Overslaan en naar de inhoud gaan

Versoepeling door VS van oliesancties spekt Russische staatskas extra

1 month ago

De oorlog in het Midden-Oosten kent veel economische verliezers, maar één land is dat zeker niet: Rusland. De Russische staatskas en oliebedrijven worden flink gespekt door de crisis op de oliemarkt. De Britse zakenkrant Financial Times berekende dat Moskou zo'n 150 miljoen dollar per dag extra verdient. En dat wordt waarschijnlijk nog meer. Door een uitzonderlijke stap van de Amerikaanse president Trump wordt het voor de Russen makkelijker om olie te verhandelen.

Trump besloot vandaag om de sancties tegen Rusland te versoepelen. Tot en met 11 april is het voor Amerikanen weer toegestaan om Russische olie die nu nog op zee ligt, te kopen. Dat geldt ook voor de schepen van de Russische schaduwvloot. Die schepen proberen de sancties te omzeilen door onder een valse vlag te varen of de transponder van het schip uit te zetten om zo onzichtbaar te blijven. Door de versoepeling van Trump mogen die schepen ook weer verzekerd worden door Amerikaanse bedrijven.

De versoepeling is vooral voor Aziatische landen belangrijk. Die haalden veel olie uit het Midden-Oosten, maar door de Iraanse blokkade van de Straat van Hormuz kan er geen olie vervoerd worden. Omdat olietransacties vaak in dollars worden gedaan, moeten die zich ook houden aan de Amerikaanse sanctiewetgeving. Met deze versoepeling wordt het makkelijker om weer Russische olie te verhandelen.

Paniekvoetbal

In tegenstelling tot de VS versoepelt de EU de sancties niet. "Het is een eenzijdige actie", zegt sanctierechtadvocaat Yvo Amar. Voor Amerikaanse bedrijven in Azië betekent de versoepeling wel veel: zij mogen weer Russische olie die op zee ligt inkopen. "Maar Europese bedrijven die in bijvoorbeeld India handelen, mogen van de VS van alles, maar van Europa niet."

Dat Trump deze stap zet, heeft waarschijnlijk te maken met de oplopende benzineprijs in zijn land. Hoewel de VS zelf olie produceert, heeft het land wel last van de krappe wereldmarkt. Door het wegvallen van de olie uit het Midden-Oosten zijn landen massaal op zoek naar alternatieve leveranciers. Daardoor is de vraag hoger en het aanbod lager, waardoor de prijs stijgt. En dat merken Amerikanen ook aan de pomp.

"Het lijkt wel een beetje paniekvoetbal wat dat betreft. Hij ziet in aanloop naar de tussentijdse verkiezingen in november dat de olieprijs in de VS heel erg aan het stijgen is", vertelt Amar. "Er moet nu ingegrepen worden en dan zijn dit noodgrepen."

Het is de vraag of deze greep van Trump ook echt invloed gaat hebben op de wereldwijde olieprijs. "Wat er is weggevallen door de blokkade van de Straat van Hormuz is zo'n grote hoeveelheid. Dit drukt wel wat op de prijs, maar je moet je er ook niet te veel bij voorstellen", zegt energie-expert Jilles van den Beukel van het Den Haag Centrum voor Strategische Studies.

Rusland profiteerde al volop van het Iran-conflict. Volgens zakenkrant FT zou Moskou al tussen de 1,3 en 1,9 miljard dollar extra hebben gekregen vanwege de grotere behoefte aan Russische olie in met name India en China. De prijs voor een vat Russische olie ligt ook beduidend hoger dan voor de oorlog in het Midden-Oosten.

Begin februari sloot India nog een handelsakkoord met de VS waarin ook werd afgesproken dat het Aziatische land geen olie meer van Rusland zou kopen. De Indiërs zijn een belangrijke afnemer van de Russen. "India had de inkoop ook al een beetje verminderd, maar dat hoeven ze nu niet meer te doen", zegt Van den Beukel.

Europa teleurgesteld

In Rusland werd blij gereageerd op de Amerikaanse versoepeling. "Zonder de grote hoeveelheid Russische olie is de stabilisatie van de markt onmogelijk", zei een Kremlin-woordvoerder. Europese landen reageerden teleurgesteld. "De huidige situatie laat het niet toe om de sancties te verlichten", zei de Franse president Macron. Bondskanselier Merz van Duitsland noemde de koerswijziging van de VS "verkeerd" en vroeg zich af welke motieven leidend waren voor de VS.

Voorlopig geldt de versoepeling voor een maand. "De vraag is of deze vergunning wordt verlengd. Het geldt nu voor een maand en dat kan langer worden", zegt Amar. "Maar ik denk niet dat de sancties nog verder verlicht worden."

Vier vragen over het Vijfjarenplan van China: wat kunnen we verwachten?

1 month ago

Het Chinese Volkscongres zit erop. Na een week lang klappen, opzitten en luisteren, hebben de afgevaardigden bijna unaniem ingestemd met de plannen van de overheid en de Communistische Partij.

Het belangrijkste document is het nieuwe Vijfjarenplan, waarin China's sociaaleconomische richting tot 2030 is vastgelegd. Stemmingen in het autoritaire China zijn nooit spannend. Ditmaal kwam het totaal uit op 2758 stemmen voor, één tegen, twee onthoudingen en één niet-uitgebrachte stem.

Maar wat staat er precies in het plan en wat betekent dat voor de wereldhandel? Vier vragen en antwoorden.

Wat zijn de hoofdpunten?

Het plan begint met een beschrijving van een gevaarlijke buitenwereld door de lens van competitie tussen grootmachten, vooral China en Amerika. Daarom moet China onafhankelijker worden van andere landen in deze tijden van geopolitieke spanningen en handelsconflicten, maar verenigd zijn onder het leiderschap van de Communistische Partij.

Om dat te doen zet Peking dubbel zo hard in op technologie, innovatie en de industriële maakindustrie. Het is geen nieuwe strategie, maar eerder een uitbreiding van het huidige beleid om zoveel mogelijk zelf te kunnen en zo min mogelijk van het buitenland nodig te hebben.

De belangrijkste doelen en indicatoren zijn bijvoorbeeld het economische groeicijfer, het aantal te behalen patenten, investeringen in onderzoek en ontwikkeling (7 procent groei per jaar) of hoeveel energie China zelf moet kunnen opwekken.

In welke sectoren wil China vooral investeren?

Als je op één onderdeel moet letten in het nieuwe Vijfjarenplan? "Innovatie", aldus afgevaardigde Lü Caixia uit de provincie Zhejiang. Het woord komt meer dan 160 keer voor in het document.

China wil investeren in de hele toeleveringsketen van innovatie, van fundamenteel onderzoek tot de latere toepassingsmogelijkheden. Bij de plannen voor de ontwikkeling van kunstmatige intelligentie (AI) zie je dat terug. Die technologie speelt een hoofdrol in het document en wordt meer dan vijftig keer genoemd. AI moet worden toegepast in fabrieken, academisch onderzoek, maar ook in consumptiegoederen, zoals mobiele telefoons en robots, en in het onderwijs.

Andere technologieën en sectoren die bij naam worden genoemd zijn bijvoorbeeld kwantum- en biotechnologie, "nieuwe energie" (groen, maar ook kernenergie), 6G-netwerken en de commerciële luchtvaart.

Wat gaat Peking doen voor de kwakkelende economie?

Peking blijft proberen met een paar sterke sectoren de economie uit het slop te trekken. Maar het erkent ook dat de binnenlandse consumptie te laag is en dat het besteedbaar inkomen van mensen omhoog moet. Daarom schrijft het plan ook meer sociale zekerheid voor, al blijft het beperkt.

Een Chinees beleidsdocument is doorgaans niet kritisch. Toch valt te lezen dat de economische groei ongelijk verdeeld is, waardoor er nog veel arme en onderontwikkelde regio's zijn. Ook worden werkgelegenheid, lage inkomens, de problematische vastgoedsector en schulden bij lokale overheden als "gebieden met risico's en verborgen gevaren" beschreven.

Toch lijkt het Chinese beleidsmakers niet te lukken om echt in te zetten op sociale zekerheid, ondanks oproepen in de samenleving om dit wel te doen. Zonder grote investeringen in pensioenen, zorg en kinderopvang, zullen Chinezen niet meer gaan uitgeven, waarschuwen experts.

Wat betekenen de plannen voor China's al enorme handelsoverschot?

Dat China hard wil gaan inzetten op de industriële maakindustrie kan problematisch zijn voor andere landen. Als Chinese consumenten zelf de producten niet gaan kopen, zal China's enorme handelsoverschot alleen maar groeien.

Vorig jaar noteerde China een recordhandelsoverschot van 1000 miljard euro en dit jaar loopt de teller verder op. In januari en februari is China's export naar Europa met 20 procent toegenomen ten opzichte van 2025.

Maar steeds meer landen werpen barrières op om hun industrieën te beschermen. Voor Chinese bedrijven zijn het noodzakelijke afzetmarkten, omdat ze hun spullen in eigen land niet kwijtraken.

China ziet de industriële maakindustrie als onderdeel van de nationale kracht en als noodzakelijk om onafhankelijk te worden van andere landen. Maar de extreme concurrentie in het binnenland baart China ook zorgen dat de bedrijven elkaar kapot concurreren. Al worden daarvoor nauwelijks oplossingen aangedragen in het nieuwe Vijfjarenplan.

De geschiedenis van het Vijfjarenplan

Het eerste Vijfjarenplan werd uitgebracht in 1953, toen China nog een planeconomie naar stalinistische model kende. Het plan moest China helpen te industrialiseren en gebruikte heel concrete doelstellingen, zoals voor staal- of cementproductie.

Hoewel China nu grote delen van de economie aan de vrije markt heeft overgelaten, is het Vijfjarenplan nog steeds een belangrijk instrument en bepalend voor de toewijzing van overheidsinvesteringen.

Shell noemt nieuwe eisen van Milieudefensie 'onrealistisch en ineffectief'

1 month ago

Shell is niet van plan in te gaan op de eis van Milieudefensie om onder meer geen olie en gas meer op te pompen uit nieuwe velden. Milieudefensie gaat hiermee "voorbij aan de realiteit van hoe het wereldwijde energiesysteem werkt", schrijft het energieconcern. "Shell beschouwt deze eisen als onrealistisch en ineffectief."

Eind vorige maand had Milieudefensie een brief gestuurd aan Shell met de nieuwe eisen. Die moeten de uitstoot van schadelijke stoffen in 2035 met 70 tot 78 procent omlaag brengen, met als doel nagenoeg geen uitstoot meer in 2050. De klimaatclub wilde uiterlijk binnen drie weken van Shell horen dat hiermee wordt ingestemd. Anders zou Milieudefensie een nieuwe rechtszaak tegen Shell beginnen.

In felle bewoordingen zegt Shell het met Milieudefensie eens te zijn dat dringende actie nodig is om klimaatverandering tegen te gaan. Maar met het aanpakken van één bedrijf verandert er volgens Shell helemaal niets: "Als één bedrijf zou stoppen met het opsporen of produceren van olie en gas, zouden de landen die de uiteindelijke eigenaren zijn van de reserves die ontginningsrechten opnieuw toewijzen aan een ander bedrijf."

Aanknopingspunten

Volgens Shell is dat "niet effectief" om de wereldwijde uitstoot te verminderen: "Het transformeren van het wereldwijde energiesysteem vraagt om gecoördineerde actie van overheden, bedrijven en klanten."

De tegenwerpingen van Shell veranderen voor Milieudefensie niets. Doorgaan op dezelfde voet noemt de actiegroep juist 'onrealistisch', met een verwijzing naar de huidige prijsstijgingen van olie en gas. "Deze fossiele crisis toont dat we al tientallen jaren eerder hadden moeten investeren in duurzame energie zodat we nu niet in deze klimaat- en oliecrisis waren beland", zegt een woordvoerder.

Vijf jaar geleden dwong Milieudefensie via de rechter af dat Shell de uitstoot van CO2 versneld moest terugdringen. Shell ging in hoger beroep en kreeg daarin gelijk. Het gerechtshof in Den Haag oordeelde dat Shell zich aan de regels houdt met het eigen plan om de uitstoot omlaag te brengen.

Milieudefensie ziet in de uitspraak van het hoger beroep aanknopingspunten voor een nieuwe zaak. Bijvoorbeeld dat met investeringen in nieuwe olie- en gasvelden de vraag naar fossiele brandstof blijft aanhouden. Daarom eist de organisatie dat alle olie en gas uit velden die na 2022 werden aangekocht niet meer wordt opgepompt.

Comeback van muziekzaak compleet: Britse keten breidt uit in Nederland

1 month ago

Het was decennia in alle dorpen en steden een vertrouwd beeld in de winkelstraat, en zelfs op elk treinstation: een muziekwinkel. Een grote winkelstraat had zelfs een eigen megastore, een soort warenhuis vol cd's, dvd's, T-shirts, boeken en ander fanmateriaal.

Door de hernieuwde interesse van muziek op vinyl keren muziekwinkels de afgelopen jaren in rap tempo terug in het straatbeeld. De populariteit van de fysieke geluidsdrager groeit zo hard dat zelfs een buitenlandse keten de sprong naar Nederland waagt.

Vorige maand opende het Britse HMV in Den Haag een eerste vestiging in Nederland. En vandaag komt daar al nummer twee bij, in de Amsterdamse Kalverstraat. De locatie nabij de Dam is een nogal saillante plek: één deur naast het pand waar jarenlang de grote muziekwinkel Fame Music zat.

Fame was de eerste en uiteindelijk ook laatste megastore van Nederland. De zaak ging mee ten onder met de financiële malaise van moederbedrijf Free Record Shop twaalf jaar geleden. Op een steenworp afstand zat van 1990 tot en met 2001 ook nog eens de Virgin Megastore, in de kelder van het Magna Plaza.

His Master's Voice

HMV-directeur Phil Halliday is verrast als hij hoort dat de Britse keten in de Kalverstraat de 'buurman' wordt van het voormalige Fame Music. "Ik had echt geen idee. Puur toeval", reageert hij.

HMV is een afkorting van His Master's Voice, een Engels muziekbedrijf met het iconische logo van een hond die nieuwsgierig in de hoorn van een grammofoonspeler tuurt. In 1921 begon het bedrijf in Oxford Street een eerste muziekwinkel.

Eind jaren 90 werd de naam afgekort tot HMV, nadat de winkelketen was afgesplitst van het gelijknamige platenlabel. Kort na de eeuwwisseling telde de keten zeker 250 vestigingen in Groot-Brittannië. Maar net als het Nederlandse Free Record Shop, kwam ook HMV vanaf 2010 in grote problemen door de neergang van de cd-verkoop.

Muziek en popcultuur

In de overlevingsstrijd ging HMV liefst twee keer failliet, tot het in 2019 in handen van een Canadese platenketen kwam. "Gelukkig bleven loyale klanten in die tijden muziek kopen in de winkels die er nog waren. Bijvoorbeeld om met andere liefhebbers in de winkel hun interesses te delen", blikt Halliday terug.

Met de oplevende interesse voor muziek op vinyl kropen de overgebleven platenzaken uit het dal. HMV speelde in op de wens van met name jongeren om muziek 'te beleven', legt Halliday uit.

"De helft van ons aanbod is muziek, de andere helft bestaat uit kleren, boeken, graphic novels en andere dingen uit de popcultuur. Een 8-jarige die bij ons langskomt voor een Pokémon-kaart, neemt een paar jaar later wellicht ook een lp mee. Wie voor Harry Styles komt wil misschien nog een t-shirt, terwijl een Taylor Swift-fan ook een plaat van Fleetwood Mac koopt."

Ook profiteerde HMV in eigen land van de teloorgang van muziekzalen en jeugdhonken. Halliday: "Er kwamen altijd al veel artiesten langs in onze winkels voor optredens. Nu nodigen we ook veel lokale bands en artiesten uit. In Engeland kunnen die nog maar op weinig plekken spelen. Bij ons kan iedereen terecht. Dat hopen we in Nederland ook te kunnen doen."

Europese uitbreiding

In Groot-Brittannië zit HMV met 120 vestigingen inmiddels weer bijna op de helft van het aantal van voorheen. Halliday beseft wel dat de glorietijd van de muziekwinkel niet op die manier terugkeert.

"In Engeland keren wij in bepaalde plekken niet terug, vooral omdat de economie en de winkelstraat daar te veel is vervallen. Er is wel een groeiende vraag naar muziek. We hebben nu 120 Britse winkels, waarom geen 120 erbij in Europa?"

Na Ierland begon HMV eind 2023 met een winkel in Antwerpen, gevolgd door een zaak in Brussel. Naast winkels in Nederland zegt Halliday ook te kijken naar mogelijkheden om winkels te openen in Duitsland en het noorden van Frankrijk.

Halliday verwacht niet dat de buitenlandse keten de lokale muziekwinkels dwars gaat zitten: "In Groot-Brittannië bestaan wij goed naast onafhankelijke muziekwinkels. Ik denk dat wij vooral een positieve bijdrage leveren aan de groei van de muziekcultuur. En we richten ons ook op jonge kopers. Die hopen we te introduceren in de wereld van het verzamelen van platen."

Justitie haalt administratie op bij Tata Steel voor vervuilingsonderzoek

1 month ago

De Inlichtingen- en Opsporingsdienst van de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT-IOD) heeft gisteren bij Tata Steel in IJmuiden administratieve gegevens opgehaald. De informatie is nodig voor het strafrechtelijk onderzoek dat loopt naar de staalfabrikant. Onderzocht wordt of het bedrijf bewust schadelijke stoffen in de grond, lucht of het water heeft afgevoerd.

De ILT-IOD is een dienst die namens het Openbaar Ministerie onderzoek doet naar georganiseerde milieucriminaliteit, waarbij de natuur, mensen en de maatschappij onherstelbaar wordt beschadigd. Het onderzoek naar Tata Steel werd opgestart nadat advocaat Bénédicte Ficq namens meer dan achthonderd omwonenden aangifte had gedaan.

Op basis van het onderzoek van de ILT-IOD naar het productieproces van staal en de kooksgasfabrieken van Tata Steel moet het OM uiteindelijk een besluit nemen of het bedrijf daadwerkelijk vervolgd wordt. Eind 2022 werd samen met het Nederlands Forensisch Instituut een inspectie van het terrein gedaan.

Vervolgingsbesluit

De ILT-IOD stelt dat een groot deel van het onderzoek inmiddels is afgerond en dat een deel van het dossier nu wordt overgedragen aan het OM. Op basis hiervan kan de aanklager besluiten of er voldoende bewijs is om Tata Steel wel of niet te vervolgen.

Ondertussen gaat de ILT-IOD wel door met het onderzoek. Onder meer naar de rol van bestuurders en andere medewerkers van Tata Steel. Wanneer het volledige onderzoek is afgerond kan de dienst nog niet zeggen. De ILT-IOD meldt wel dat Tata Steel medewerking verleende bij de eerdere inspectie en het vorderen van de administratie.

Tata Steel bevestigt de medewerking. "Dit past in de constructieve houding die Tata Steel IJmuiden al vanaf het begin van het onderzoek in februari 2022 voorstaat", zegt het concern in een verklaring. Ook benadrukt Tata Steel dat het "vanuit een hoge urgentie" veel doet om schadelijke uitstoot te verminderen.

VS onderzoekt 'oneerlijke handelspraktijken' met oog op nieuwe heffingen

1 month ago

De VS heeft een onderzoek aangekondigd waarin wordt bekeken of tientallen handelspartners genoeg doen om onder meer dwangarbeid te voorkomen. Het past in de zoektocht van het land naar een nieuwe manier om landen invoerheffingen op te leggen.

Het gaat in totaal om zestig landen en handelspartners, waaronder de Europese Unie en China. Het onderzoek volgt op het besluit van het Amerikaanse Hooggerechtshof om een streep te zetten door de importheffingen die de Amerikaanse president Trump had opgelegd aan tientallen landen.

Die heffingen had Trump vorig jaar aangekondigd en verschilden per land. Zo kregen landen tussen de 10 en 50 procent invoerheffingen opgelegd. Deze importtarieven waren volgens het Hooggerechtshof onwettig omdat Trump het recht niet had om de wet die hij inzette daarvoor te gebruiken. Hij maakte gebruik van de International Emergency Economic Powers Act (IEEPA), een oude noodwet.

'Oneerlijke buitenlandse praktijken'

Kort na het vonnis van het Hooggerechtshof besloot Trump om 10 procent importheffingen op te leggen aan de landen. Deze maatregel was bedoeld ter vervanging van de eerdere heffingen en is maximaal 150 dagen geldig. Ook mogen deze heffingen maar maximaal 15 procent zijn. De heffingen moeten ertoe leiden dat Amerikanen vooral producten kopen die in de VS zelf worden gemaakt.

Om het nieuwe aangekondigde onderzoek uit te voeren maakt de regering van de VS gebruik van artikel 301 uit de Amerikaanse handelswet. Die kan worden gebruikt om "oneerlijke buitenlandse praktijken aan te pakken die de Amerikaanse handel beïnvloeden" is te lezen in een persbericht van het handelsministerie. Deze wet is al eerder gebruikt voor onderzoeken die leidden tot het opleggen van invoerheffingen aan China en de EU.

Met het wetsartikel kan de Amerikaanse overheid reageren op "onrechtvaardige, onredelijke of discriminerende praktijken van buitenlandse overheden." Zoals dus bijvoorbeeld dwangarbeid. Daarmee zou de VS dus ook importheffingen kunnen opleggen aan landen die zich schuldig maken aan dat soort "oneerlijke buitenlandse praktijken".

Aandeel chipmachinemaker Besi schiet omhoog na Amerikaans overnamegerucht

1 month ago

De handel in het aandeel van chipmachinemaker Besi is vanmorgen kort stilgelegd bij de opening van de beurs in Amsterdam. Dat gebeurde nadat het aandeel heel hard steeg, omdat persbureau Reuters een artikel publiceerde over gesprekken die het Nederlandse bedrijf zou voeren over een overname.

Na enkele minuten opende de handel van het aandeel Besi alsnog, bijna 12 procent hoger dan de slotstand van gisteren.

Volgens Reuters heeft Besi gesprekken gevoerd met de Amerikaanse concurrenten Lam Research en Applied Materials. Laatstgenoemde is met een belang van 9 procent de grootste aandeelhouder van Besi. De Nederlandse chipmaker zou de Amerikaanse zakenbank Morgan Stanley in de arm hebben genomen om de interesse te beoordelen.

Veiligheidsrisico

Besi is samen met ASML een van de grote Nederlandse spelers in de chipmachinemarkt. Het bedrijf uit Duiven heeft een beurswaarde van ruim 15,5 miljard euro.

De gesprekken met de twee geïnteresseerde kopers uit de VS raakten volgens Reuters in het slop nadat de Amerikaanse president Donald Trump een jaar geleden een wereldwijde handelsoorlog ontketende. Voor een Amerikaanse overname van de belangrijke chipmaker zou ook overheidstoestemming nodig zijn vanwege de nationale en Europese veiligheid.

Toch zou Besi onlangs weer aan tafel zijn gegaan met Lam Research, meldt Reuters op basis van twee anonieme ingewijden.

Geruchten

Hoewel Besi aan Reuters geen commentaar wilde geven op het artikel, publiceerde het bedrijf na de opening van de beurs wel een persverklaring. Daarin zegt Besi niet te reageren op marktgeruchten: "Het bedrijf is volledig toegewijd aan de uitvoering van het strategisch plan om aandeelhouderswaarde te creëren als een onafhankelijk bedrijf".

Rabobank: economische groei stagneert in alle sectoren door Iran-conflict

1 month ago

De economische groei in Nederland wordt in vrijwel elke sector geremd door de oorlog in het Midden-Oosten, zegt de Rabobank na een berekening. Industrie, vervoer, bouw, groothandel en reisbranche merken rechtstreeks iets van de oorlog. Andere sectoren krijgen er volgens de bank indirect mee te maken.

Volgens Rabo-econoom Leontine Treur treffen de gevolgen uiteindelijk de hele economie. "Er is geen enkele sector die niet wordt geraakt", zegt Treur. Vanwege onzekerheid of hogere kosten worden bovendien uitgaven uitgesteld, waardoor de economische groei stagneert.

Verschillende scenario's

Rabobank heeft drie scenario's berekend: het eerste scenario gaat ervan uit dat de oorlog snel wordt beëindigd, in de twee andere scenario's wordt uitgegaan van een conflict dat langer duurt. "Maar ook al stopt het conflict nu, is er al een impact te zien", zegt Treur.

De industrie zou dit jaar met bijna 2 procent groeien, maar dat zou nu nog 1,6 procent zijn. Als het conflict langer duurt kan dat zakken naar 1,4 procent. Als de olieraffinaderijen in Saudi-Arabië en Qatar door oorlogsschade jaren buiten werking zijn, zoals Rabobank in het zwaarste scenario berekende, dan blijft van de groei maar 0,6 procent over.

Ook andere sectoren worden dus geraakt. Dat komt onder meer door de gestegen energieprijzen. Daar heeft bijvoorbeeld de horeca last van. Die sector had al te maken met de btw-verhoging voor hotelovernachtingen en krijgt daar nu dus een hogere energierekening bij. De groei in de horeca kan in het donkerste scenario overgaan in een krimp van 0,3 procent.

De reisbranche zal ook minder hard groeien, verwacht Rabobank. Door de oorlog worden mensen afgeschrikt om verre reizen te maken en luchtvaarthubs als Dubai en Qatar zijn zwaar ontregeld.

Inflatie

Door de gestegen energieprijzen kan de inflatie ook flink gaan stijgen, zo heeft de bank berekend. Rabobank gaat ervan uit dat als de oorlog binnen enkele weken voorbij is, de inflatie uitkomt op 2,6 procent. Een paar weken geleden werd nog uitgegaan van 2,2 procent.

Als de oorlog langer duurt, kan het dagelijks leven met 3,1 procent duurder worden. In het zwartste scenario, waarbij de olieraffinaderijen in Qatar en Saudi-Arabië verwoest zijn, kan de inflatie uitkomen op 4,4 procent. Als dat uitkomt, verwacht Rabobank dat de benzineprijs boven de 3 euro per liter uitkomt. Een nieuw energiecontract voor huishoudens zou dan tijdelijk oplopen tot ruim 400 euro per maand. De bank gaat nu uit van een energierekening rond de 200 euro per maand.

Ondanks dat blijft de Nederlandse economie in alle scenario's groeien, maar volgens Treur hebben sectoren wel een bepaalde mate van veerkracht nodig.

Ook CPB vindt het te vroeg voor noodsteun om hoge olie- en gasprijzen

1 month ago

Hoewel automobilisten en huishoudens met een flexibel energiecontract nu al de pijn van de oorlog in het Midden-Oosten merken, is het nu te vroeg om al met steunmaatregelen te komen. Dat zegt directeur Pieter Hasekamp van het Centraal Planbureau (CPB). "We moeten niet te snel in de paniekstand schieten. Het is belangrijk om het hoofd koel te houden en pas beleid te maken als de echte effecten duidelijk zijn", benadrukt hij.

Het CPB noemt het nu te vroeg voor steunmaatregelen, omdat de situatie in het Midden-Oosten elke dag nog verandert: "De vorige energiecrisis heeft geleerd dat het goed is om te kijken naar kwetsbare huishoudens, mensen die direct in problemen komen", zegt hij over de periode na de Russische inval in Oekraïne. "Maar het verlagen van de brandstofaccijns is nu niet de beste optie."

Ook het kabinet ziet vooralsnog niets in maatregelen tegen de hogere prijzen.

Inflatie hoger

Als de prijzen voor olie en gas door de oorlog in het Midden-Oosten zo hoog blijven als nu, wordt het leven in Nederland dit jaar 0,6 procentpunt duurder. Maar als de situatie verergert en meer raffinaderijen stilvallen, valt de inflatie dit jaar 1,5 procentpunt hoger uit.

Dat berekent het CPB in een vandaag verschenen nieuwe raming van de economie. Zonder de crisis van nu zou de inflatie dit jaar met 2,3 procent voor het eerst sinds de Russische inval in Oekraïne onder het niveau van 3 procent moeten uitkomen. In 2027 moet het acceptabele inflatieniveau van 2 procent dan binnen handbereik zijn.

De vraag is alleen wat deze verwachting waard is door de bijna twee weken geleden uitgebroken oorlog in het Midden-Oosten. Door de Iraanse raketaanvallen en blokkade van de belangrijke Straat van Hormuz ligt de productie van olie en gas in het Midden-Oosten zo goed als stil. Om de hard gestegen prijzen te laten dalen, besloten Nederland en 31 andere landen gisteren om een recordhoeveelheid olie uit hun strategische reserves vrij te geven.

Of dit de prijzen terug naar het oude niveau brengt, is nog maar de vraag. Voor de economische raming bekeek het CPB wat de verwachtingen van de markten over de energieprijzen voor gevolgen hebben voor de inflatie in Nederland. Bijvoorbeeld met een gasprijs rond de 50 euro per megawattuur en rond de 90 dollar voor een vat ruwe olie.

In dit geval zou de inflatie dit jaar 0,6 procentpunt hoger uitvallen. In plaats van 2,3 procent, zouden de prijzen stijgen met 2,9 procent.

Wereldhandel

Dat verergert als de situatie in het Midden-Oosten lang aanhoudt of verder ontspoort en de gasprijs rond de 100 euro per megawattuur komt en een vat ruwe olie rond de 120 dollar wordt. Dan stijgen de prijzen in Nederland met 1,6 procentpunt en komt de inflatie dit jaar uit op 3,9 procent.

Toch is de inflatie niet de klap van die uit 2022 tijdens de Oekraïnecrisis, benadrukt CPB-directeur Hasekamp. Toen kwam de inflatie door de enorm gestegen energieprijzen uit op liefst 10 procent. Wel is het onzeker wat de tik doet met de wereldhandel en ook het vertrouwen van consumenten en bedrijven om nog geld uit te geven.

"Natuurlijk werkt dit wel door. Mensen voelen de stijgende energieprijzen", zegt Hasekamp. "Maar het hangt ervan af of je veel de auto gebruikt, een flexibel energiecontract hebt of in een slecht geïsoleerd huis woont."

Optimisme

Toch zijn er ook genoeg redenen voor optimisme over een tijdelijke prijspiek, voegt Hasekamp toe. "Voor de oorlog in het Midden-Oosten was de olieprijs laag vanwege overaanbod. Er zijn redenen om te veronderstellen dat het aanbod herstelt. We gaan het zien. Maar hoe langer dit duurt, hoe groter de effecten zijn."

Hoe lastig deze crisis is te voorspellen, merkte Hasekamp in de afgelopen jaren. "Dit voelt een beetje als Groundhog Day", verwijst hij naar de gelijknamige film met acteur Bill Murray die elke dag hetzelfde meemaakt. "In zes jaar als CPB-directeur is dit de vierde keer dat ik rond deze tijd een grote internationale crisis meemaak. Er was de coronacrisis, de inval in Oekraïne, de handelstarieven van Trump en nu dit."

Niet elke keer kwam de voorspelling van het CPB over de effecten van een crisis ook uit, stelt Hasekamp: "Ter geruststelling: de Amerikaanse handelstarieven van vorig jaar hadden veel minder effect dan veel mensen toen dachten."

In vijf jaar flink minder gasverbruik is mogelijk, zegt duurzaamheidsbranche

1 month ago

Nederland kan in relatief korte tijd veel minder last hebben van stijgende energieprijzen door conflicten in de wereld. Het moet mogelijk zijn om in vijf jaar nog eens een derde minder gas te gebruiken. Dat kan door onder meer woningen en bedrijfspanden sneller te isoleren, de warmtenetten uit te breiden, de glastuinbouw te verduurzamen en elektriciteit flexibel in te zetten.

Dat berekende de Nederlandse Vereniging voor Duurzame Energie (NVDE), in een vandaag gepubliceerd Spoedplan voor minder aardgas. Daarin komt de brancheorganisatie met negentien voorstellen waardoor het Nederlandse gasverbruik in vijf jaar tijd kan dalen van 30 naar 20 miljard kuub per jaar.

De NVDE vindt dat de huidige oorlog in het Midden-Oosten nog maar eens laat zien hoe kwetsbaar Nederland is voor een energiecrisis. "Gelukkig is de gasprijs nog niet zo hoog als bij het uitbreken van de oorlog in Oekraïne. Maar je ziet elke keer dat als er ergens in de wereld een conflict uitbreekt de energierekening van Nederlandse gezinnen en bedrijven omhoogschiet", zegt voorzitter Olof van der Gaag.

Hoewel Nederland weinig gas uit het Midden-Oosten haalt, stijgen de prijzen wel omdat de aanvoer uit die regio stilligt door de oorlog. Aziatische landen waar het gas uit met name Qatar wel veel naartoe gaat, concurreren nu met Europa voor ladingen van vooral Amerikaans vloeibaar gas die naar de hoogste bieder gevaren worden.

Van der Gaag concludeert daarom dat de belangrijke energiebron uit instabiele regio's komt: "We weten niet hoelang dit conflict in het Midden-Oosten duurt. Een groot deel van ons gas komt via lng uit de Verenigde Staten. Niemand weet wanneer president Trump de kolder in de kop krijgt en de gasaanvoer naar Europa onder druk zet. We zijn echt extreem kwetsbaar."

Nadat Rusland de gaskraan naar Europa had dichtgedraaid als vergelding voor de steun voor Oekraïne, lukte het Nederland om minder gas te gebruiken. Het jaarlijkse verbruik zakte van 40 miljard kuub naar de huidige 30 miljard per jaar. Van der Gaag erkent dat dit deels gebeurde met pijnlijke maatregelen, zoals de verwarming lager zetten en koud douchen. "Maar er zijn ook huizen geïsoleerd, de industrie is overgestapt op duurzame energiebronnen. Dat zijn positieve maatregelen. En dat kunnen we nu weer doen."

De brancheclub pleit daarom voor subsidies om meer woningen en bedrijfspanden te isoleren en om vergunningen sneller af te geven. Oproepen zoals het heropenen van de gasvelden in Groningen of de energierekening verlagen noemt Van der Gaag "symptoombestrijding": "Natuurlijk moet je mensen soms echt helpen. Maar een echte oplossing is het niet. Je blijft zo namelijk in het oude energiesysteem hangen. Dat maakt ons kwetsbaar. En het is ook nog vervuilend."

Landen halen recordhoeveelheid olie uit reserves om prijsstijging tegen te gaan

1 month ago

Nederland en 31 andere landen brengen een recordhoeveelheid olie uit hun strategische reserves op de markt. Dit moet de omhooggeschoten olieprijs drukken en de economische schade van de prijspiek dempen.

Het gaat om 400 miljoen vaten olie, maakte het Internationaal Energieagentschap (IEA) in Parijs bekend. Dat is ongeveer evenveel als de wereld in vier dagen gebruikt. Nederland geeft ruim vijf miljoen vaten vrij. In totaal hebben IEA-landen zo'n 1,8 miljard vaten olie achter de hand.

"We verwachten dat er een prijsdempend effect uitgaat van het toevoegen van zo'n grote hoeveelheid olie aan de markt", zegt Stientje van Veldhoven (D66), minister van Klimaat en Groene Groei. "Op termijn zullen mensen dat aan de pomp merken, maar we zullen het temperen van de hoge olieprijs ook in de inflatie terugzien."

De olieprijs schoot omhoog nadat Israël en de Verenigde Staten waren begonnen met hun aanvallen op Iran, waarna dat land de Straat van Hormuz blokkeerde. Circa een kwart van de totale olietoevoer naar de wereldmarkt gaat via die cruciale route, maar ook de internationale handel in vloeibaar gas is verstoord. Door de oorlog is verder op diverse plekken olie- en gasinfrastructuur getroffen of stilgelegd.

Reserves tegen prijsschokken

De olieprijs ging de afgelopen dagen op en neer, onder meer door nieuws over de oorlog en uitlatingen van de Amerikaanse president Trump. Hoge olieprijzen en grillige prijsbewegingen kunnen leiden tot politieke onrust, omdat mensen in hun portemonnee worden geraakt. Ook kan het de economie schaden omdat bedrijven hogere kosten maken.

Hoeveel effect het vrijgeven van olie exact heeft, is moeilijk te voorzien, zegt Gertjan ten Broeke, directeur van de stichting COVA die de Nederlandse oliereserve beheert. "Het feit dat we strategische oliereserves hebben is natuurlijk een goed ding, zeker als ze ingezet gaan worden. Dat zou de oliemarkten moeten kalmeren."

Ten Broeke waagt zich niet aan het voorspellen van de prijzen. "Er zit natuurlijk ook heel veel sentiment in de olieprijs. Hoelang gaat de crisis nog duren? Wat er gebeurt laat zich ontzettend moeilijk voorspellen."

Reserve zesde maal aangesproken

Het IEA bestaat vooral uit ontwikkelde landen die voor hun economie afhankelijk zijn van (geïmporteerde) olie. Lidstaten zijn verplicht een oliereserve aan te houden die goed is voor circa drie maanden aan import. In IEA-verband spreken ze af wanneer ze olie uit deze voorraad vrijgeven om de gevolgen van onrust te dempen. De olievoorraad is alleen bedoeld voor uitzonderlijke gebeurtenissen, niet voor normale prijsschommelingen.

In totaal hebben IEA-landen 1,2 miljard vaten olie in hun voorraden. Bedrijven beheren ook nog eens 600 miljoen vaten op verzoek van overheden. Dit is slechts een deel van de wereldwijde olievoorraden, maar die staan niet onder controle van het IEA en de lidstaten.

De laatste keer dat het IEA olie vrijgaf, was na de grootschalige invasie van Rusland in Oekraïne in 2022. In twee ronden gingen toen 128 miljoen vaten olie de markt op. Het IEA gaf eerder olie vrij in aanloop naar de Golfoorlog in 1991, toen twee orkanen het Caribisch gebied troffen in 2005 en bij het uitbreken van de burgeroorlog in Libië in 2011.

Opgericht na olieboycot

Nederland is sinds de start in 1974 lid van het Internationaal Energieagentschap, samen met 31 andere landen. Het IEA werd opgericht nadat olieprijzen omhoog waren geschoten door een olieboycot van OPEC, de organisatie voor olieproducerende landen. Zij weigerden olie te leveren aan landen, waaronder Nederland, die Israël steunden in de Jom Kipoer-oorlog.

De oliecrisis maakte duidelijk hoe kwetsbaar westerse landen zijn voor hoge olieprijzen en verstoring van de aanvoer. Het IEA moet de speciale oliereserves coördineren en landen helpen hun energiebeleid af te stemmen. Later werd de organisatie ook een belangrijke bron van energiedata, en na het sluiten van het klimaatverdrag van Parijs schreef het ook rapporten over klimaatbeleid.

Gasunie: Nederland kwetsbaar bij langdurige gasuitval, noodvoorraad nodig

1 month ago

Nederland is kwetsbaar bij een langdurige onderbreking van de gasaanvoer. Dat blijkt uit een nieuwe weerbaarheidsanalyse van Gasunie-dochter GTS. Volgens de analyse is Nederland goed voorbereid op reguliere leveringsproblemen, zoals koude winters of kortdurende uitval van infrastructuur, maar onvoldoende op een langdurige verstoring van het gasaanbod.

GTS adviseert de minister van Klimaat en Groene Groei over de leveringszekerheid van gas. Het bedrijf benadrukt dat aanvullende maatregelen nodig zijn om een mogelijk gastekort van maanden op te vangen. Centraal in de aanbevelingen staan het operationeel houden van bestaande gasopslagen en het opbouwen van een strategische noodvoorraad.

Daarbij kan zogenoemd 'kussengas' uit de gasopslagen in uitzonderlijke situaties worden ingezet. Dit gas, dat normaal nodig is om druk te behouden in de opslag, kan gedeeltelijk gebruikt worden om tekorten te beperken. In Nederland gaat het om circa 300 miljard kilowattuur kussengas, op Europees niveau om zeker 800 miljard kilowattuur.

Kwetsbaar door geopolitiek

Hans Coenen, lid van de raad van bestuur van de Gasunie, benadrukt: "De gasleveringszekerheid staat of valt met het opbouwen van een strategische noodvoorraad. Door bestaande opslagen extra te vullen én in uiterste nood het kussengas in te zetten, kunnen langdurige tekorten en extreme prijspieken worden voorkomen."

Nederland is steeds afhankelijker geworden van import. Waar ons land vroeger netto-exporteur was, komt nu ongeveer 67 procent van het gas uit het buitenland, vooral uit Noorwegen en via vloeibaar aardgas uit onder andere de Verenigde Staten.

Tegelijkertijd blijft gas cruciaal voor betaalbare energievoorziening en voor het opvangen van schommelingen in zon- en windproductie. Het veranderende geopolitieke klimaat en de hoge afhankelijkheid van import maken Nederland kwetsbaar voor langdurige verstoringen, met risico op economische schade en energiearmoede, vergelijkbaar met de Europese gascrisis na de Russische invasie van Oekraïne.

'Europees risico'

Op korte termijn adviseert GTS aanvullende maatregelen aan zowel de vraag- als aanbodzijde. Aan de vraagzijde kan dat door maximaal in te zetten op kolencentrales voor stroomproductie, om zo de productie via gascentrales te minimaliseren.

Aan de aanbodzijde zijn de maximale inzet van Europese gasopslagen, binnenlandse productie en langetermijncontracten met verschillende leveranciers uit verschillende landen belangrijk.

De bestaande EU-gasopslagen bieden potentieel genoeg kussengas om een tekort van 500 miljard kilowattuur op te vangen, mits de noodvoorraad snel operationeel kan worden gemaakt, meldt GTS. Het CBS meldde in 2025 dat heel Nederland het jaar ervoor 30 miljard kubieke meter aardgas verbruikte. Dat komt ongeveer neer op 300 miljard kilowattuur.

GTS noemt een langdurige gasonderbreking "een Europees risico". EU-lidstaten moeten gezamenlijk risico's beoordelen en afspraken maken over strategische noodvoorraden, zodat deze direct kunnen worden ingezet om huishoudens te beschermen en de industrie draaiende te houden.

Raad van State vernietigt besluit over maximum aantal vluchten Schiphol

1 month ago

Oud-minister Barry Madlener van Infrastructuur en Waterstaat heeft niet goed gemotiveerd waarom er een maximum is aan het aantal vliegtuigen dat mag opstijgen en landen op Schiphol. Dat heeft de Raad van State beslist en daarmee is het luchtvaartverkeersbesluit van vorig jaar vernietigd.

Madlener besloot toen dat er vanaf 1 november 2025 maximaal 478.000 vluchten per jaar vanaf Schiphol mochten gaan, om de geluidsoverlast in de omgeving te verminderen. Ook zouden er minder vliegtuigen in de nacht mogen opstijgen en landen.

Met deze beslissing wordt het onzeker hoeveel vluchten er in de toekomst mogelijk zijn vanaf Schiphol. Er moet nu een nieuw luchthavenbesluit komen en daarin moet de nieuwe minister, Vincent Karremans, beter aantonen hoe een verminderd aantal vluchten gaat leiden tot een afname van overlast voor omwonenden.

Argumenten

Tegen het besluit van PVV-minister Madlener gingen veel partijen in beroep bij de Raad van State, zowel bewoners die een lager maximum wilden als vliegmaatschappijen die geen maximum wilden. Zij wilden dat de hoogste bestuursrechter naar de argumentatie en onderbouwing van de minister zou kijken. Daarover is het oordeel nu dus dat er vanuit het ministerie te weinig onderbouwing is voor het inkrimpen van het aantal vluchten.

Madlener stelde dat een maximum aantal vluchten ook een grens betekent voor geluidsbelasting op de omgeving. De vermindering van het aantal vluchten zou effect hebben op de geluidsoverlast van Schiphol.

De Raad van State gaat daar niet in mee en beargumenteert dat niet elk vliegtuig hetzelfde geluid produceert. Een optelsom van het aantal vluchten zegt onvoldoende over de totale hoeveelheid geluid die in een jaar mag worden geproduceerd.

Daarnaast heeft de minister volgens de Raad van State ook niet duidelijk gemaakt dat het aangepaste luchthavenverkeersbesluit leidt tot een afname van de geluidshinder, terwijl dat wel het doel van het besluit is.

Nachtvluchten

Wat wel blijft staan is de vermindering van het aantal nachtvluchten. In het besluit van oud-minister Madlener staat dat dat aantal terug moet van 32.000 naar 27.000. Geen van de partijen had bezwaar tegen die beslissing, dus de Raad van State laat dat staan.

De krimp van het aantal vluchten op Schiphol is al langere tijd zowel juridisch als politiek onderwerp van gesprek. Een rechter oordeelde dat het kabinet omwonenden beter moest beschermen tegen geluidsoverlast van de luchthaven. De minister vóór Madlener, Mark Harbers, stelde eerder een lager maximum aantal vluchten in, tussen de 460.000 en 470.000.

Na zijn aantreden verhoogde Madlener dat tot 478.000 vluchten. Daarmee besloot hij de geluidshinder iets minder terug te brengen dan was afgesproken.

Een woordvoerder van het ministerie, waar nu VVD'er Karremans aan het roer staat, laat weten dat de uitspraak wordt bestudeerd.

De prijzen aan de pomp lijken weer wat te gaan zakken

1 month ago

Voor het eerst sinds het uitbreken van de oorlog in de Golfregio lijken de prijzen aan de pomp niet verder te stijgen en zelfs een klein beetje te dalen.

Maandag werd er nog aan de pomp brandstof 'gehamsterd', vertelt Stephan Magnus, directeur bij Sakko tankstations. Toen zag hij zijn omzet 25 procent hoger uitvallen dan op een gemiddelde dag. "Het is niet veilig, maar jerrycans werden gevuld om zo goedkoper uit te zijn."

Door de oorlog in de Golfregio liggen olie- en gastransporten via de Straat van Hormuz stil, waardoor vooral diesel- en kerosineprijzen stijgen.

Daling in zicht

Nadat maandag en dinsdag de brandstofprijzen verder waren gestegen, gaan ze morgen bij Sakko weer ietsjes omlaag. Voor benzine betekent dat 1 cent per liter minder en voor diesel 4 cent. Respectievelijk komt dat neer op 2,449 en 2,459 euro per liter. Of de prijzen na morgen verder zullen zakken, durft Magnus niet te zeggen. "Dat is afhankelijk van de Argus- en Pletts-notering", zegt Magnus. Dat zijn onafhankelijke prijsrichtlijnen voor benzine en diesel.

Dat is in lijn met wat consumentencollectief UnitedConsumers signaleert. De adviesprijs voor benzine steeg van maandag op dinsdag met 5,7 eurocent per liter en voor diesel 5,8 cent. "Dat is een flinke stijging", zegt Derk Foolen van UnitedConsumers. "Maar ik verwacht een lichte daling van tussen de 1 en 3 cent per liter morgen aan de pompen."

Foolen wijst naar de uitspraken van de Amerikaanse president Trump als voornaamste oorzaak voor de daling. Gisteravond zei Trump tegen de zender CBS dat de oorlog bijna voorbij is, maar vandaag volgden nieuwe aanvallen van Iran op een van de grootste olieraffinaderijen in Abu Dhabi.

Vertraging aan de pomp

Ook schoot de olieprijs vandaag kortstondig verder naar beneden na een bericht van de Amerikaanse energieminister Chris Wright op X. Hij meldde dat een olietanker met succes door de Straat van Hormuz was geëscorteerd, maar verwijderde het bericht snel weer. Het Witte Huis sprak kort daarna tegen dat het Amerikaanse leger een olietanker had begeleid door de belangrijke zeestraat bij Iran.

Volgens ING-econoom Rico Luman dalen de prijzen aan de pomp pas echt als de Straat van Hormuz weer veilig opengaat. Hij verwacht dat de prijzen aan de pomp de komende tijd wel iets kunnen dalen, maar niet net zo hard als een vat olie. "Vaak zit er enige vertraging op de prijzen, omdat oliebedrijven de situatie in de Golfregio willen aankijken."

Oud-KLM-topman Elbers per direct weg bij Indiase vliegmaatschappij

1 month ago

Pieter Elbers, de voormalige baas van KLM, stopt per direct als CEO bij de Indiase vliegmaatschappij IndiGo. In december kwam de luchtvaartmaatschappij in zwaar weer terecht omdat het bedrijf duizenden vluchten annuleerde.

Eind vorig jaar veranderden de regels voor piloten in India en werden zij onder meer verplicht om langer te rusten. Ook mochten ze minder nachtlandingen maken. Daardoor ontstond bij IndiGo krapte in de roosters. De luchtvaartmaatschappij moest noodgedwongen duizenden vluchten schrappen, waardoor door het hele land honderdduizenden reizigers strandden.

De problemen waren dusdanig groot dat het Indiase luchtvaartministerie zich ermee bemoeide. Het ministerie gaf de Nederlander in januari een officiële waarschuwing en vond dat hij had "gefaald in zijn plicht" om eerder maatregelen te nemen. Elbers bood toen zijn excuses aan voor de chaos op de Indiase vliegvelden.

Met Elbers als topman breidde IndiGo fors uit, maar in het laatste kwartaal van 2025 kelderde de omzet door de vele problemen. Medeoprichter Rahul Bhatia neemt de taken van Elbers over, totdat er een nieuwe CEO is aangesteld.

Honderden nieuwe toestellen

De Nederlander stond ruim drie jaar aan het roer bij de grootste vliegmaatschappij van India. Zijn komst in 2022 ging gepaard met grote ambities: hij moest IndiGo internationaal op de kaart zetten. Hij zette vol in op de groei, onder meer door honderden nieuwe vliegtuigen aan te schaffen.

Voordat Elbers bij IndiGo werd aangesteld werkte hij dertig jaar bij KLM, waarvan de laatste acht jaar als topman. Hij moest daar vertrekken, omdat zijn contract niet werd verlengd.

Van voedsel tot insecten: Nederlandse export naar Midden-Oosten flink geraakt

1 month ago

Door de oorlog in het Midden-Oosten staat de wereldhandel op z'n kop. In Nederland merken we de gevolgen van de oorlog vooralsnog vooral aan de olie- en gasprijzen die de afgelopen week hard gestegen zijn. Maar ook voor onze export is de regio een belangrijke afzetmarkt. Dat strekt zich uit van geneesmiddelen tot verse groenten en van zuivel tot machines.

"Landen in het Midden-Oosten importeren gemiddeld zo'n 80 procent van hun voedsel", zegt Niels de Hoog. Hij is econoom en volgt de regio voor Atradius, een verzekeraar van exportgoederen. "Maar de meeste landen hebben wel een voorraad voor een aantal maanden of meer, dus tekorten zullen we op de korte termijn niet zien."

Vervoer via zee en lucht

Het vervoer van goederen naar het Midden-Oosten gebeurt veelal over zee, wat door de blokkade van de Straat van Hormuz nagenoeg onmogelijk is geworden. Grote zeevrachtbedrijven zoals Maersk en MSC hebben laten weten op dit moment geen nieuwe opdrachten van, naar of via de regio aan te nemen.

"Alle goederen die al onderweg waren blijven steken in de omliggende havens. Dat zorgt voor opstopping en het kan nog wel maanden duren voordat dat is weggewerkt", zegt Casper Roerade van Evofenedex, de branchevereniging voor logistiek. Op dit moment gaat er 80 procent minder vracht - via lucht en zee - naar de regio, ziet hij.

Ook de luchtvracht wordt flink beperkt door de oorlog. Meerdere landen houden hun luchtruim al dagen gesloten en grote luchtvaartmaatschappijen moesten noodgedwongen bijna alle vluchten naar de regio schrappen. "Ongeveer de helft van alle luchtvracht maakt normaalgesproken een stop in het Midden-Oosten, dat kan nu nog amper'', zegt Roerade.

De impact is voelbaar voor het bedrijf van Robert Lesmeister. Hij is commercieel directeur van Squiby Foods, een Nederlands bedrijf dat allerlei voedingsmiddelen, zoals kaas en vis, naar het Midden-Oosten exporteert. "Ongeveer 80 procent van onze omzet komt uit die regio."

Nu blijft veel vracht dus onderweg steken. "Wij hebben nog ongeveer 25 containers verspreid over de route op het water liggen. Zolang de Straat van Hormuz dicht blijft, is het afwachten wat er met die vracht gaat gebeuren de komende weken." Ook in de loods van het bedrijf staan tientallen pallets met goederen die eigenlijk al onderweg hadden moeten zijn.

Hoewel de meeste vracht van Squiby Foods via zee wordt vervoerd, maakt het bedrijf ook gebruik van luchtvracht. "De tocht naar het Midden-Oosten per schip kan een paar weken duren. Dat is voor onze houdbare producten geen probleem, maar voor verse producten mag het vervoer niet te lang duren", legt Lesmeister uit.

Kwetsbare zendingen

Een ander Nederlands bedrijf dat veel naar het Midden-Oosten exporteert, is Koppert. Dat bedrijf kweekt insecten en mijten die wereldwijd als biologische gewasbescherming worden ingezet, als alternatief voor chemische bestrijdingsmiddelen. "Onze zendingen zijn heel kwetsbaar. Het zijn levende organismen, dus die moeten zo snel mogelijk bij de klant terechtkomen", aldus Martijn van de Waarsenburg, manager wereldwijde logistiek bij Koppert.

"Toen de oorlog uitbrak, stonden er tien zendingen van ons klaar om per vliegtuig naar of via het Midden-Oosten te worden vervoerd", zegt hij. "Ondertussen hebben we alternatieve routes gevonden voor onze bestemmingen in Afrika, maar we kunnen het Midden-Oosten nog steeds niet bereiken."

Het vervoer gaat via partijen als KLM Cargo. Een deel van de vracht gaat met passagiersvliegtuigen mee en voor een ander deel worden aparte cargovliegtuigen ingezet. Het bedrijf zegt dat er voor de oorlog bijna dagelijks drie vliegtuigen met vracht naar de getroffen gebieden vlogen.

"Het gaat om tijdkritische goederen, dan moet je denken aan medicijnen, verse producten als vis, maar ook essentiële onderdelen om fabrieken draaiende te houden", zegt Charlotte Elpers, hoofd van de wereldwijde vrachtoperatie bij KLM.

Belangrijk knooppunt

Daarnaast is het Midden-Oosten een knooppunt voor de wereldwijde handel, vooral voor de handel met andere delen van Azië. "We vliegen nu met grotere vliegtuigen om direct naar bestemmingen in die regio te kunnen vliegen", legt Elpers uit.

Roerade zegt dat vervoerders druk bezig zijn om hun routes te verleggen, zodat de handel door kan gaan. "Dan kun je denken aan transport via land vanuit Saudi-Arabië, waar een aantal luchthavens wel nog open zijn."

Ook Lesmeister van Squiby Foods zegt dat hij flexibel moet blijven en ondanks de situatie blijft hij positief. "We doen dit al dertig jaar. We hebben al oorlogen, de financiële crisis en coronaperiode meegemaakt, dus we zijn ondertussen gewend om te werken onder dit soort omstandigheden".

Kabinet bereidt maatregelen voor tegen hoge brandstofprijs, 'maar nu nog te vroeg'

1 month ago

Het kabinet bereidt zich voor op maatregelen om de koopkracht te beschermen nu de brandstofprijzen zo hard stijgen door de oorlog in het Midden-Oosten. Rond komend weekend krijgt de Tweede Kamer een brief met daarin de mogelijke scenario's.

Dat heeft staatssecretaris Eerenberg van Financiën gezegd in de Tweede Kamer op vragen van Denk-Kamerlid Ergin. Het kabinet wil nog wel eerst de ontwikkelingen van de komende dagen afwachten.

"De brandstof is al jarenlang peperduur", betoogde Ergin. "Als we niets doen, betalen we straks 3 euro per liter aan de pomp." De staatssecretaris uitte begrip voor de zorgen. "Dat mensen schrikken van de prijzen aan de pomp en de gevolgen die dat heeft voor hun koopkracht, dat onderkent en ziet het kabinet."

'Waar kijken we precies naar?'

Benzine kost op dit moment zo'n 2,45 euro per liter en de dieselprijs ligt inmiddels boven de 2,50 euro. Toch wil Eerenberg niet te snel maatregelen nemen, maar eerst de ontwikkelingen nog even afwachten. "Waar kijken we precies naar? Is er sprake van een piek of gaat het om een structurele prijsverhoging?"

In het laatste geval wil de staatssecretaris snel kunnen handelen, al maakte hij niet duidelijk waar het kabinet dan aan denkt. De maatregelen moeten in ieder geval betaalbaar en uitvoerbaar zijn, en terechtkomen bij de mensen die het het hardst nodig hebben.

Verschillende Kamerleden pleitten voor een onmiddellijke verlaging van accijnzen of de btw op brandstof. "Het is huilen aan de pomp", zei SP-leider Dijk. Eerenberg wil dat soort maatregelen alleen nemen als zeker is dat het echt nodig is. Hij wil ook het liefst kijken naar de gehele koopkracht van mensen, want de vrees is dat ook veel andere producten duurder worden.

Binnenkort debatteert de Tweede Kamer over de economische gevolgen van de oorlog in het Midden-Oosten.

EU-overleg in Brussel

De kwestie kwam vandaag ook aan de orde in Brussel. Daar had Eurocommissaris Dombrovkis van Economie een overleg met de EU-ministers van Financiën.

Dombrovkis zei dat lidstaten alleen tijdelijke maatregelen mogen nemen tegen de hoge energieprijzen. Als ze willen ingrijpen, kan dat alleen in onderling overleg en het mag niet te veel ten koste gaan van hun nationale begrotingen.

Thuiskoks en -bakkers lang niet altijd bewust van hygiënevoorschriften

1 month ago

Het aantal thuischefs dat zich inschrijft bij de Kamer van Koophandel (KVK) is de afgelopen jaren sterk gestegen. Steeds meer mensen beginnen vanuit hun eigen keuken een cateringbedrijf, bakservice of maaltijdservice, maar veel van deze starters blijken nauwelijks op de hoogte van de regels voor voedselveiligheid.

Volgens de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) en KVK weten negen van de tien beginnende ondernemers niet welke verplichtingen gelden zodra zij eten bereiden of verkopen.

Iedereen die met voedsel werkt, moet dat doen volgens bepaalde voorschriften. Daarin staat hoe je veilig omgaat met voedsel, bijvoorbeeld door schoon te werken, besmetting te voorkomen en temperaturen goed te controleren.

Als professionele keuken

Ook moeten ondernemers zich registreren bij de NVWA. Toch blijkt dat veel thuischefs pas laat ontdekken dat deze regels ook voor hen gelden, zelfs als ze klein beginnen en vanuit huis werken.

Veel starters realiseren zich niet dat voor hen dezelfde regels gelden als in professionele keukens. Die onwetendheid kan leiden tot gezondheidsrisico's voor klanten, reputatieschade en boetes.

De populariteit van koken en bakken wordt onder meer aangejaagd door sociale media. Platforms als Instagram en TikTok maken het eenvoudig om gerechten te promoten en een klantenkring op te bouwen.

Zogenoemde "foodcontent" is een van de grootste online categorieën en dat stimuleert hobbykoks om de stap naar het ondernemerschap te zetten. De drempel is laag: er zijn weinig investeringen nodig en mensen kunnen vanuit huis werken, vaak naast een vaste baan.

Voorlichtingsvideo

Uit cijfers van het Handelsregister blijkt dat het aantal parttime thuiscateraars in vier jaar tijd bijna is verdubbeld: van ruim 4000 in januari 2022 naar meer dan 8000 begin dit jaar. Ook het aantal zzp'ers dat volledig vanuit huis een cateringbedrijf runt, groeide fors, tot ruim 16.800.

Om starters beter te bereiken, hebben KVK en NVWA een gezamenlijke voorlichtingsvideo gelanceerd. Daarin wordt uitgelegd welke regels gelden, hoe ondernemers zich kunnen voorbereiden en hoe ze zich moeten registreren.

Volkswagen boekt laagste winst in jaren: 5 miljard euro minder dan vorig jaar

1 month ago

Volkswagen heeft het afgelopen jaar de laagste winst in jaren geboekt. Voor het Duitse autoconcern kwam de winst uit op 6,9 miljard euro, ruim 5 miljard minder dan een jaar eerder.

De financiële topman van het bedrijf wijst als oorzaak op de geopolitieke spanningen, de ingevoerde importheffingen en grote druk van concurrenten. Vooral in de VS daalde de verkoop, in Europa werden er juist meer auto's verkocht.

Het concern, met naast Volkswagen de merken Seat, Audi en Porsche, verkocht in 2025 wereldwijd uiteindelijk vrijwel net zoveel auto's als een jaar eerder. Toch zakte de winst naar het laagste niveau sinds 2016.

Geen gedwongen ontslagen

Het bedrijf neemt maatregelen om winstgevender te worden, want er is geld nodig om te investeren in nieuwe elektrische modellen. Een van de maatregelen is het schrappen van banen. Tot 2030 zullen er 50.000 banen verdwijnen.

Dat aantal was al bekendgemaakt en het concern heeft beloofd dat er geen gedwongen ontslagen zullen vallen. Wereldwijd werkten er eind 2025 meer dan 660.000 mensen bij Volkswagen.

Duitslandcorrespondent Charlotte Waaijers:

"Volkswagen staat nog altijd symbool voor de stand van de economie in Duitsland en dus drukt opnieuw slecht nieuws al snel de stemming in het land. Het verhoogt ook de druk op bondskanselier Merz om meer te doen om de economie te helpen.

Tijdens zijn bezoek afgelopen week aan de Amerikaanse president Trump wilde hij duidelijk krijgen wat er nou met de Amerikaanse importheffingen gaat gebeuren die ook Duitse bedrijven hard raken, maar die duidelijkheid is er nog niet."

Wereldwijde oliepaniek kent verliezers én winnaars

1 month ago

De prijs van een vat olie ging maandag voor het eerst in jaren door de grens van 100 dollar. Het bedrag zakte vannacht weer iets nadat de Amerikaanse president Donald Trump zei dat de oorlog in het Midden-Oosten "zo goed als voorbij is", maar olie is nog altijd veel duurder dan enkele weken terug.

Het laat zien hoe sterk de invloed van de oorlog is op de energiemarkt. De paniek raakt autobezitters aan de pomp, maar op geopolitiek niveau dreigen nog veel grotere verliezers. "Dit kan meer invloed hebben dan alle vorige oliecrises gecombineerd", zegt geo-economisch analist Michel Don Michaloliákos (Haagsch Instituut GeopolitiekNu).

Eén plek in het Midden-Oosten is de belangrijkste boosdoener van de energiepaniek: de Straat van Hormuz. Normaal gesproken gaat zeker een vijfde van alle vloeibare gas- en oliehandel via deze zeestraat bij Iran. "Iran heeft al bewezen op alles te schieten wat er nog doorheen gaat", zegt Annet Koster, directeur van De Koninklijke Vereniging van Nederlandse Reders. "De facto komt het op een afsluiting neer."

Doordat olie nu een stuk lastiger of helemaal niet weg kan uit de producerende landen rondom de Straat, raken de opslagen daar snel vol. Irak kan bijvoorbeeld maar voor zes dagen aan productie kwijt in depots, zegt Michaloliákos. "De blokkade legt op die manier alles stil."

Daarbovenop komen de aanvallen over en weer op oliedepots en -installaties. Zo heeft Israël in Iran olievoorraden in de brand gestoken. Iran schakelde in Qatar een faciliteit voor vloeibaar gas uit, en in Saudi-Arabië de grootste olieproductiefaciliteit ter wereld.

Vooral dat laatste land is een enorme olieproducent; de tweede ter wereld. Toch vormt de schade niet direct een groot gevaar voor de wereldwijde toevoer van olie. Landen hebben (nood)voorraden en andere olieproducerende landen kunnen een been bijtrekken.

Maar dat kent wel z'n grenzen, zegt Michaloliákos. "De VS, Brazilië, Guyana, Venezuela en andere landen kunnen opschalen, maar dat compenseert niet het hele productieverlies."

Autoloze zondag

Dat vrezen ook handelaren, laten de snel gestegen olie- en gasprijzen zien. Michaloliákos: "Als dit nog een maand aanhoudt, komt de wereldwijde leveringszekerheid in gevaar."

Het gevolg: nog hogere brandstofprijzen. Ook andere sectoren blijven niet gespaard, legt econoom Mathijs Bouman uit. "Een oorlog in een oliegebied heeft altijd direct veel economische effecten. Als het langer duurt, worden ook spullen die gemaakt worden van olie duurder. En uiteindelijk ook alternatieven voor olie. Dan krijg je algehele hoge inflatie."

Michaloliákos plaatst wel een nuance: de invloed van olieprijzen is minder dan vroeger. Door verduurzaming zijn industrieën (en autorijders) minder afhankelijk van olie en olieproducten dan bijvoorbeeld tijdens de oliecrisis van 1973. "Toen leidde een olieprijsstijging van 10 dollar tot flink meer inflatie dan het nu doet."

Iran raakt zichzelf misschien wel het hardst met de zeeblokkade. "Iran heeft de olie-inkomsten nodig om de oorlog vol te kunnen houden", zegt Michaloliákos.

Toch is het maar de vraag of dat voor het regime reden is om de strijd sneller op te geven. De Iraanse economie doet het al jaren slecht, en het regime lijkt, ook door de protesten en nu de Amerikaans-Israëlische aanvallen, alleen maar te zijn verhard. "Deze oorlog gaat voor het Iraanse regime om overleven", zegt hoogleraar Militaire Studies Martijn Kitzen.

Ondertussen profiteren Amerikaanse oliebedrijven flink van de oorlog, zegt Bouman. "De Amerikanen exporteren veel olie en vloeibaar gas, en hebben geen last van productieverstoringen. Als die prijzen stijgen, profiteren ze dus financieel."

China pijn doen

Z'n grote productiecapaciteit geeft de VS bovendien een geopolitiek wapen, zegt oud-topmilitair Rob Bauer. "Als de Amerikanen lelijk doen, kan China dreigen de levering van grondstoffen voor wapens en satellieten te stoppen. Maar wat de Amerikanen in Venezuela en nu in Iran laten zien: wij hebben ook machtsmiddelen om jullie pijn te doen."

China is namelijk een belangrijke afnemer van Irans olie. Bauer: "China heeft voorraden opgebouwd, maar als dit langer duurt, heeft China er absoluut last van dat Irans productie platligt."

Voor Europa geldt dat er behoorlijk wat olievoorraden zijn, zeker in Nederland. "Met Rotterdam hebben we de grootste reserve van Europa, want daar zitten raffinaderijen", zegt Michaloliákos.

Maar, benadrukt Bouman, ook hier kan de levering uiteindelijk onder druk komen te staan. De risico's van onze afhankelijkheid van buitenlandse olie en gas zijn te groot, vindt hij.

"Het echte wat we hiervan moeten leren: Nederland en Europa als geheel moeten nog veel sneller af van die fossiele brandstoffen, want die produceren we niet zelf. De geopolitieke kosten zijn veel groter dan de kosten die we zouden moeten maken om dat proces een beetje te versnellen."

NOS Economie