet te abonneren!

Volgens huiseconoom van Nieuwsuur Mathijs Bouman is dit de week geweest waarin de realisatie komt dat dit niet snel voorbij is. Volgens Bouman gaan de economische gevolgen van de oorlog groot zijn. In dit Nieuwsuur-verhaal legt hij uit hoe die oplopende olie- en gasprijzen als een olievlek doorsijpelen in de hele economie.

Reageren? Mail naar dedag@nos.nl

Presentatie & montage: Marco Geijtenbeek

Redactie: Judith van de Hulsbeek

PlayStations worden stuk duurder door chiptekorten en oorlog

2 weeks 5 days ago

De prijs van PlayStation-spelcomputers stijgt de komende weken flink, heeft producent Sony bekendgemaakt. Dat heeft waarschijnlijk te maken met een tekort aan chips voor het werkgeheugen van de consoles, maar ook met de oorlog in het Midden-Oosten.

Sony verhoogt de prijs van de PS5 in de VS volgende week met 100 dollar. De PS5 Pro wordt zelfs 150 dollar duurder. In Europa en Japan gaat het om vergelijkbare prijsverhogingen, de PS5 gaat hier bijna daardoor 650 euro kosten en de PS5 Pro bijna 900 euro.

Als reden voor de prijsverhoging noemt Sony "de aanhoudende druk in het mondiale economische klimaat". Het bedrijf noemt zelf geen specifieke oorzaak.

Door de snelle ontwikkeling van AI zijn er steeds meer computers in datacenters nodig en is de vraag naar werkgeheugen enorm toegenomen. Daardoor staan ook de prijzen van desktopcomputers, laptops en smartphones onder druk.

Minder helium

Een actuelere reden is de oorlog in het Midden-Oosten. Vorige week sloot een gasexport-installatie in Qatar na een Iraanse aanval. Daardoor is er opeens minder helium voorradig, een belangrijk gas bij de productie van computerchips. Bij de fabricage van de minuscule circuits op chips worden die van onderaf gekoeld met helium om ze op de juiste temperatuur te houden.

Qatar is wereldwijd de op twee na grootste heliumexporteur. Ook de aanvoer van andere grondstoffen die belangrijk zijn voor de fabricage van elektronica staan onder druk door de oorlog.

Ook andere gamecomputers duurder

De nieuwe prijzen gaan op 2 april in. Sony zegt in een blogppost zich te realiseren dat het slecht nieuws is voor gamers. "We weten dat prijswijzigingen gevolgen hebben voor onze community. Na een zorgvuldige afweging zijn we tot de conclusie gekomen dat dit een noodzakelijke stap is om ervoor te zorgen dat we gamers wereldwijd innovatieve, hoogwaardige game-ervaringen kunnen blijven bieden."

Het RAM-tekort en de oorlog rond de Perzische Golf hebben ook grote gevolgen voor andere spelcomputers. Eerder werd al bekend dat een nieuwe versie van de compacte spelcomputer Steam Machine later uitkomt dan de bedoeling was. Game-experts verwachten dat ook de Nintendo Switch 2 binnenkort duurder wordt.

Vrees neemt toe voor lange energiecrisis die ook Europa gaat raken

2 weeks 5 days ago

De hoop bij bedrijven en overheden op een snelle afloop van de energie-oorlog in de Golf neemt af. De vrees voor een langdurige energiecrisis met tekorten die ook Europa gaan raken neemt toe.

Ook als er snel een wapenstilstand en een vrije doortocht voor tankers in de Straat van Hormuz komen, zal het prijseffect van de oorlog nog lange tijd merkbaar zijn, denken analisten.

Op dit moment ligt de olieprijs gemiddeld tussen de 100 en 110 dollar per vat. Die kan verder stijgen tot 150 dollar per vat, volgens Rob Kapito van vermogensbeheerder BlackRock. "Zelfs als we morgen aankondigen dat de oorlog voorbij is", vertelt hij persbureau Bloomberg.

In Europa worden met name kerosine en diesel schaarser, verwacht Shell.

De oliehandel reageert dagelijks nerveus op de wisselende berichten die uit de VS komen. Dreigementen met nog grotere aanvallen op de Iraanse energie-infrastructuur zorgen voor prijsstijgingen. Zodra die stijging zichtbaar wordt, stuurt president Trump een bericht uit over hoopvolle vredesonderhandelingen. Dat lijkt even te werken tot er weer serieuze twijfel ontstaat over het waarheidsgehalte van dit bericht.

Gisteravond sloot Wall Street in New York met de grootste beursdaling sinds het begin van de oorlog. Trump reageerde binnen een kwartier met een verlenging van de bombardementspauze op Iraanse energie-installaties. Ondertussen groeit het aantal Amerikaanse militairen in de regio die ingezet kunnen worden voor de inname van het Iraanse olie-eiland Kharg en de kustlijn van de Straat van Hormuz.

"Het is de ene dag dit en de andere dag dat," zegt directeur Patrick Kulsen van marktonderzoeksbureau Insights Global. Zijn bedrijf is gespecialiseerd in opslagcijfers van brandstoffen. "Gezien de internationale situatie valt de olieprijs nog mee."

Wel ziet Kulsen een zorgelijke daling van de beschikbare hoeveelheid kerosine. De prijs van vliegtuigbrandstof stijgt nog veel sterker dan die van ruwe olie en komt net als diesel voor een flink deel uit de Golfregio.

In Europa is er op dit moment nog geen brandstoftekort, maar dat gaat veranderen volgens de CEO van Shell Wael Sawan. Die sprak deze week op een congres van oliebazen in Houston, Texas. "Zuid-Azië kreeg de volle klap als eerste te verduren. Het heeft zich verspreid naar Zuidoost-Azië, Noordoost-Azië en komt in april vooral naar Europa", zegt Sawan.

Nederland zal volgens analisten niet heel snel te maken krijgen met echte tekorten. In de Rotterdamse haven liggen enorme hoeveelheden olie opgeslagen, en raffinaderijen maken hier meer brandstof dan we verbruiken.

"Fysiek zal het hier niet snel opdrogen," zegt Kulsen. Het risico is wel dat kerosine onbetaalbaar wordt voor luchtvaartmaatschappijen net als diesel voor de binnenvaart en transportbedrijven.

Het kabinet liet deze week weten het nog te vroeg te vinden voor prijscompensatie voor consumenten. De wereldwijde energiecrisis zou nog wel eens veel groter kunnen worden, waarschuwde minister Heinen van Financiën de Tweede Kamer. In dat geval moet er nog wel geld over zijn om mensen te helpen die het echt nodig hebben.

Landelijk Crisisplan Olie

Ondertussen is wel geruisloos de voorfase ingegaan van het Landelijk Crisisplan Olie. Oliemaatschappijen en vertegenwoordigers van handelaren en opslagbedrijven overleggen met het kabinet over voorraden, mogelijke risico's en maatregelen voor het geval er echte tekorten ontstaan.

In het ergste geval kan de overheid overgaan tot "rantsoenering en exportbeperking op EU- of nationaal niveau", staat in het crisisplan. De brandstof gaat dan naar bedrijven en mensen die moeten blijven rijden om onder meer de voedselvoorziening, medische zorg en veiligheid op peil te houden.

"De inhoud van het overleg met de overheid is vertrouwelijk", vertelt Erik de Vries van de belangenorganisatie van particuliere brandstofhandelaren NOVE, één van de partijen die aan tafel zit. Vandaag overlegt hij met vertegenwoordigers van de binnenvaart over de dieselprijs.

"Er wordt wel echt gekeken naar een situatie waarin er een tekort is", zegt De Vries. Ook al is dat tekort er nog niet, zorgen zijn er al wel. De prijzen van diesel in Nederland liggen veel hoger dan in onze buurlanden. Hierdoor tanken binnenvaartschepen net als vrachtwagens zoveel mogelijk over de grens.

Als de verschillen nog groter worden en iedereen in het buitenland tankt, houdt de handel hier al op voor er een tekort is, vreest De Vries.

Woonwebwinkel Fonq failliet verklaard

2 weeks 6 days ago

Fonq Group is failliet. Dat laat het Nederlandse bedrijf achter de woonwebshops Fonq en Naduvi weten. Ruim een week geleden werd al uitstel van betaling aangevraagd. Het was al niet meer mogelijk via de webwinkel te bestellen. Inmiddels heeft de rechter besloten dat voor Fonq definitief het doek valt.

Woonwebwinkel Fonq bestaat sinds 2003 en heeft naast een Nederlandse website ook een webshop in België en Duitsland. In 2024 nam Fonq concurrent Naduvi over.

Dat er al langer problemen waren, bleek uit het jaarverslag van 2023. Het bedrijf leed een verlies van ruim 14 miljoen euro. Een jaar ervoor wilde de bank het bedrijf al geen geld meer lenen. De aandeelhouders moesten bijspringen.

250 medewerkers

Volgens de website werken er ruim 250 mensen, die dus nu zonder werk komen te zitten. In een persverklaring laat Fonq weten dat wordt gekeken of bepaalde delen van de onderneming voortgezet kunnen worden.

Om welke onderdelen het zou gaan en of daarvoor geïnteresseerden zijn, zegt het bedrijf niet.

NOS Economie