Overslaan en naar de inhoud gaan

Moederbedrijf van Citroën en Fiat lijdt verlies van 2,3 miljard euro

8 months 3 weeks ago

Stellantis heeft een zwaar half jaar achter de rug. Het moederbedrijf van merken zoals Citroën, Fiat, Peugeot en Opel heeft een nettoverlies van 2,3 miljard euro geleden. Het autobedrijf gaf vandaag een winstwaarschuwing af.

Het verlies wordt mede veroorzaakt doordat het autobedrijf fors minder auto's heeft verkocht. De opbrengsten daalden met 13 procent in vergelijking met een jaar eerder. Vorig jaar boekte het concern nog een winst van 5,6 miljard euro, maar dit jaar valt het door verschillende oorzaken tegen.

Stellantis kampte de afgelopen maanden met extra kosten door onder meer projecten die werden afgebroken en afschrijvingen op technische platforms.

Het autoconcern heeft ook flink te lijden onder de Amerikaanse invoerheffingen. Begin april voerde de Amerikaanse president Trump een importbelasting in van 25 procent op auto's van buiten de VS. De Europese automerken zijn daardoor flink duurder geworden in de VS. Het bedrijf heeft daardoor 100.000 auto's minder verscheept naar de VS. Naar schatting kost dit het autoconcern zo'n 300 miljoen euro.

Ook de verkoopcijfers in Europa vallen tegen. Stellantis heeft steeds meer concurrentie van het Chinese automerk BYD.

Er ging dit jaar nog meer mis bij een aantal automerken van Stellantis. Begin deze maand riep Stellantis 24.000 auto's terug vanwege slijtage aan de motoren. Een maand eerder mochten 33.000 auto's van Citroën in Nederland niet meer de weg op vanwege een defect aan de airbags. Stellantis heeft vandaag in het bericht niets gezegd over deze terugroepacties.

Europa ruziet met Nederland over het spoor, moeten reizigers straks vaker overstappen?

8 months 3 weeks ago

Het piept en het kraakt op het landelijke spoor. De grootste vervoerder van het land, de NS, zit al enkele jaren op rij diep in de financiële problemen. Ondertussen moeten te veel reizigers staan in de trein, die ook net iets te veel met vertraging rijdt. Ook ligt NS overhoop met de vakbonden over een nieuwe cao én staat de vergunning voor het landelijke spoornet op het spel.

Wat is er aan de hand?

Het lukt NS niet om financieel te herstellen van de coronacrisis, toen de treinen door de lockdowns twee jaar zo goed als leeg waren. Mede door het vaker kunnen thuiswerken zijn er minder reizigers dan voor 2020. Ondertussen willen conducteurs en machinisten beter worden betaald en gecompenseerd voor het zware werk op de trein. Maandag wezen de twee grootste vakbonden een laatste cao-aanbod van NS af, waardoor nieuwe stakingen dreigen. Hier kwam donderdag nog een nieuw probleem bij: de Europese Commissie stapt naar het Europese Hof van Justitie omdat NS zou zijn voorgetrokken bij een nieuwe vergunning op het landelijke spoornet.

Wat betekent dat precies?

Lokale, regionale en landelijke overheden geven vergunningen uit waarmee vervoerders een bepaalde periode bussen, trams of treinen in een gebied mogen rijden. Deze vergunningen moeten volgens Europese regels worden aanbesteed. Elke vervoerder heeft dan een eerlijke kans om als beste uit de bus te komen. NS was sinds 1938 lange tijd monopolist op het Nederlandse spoor. Rond de eeuwwisseling werden spoorlijnen in het noorden, oosten en zuiden losgekoppeld van het landelijke spoor. Daar rijden nu vervoerders als Arriva, Keolis, Breng en RRReis.

Het Nederlandse hoofdrailnet, waarover 90 procent van de treinreizigers reist:

Voor het landelijke spoor kreeg NS zo'n twee jaar terug al van het kabinet de vergunning voor de periode van 2025 tot en met 2033 opnieuw toegewezen. Dat werd gedaan zonder aanbesteding. De Europese Commissie waarschuwde Nederland meerdere malen dat dit tegen de regels is. Toch ging de nieuwe vergunning dit jaar gewoon in voor NS, die ook nog eens in staatshanden is. De Europese Commissie sleept Nederland voor dit voortrekken nu voor het Europese Hof van Justitie.

Wat staat er voor NS op het spel?

Als Nederland de zaak verliest kan het worden gedwongen alsnog een aanbesteding te doen voor het landelijke spoornet. Hiervoor moet onder meer worden onderzocht of er andere vervoerders zijn die op het hele of delen van het landelijke spoor treinen willen laten rijden. De kans dat andere vervoerders willen meedingen naar het hele spoornet lijkt nul. Die stap is volgens concurrenten als Arriva en Connexxion te groot.

Maar: ze willen wel in fases meer regionale lijnen afsnoepen van het huidige landelijke spoor, oftewel: stoptreinen overnemen van NS. Dit zou voor NS betekenen dat het bedrijf een groot deel van het jarenlange monopolie kwijtraakt (zie het kader onderin dit artikel).

Wat betekent dit voor mij als reiziger?

Wie bijvoorbeeld dagelijks van Hoorn Kersenboogerd naar Utrecht reist, kan nu in de trein naar Maastricht lekker blijven zitten. Als de lijn van Hoorn naar Amsterdam naar een concurrent gaat, zou dat overstappen en extra in- en uitchecken kunnen beteken. Mogelijk gelden er ook nog verschillende tarieven.

Dat druist in tegen de wens van partijen in de Tweede Kamer, waarvan enkele het hele spoor het liefst terugbrengen bij NS. De NS-concurrenten wijzen erop dat reizigers in bijvoorbeeld Amersfoort en Groningen al jaren zonder problemen overstappen. Daar kunnen zij hun regionale treinen ook beter aansluiten op lokale busdiensten.

Spoordeskundigen noemen het huidige treinverkeer in Nederland internationale top, op Zwitserland na zelfs het beste in Europa. Tegelijk noemen ze het ook kwetsbaar. Problemen in het ene deel van het land slaan snel over naar andere delen. Bij het 'ontvlechten' van het spoornet zou een blikseminslag in Hoorn bijvoorbeeld niet van invloed zijn op reizigers in Maastricht.

Om hun gelijk te halen wijst de NS-concurrentie naar Zwitserland: daar is het als een klok rijdende spoorsysteem eerder ook opgeknipt. Hierbij wordt er wel op toegezien dat treindiensten goed op elkaar aansluiten.

Op welke lijnen met stoptreinen aast de concurrentie? 2026: 2027: 2028: 2029: 2031: 2032: 2033:

Alweer verdwijnt een supermarkt bijna volledig uit het straatbeeld: Coop

8 months 4 weeks ago

C1000, Deen, Edah, Super de Boer, Emté, Jan Linders, Konmar: het is inmiddels een lange lijst van supermarktketens die sinds begin van deze eeuw zijn verdwenen uit het Nederlandse straatbeeld. Eind deze maand komt er weer een nieuwe naam bij: Coop. Ooit goed voor ruim 300 winkels en verdwijnt over een paar weken bijna volledig uit het straatbeeld.

En dat terwijl in 2019 - toen Coop een deel van de Emté-winkels had ingelijfd - financieel directeur Herco Boer nog trots zei: "We hebben Coop nog steviger op de kaart gezet." Maar een paar jaar na deze uitspraak werd Coop 'opgeslokt' door Plus. Honderden Coop-winkels zijn sindsdien omgebouwd naar Plus-winkels en tientallen - vooral kleinere - Coop-supers werden verkocht aan partijen als Spar, Van Tol en de Boon Food Group.

Bij Boon wordt de naam Coop langzaam uitgefaseerd. De dertien ondernemers die overstappen naar Van Tol blijven de merknaam Coop gebruiken.

'Voelde als familie'

Jan Obe Hobma, eigenaar van de Coop in het Overijsselse Sint Jansklooster, zegt: "Ik mag zo'n beetje het licht uitdoen eind deze maand." Zo'n 17,5 jaar heeft hij de Coop-winkel gerund. "Of het me aan het hart gaat dat dit merk verdwijnt? De Coop-organisatie voelde als een familie, dat wel. Ik stap straks over naar de Boon-familie. Dat voelt hopelijk ook goed. Wat de klanten ervan vinden? Die zijn allang blij dat er in dit dorp een supermarkt blijft. Wij zijn de enige namelijk."

Ook Pieter Steenbergen, die een boek schreef over 150 jaar Coop, vreest dat veel klanten hun schouders erover ophalen: "Coop was met een marktaandeel van bijna 4 procent toch relatief klein. En ze moesten met de prijzen steeds meer opboksen tegen grote jongens als de Aldi en Albert Heijn. Dat werd gewoon een moeilijk verhaal."

Welke supermarktenmerken verdwenen de afgelopen jaren? Volg de grijze lijnen om te zien waar oude ketens terechtkwamen:

De vraag is natuurlijk: blijft het hierbij of kunnen we de komende jaren nog meer overnames verwachten? Retailkenner Erik Hemmes laat wat namen vallen: Dekamarkt, Vomar, Hoogvliet, Nettorama, Poiesz. Allemaal relatief kleine ketens, vaak in handen van een familie. Om die reden ziet hij verdere consolidatie niet snel gebeuren. "Al zou je kunnen zeggen: bijvoorbeeld Nettorama en Dirk van den Broek zouden ook prima samen kunnen."

Maar misschien zijn er wel buitenlandse partijen die voor een verrassing zorgen. Hemmes: "Er wordt al jaren over gesproken dat het Belgische Colruyt geïnteresseerd zou zijn in de Nederlandse markt. En je kunt je afvragen of Picnic als online supermarkt niet over een paar jaar zegt: We zijn nu zó bekend, we beginnen met een winkeltje op de hoek. Kunnen allemaal nieuwe ontwikkelingen zijn."

Sinds 2000 zijn er dus negen ketens verdwenen. Betekent dat minder keuze voor de consument? Ilse van Velden van marktonderzoeker Yougov (voorheen GfK): "Er blijven nog wel genoeg verschillende supermarktformules over. In de meeste gebieden heb je genoeg keuze en concurrentie, al wordt dat niet altijd zo ervaren. Ik woon zelf in een niet al te grote plaats en daar zijn zes verschillende supermarkten. Dus ik kan kiezen tussen bijvoorbeeld discounters of servicesupermarkten."

"De overnames maken het niet per se goedkoper voor de consument. De prijzen stijgen, personeelskosten stijgen. Het gaat er met name om dat die lokale supermarkt blijft, dat die ondernemer blijft, dat is belangrijk voor de consument. En het is te hopen dat hierdoor meer winkels open kunnen blijven."

Voor kleine dorpen waar de laatste super verdwijnt of is verdwenen, ziet Van Velden wellicht nog nieuwe mogelijkheden. "Misschien wel de terugkeer van de SRV-wagen, boerderijwinkels of Picnic dat in die gebieden gaat bezorgen."

Correctie van de redactie

In een eerdere versie van dit artikel stond dat de naam Coop uit het straatbeeld verdwijnt. Hierbij werd niet vermeld dat een aantal winkels de merknaam wel blijft gebruiken. Dat is alsnog toegevoegd in alinea drie.

Trump klaagt Wall Street Journal aan om Epstein-verhaal

8 months 4 weeks ago

De Amerikaanse president Trump heeft The Wall Street Journal (WSJ) aangeklaagd voor de berichtgeving over Jeffrey Epstein, en zijn band met Trump. De krant publiceerde afgelopen week een artikel over een verjaardagskaart die Trump in 2003 aan Epstein zou hebben gestuurd, waarin hij een seksueel getinte tekening zou hebben gekrabbeld en verwees naar "heerlijke geheimen" die de twee mannen zouden delen.

Trump eist nu 10 miljard dollar in een rechtszaak die hij in Miami is gestart tegen WSJ, het moederbedrijf van de krant en eigenaar Rupert Murdoch. Volgens Trump hebben de krant en zijn verslaggevers hem smadelijk behandeld en "ongelofelijke reputatie- en financiële schade berokkend". Volgens de president is de verjaardagskaart waarover de krant berichtte nep en kan de krant ook niet aannemelijk maken dat die echt is.

Seksfeestjes

De steenrijke investeerder en veroordeelde zedendelinquent Epstein maakte in 2019 in een New Yorkse cel een einde aan zijn leven. Hij zat vast op verdenking van nieuwe zedenzaken en mensenhandel. Sinds zijn dood geloven veel Amerikanen dat hun regering de waarheid achterhoudt over Epstein en zijn seksfeestjes met rijke en beroemde vrienden, onder wie ook machtige politici.

Ook een invloedrijk deel van Trumps achterban denkt nu dat Trump iets verbergt: Trump gaf daarom gisteren het ministerie van Justitie opdracht om de getuigenissen in de zaak tegen Epstein vrij te geven, "gezien de belachelijke hoeveelheid publiciteit" in deze zaak.

De krant heeft laten weten de rechtszaak met vertrouwen tegemoet te zien: "We hebben het volste vertrouwen in de nauwkeurigheid van onze verslaggeving, en zullen ons krachtig verdedigen in welke rechtszaak dan ook."

'Belachelijk hoge eis'

Het bedrag dat Trump nu eist, is veel hoger dan ooit is toegekend in een laster- of smaadzaak in de VS. Complotdenker Alex Jones moest in 2023 1,5 miljard dollar betalen aan nabestaanden van slachtoffers in de Sandy Hook-moordzaak. Fox News moest in datzelfde jaar bijna 800 miljoen betalen aan een fabrikant van stemcomputers, na leugens over de betrouwbaarheid daarvan. "10 miljard dollar is een belachelijk hoge eis", zo zegt een jurist met ervaring in smaadzaken tegen persbureau Reuters.

Opvallend genoeg zijn Rupert Murdoch en zijn mediabedrijven, waaronder Fox News en de New York Post, de afgelopen decennia altijd lovend geweest over Republikeinse politici, onder wie Donald Trump.

Trump klaagde de afgelopen tijd vaker mediabedrijven aan vanwege in zijn ogen schadelijke berichtgeving. Zo eiste hij vorig jaar vlak voor de presidentsverkiezingen 10 miljard van Paramount, voor het uitzenden van een interview met de Demcratische presidentskandidaat Kamala Harris op CBS. Paramount schikte eerder deze maand met Trump, en betaalt 16 miljoen dollar.

NS wil om tafel met twee spoorwegvakbonden die eindbod afwezen

8 months 4 weeks ago

De NS wil weer gesprekken voeren met vakbonden VMMC en FNV, die eerder deze week het eindbod voor een nieuwe cao van het spoorbedrijf hebben afgewezen. Een van die twee bonden, VVMC, gaat vanwege die geplande gesprekken voorlopig niet staken, schrijft VVMC in een persbericht.

VVMC en FNV zijn de twee grootste spoorwegvakbonden.

VVMC laat weten dat er donderdag al een eerste gesprek is gevoerd met de NS, en dat het bedrijf nu nadenkt over "een oplossing". De bond benadrukt wel "snelheid in het proces" te willen houden en ook dreigen er nieuwe stakingen "wanneer NS ons niet voldoende tegemoetkomt met betere voorstellen", aldus de VVMC.

Komende weken gesprekken

De leden van de derde vakbond die betrokken was bij de onderhandelingen, CNV, gingen wel akkoord met het eindbod. Die vakbond sluit dan ook niet aan bij de gesprekken die er de komende weken gevoerd gaan worden, schrijft CNV op de eigen site.

Dat verandert als de partijen het in de komende weken het eens kunnen worden over aanpassingen aan het eindbod. Volgens CNV wil de NS dan in de tweede helft van augustus formeel met alle partijen weer om de tafel.

De NS en de bonden kunnen het al tijden niet eens worden over een nieuwe cao. NS-medewerkers legden al vier keer het werk neer, twee keer konden er door het hele land geen NS-treinen rijden.

Onderzoek: Signal fors gegroeid, amper stoppers bij WhatsApp

8 months 4 weeks ago

Het aantal mensen in Nederland dat de chatapp Signal gebruikt, is in de eerste helft van dit jaar meer dan verdubbeld naar 1,8 miljoen gebruikers. Dat staat in de tussentijdse update van het jaarlijkse Nationale Social Media onderzoek van Newcom.

Door de snelle groei is Signal terechtgekomen op nummer 10 van de populairste sociale platforms in Nederland. Op nummer 1 staat met 13,7 miljoen gebruikers nog altijd WhatsApp. Die app kreeg er in dezelfde periode zo'n 200.000 nieuwe gebruikers bij.

In sommige kringen deden gebruikers de afgelopen maanden een oproep om WhatsApp te verwijderen en over te stappen naar Signal. Weliswaar stapte een groep over, maar van de Signal-gebruikers zit volgens Newcom 98 procent ook nog op WhatsApp. Dit laat zien hoe dominant deze app is in onze maatschappij. Volgens Signal zelf heeft het bedrijf in Nederland inmiddels meer dan 2 miljoen actieve gebruikers.

Geen afscheid

Slechts 1 procent van de Signalgebruikers heeft WhatsApp opgezegd, en 1 procent zegt WhatsApp nooit te hebben gebruikt. Weinig Nederlanders hebben WhatsApp het afgelopen halfjaar van hun telefoon verwijderd: 0,5 procent, zo'n 90.000 gebruikers. Bij Signal is dat aantal vele malen groter: daar hebben zo'n 330.000 mensen de app alweer vaarwel gezegd.

"Echt dit opzeggen, afscheid nemen van WhatsApp, dat doen mensen nauwelijks", zegt Newcom-directeur Neil van der Veer. "Veel Signalgebruikers voegen nog niet de daad bij het woord. Het zit echt in de experimenteerfase." Dat wil niet zeggen dat het niet leeft in bepaalde kringen. Signal is het populairst onder theoretisch opgeleiden tussen de 45 en 60 jaar.

Onderzoek naar socialemediagebruik

Newcom deed een tussentijdse meting van het jaarlijkse socialemediaonderzoek, onder een representatief panel van ruim 1500 mensen ouder dan 15 jaar.

Het onderzoeksbureau heeft daarin alle platformen meegenomen. Wel is er een aantal uitgelicht vanwege actuele ontwikkelingen: Whatsapp, Signal, BlueSky, Truth Social en X.

Platform X ziet het aantal Nederlandse gebruikers sinds 2024 gestaag afnemen. Afgelopen halfjaar vertrokken weer zo'n 400.000 mensen. In totaal zijn op het platform nog zo'n 2,3 miljoen Nederlandse gebruikers te vinden.

De drie belangrijkste redenen die ondervraagden noemen om niet meer actief te zijn op X: ze vinden een ander platform leuker, voelen zich op X niet meer thuis of vinden dat er op X te veel nepnieuws rondgaat.

Deel kiest bewust

X-alternatief BlueSky en Truth Social, het platform van de Amerikaanse president Trump, hebben in Nederland relatief weinig gebruikers. BlueSky heeft er 350.000 en Truth Social 190.000.

Volgens Newcom-directeur Van der Veer laten de groei van Signal en het verlies van X zien dat een deel van de gebruikers bewust sociale media kiest op basis van vertrouwen en inhoud. "Maar het gros is minder bezig met deze thema's. Zij maken volop gebruik van commerciële platformen zoals WhatsApp."

Patiënten met ziekte ME krijgen gelijk: 'Het UWV kan hier nu niet meer omheen'

8 months 4 weeks ago

Uitkeringsinstantie UWV heeft van een aantal patiënten met ziekte ME onterecht gezegd dat ze een groot deel van de week of fulltime aan het werk kunnen. Dat oordeelde de Centrale Raad van Beroep (CRvB) vandaag in een tussenuitspraak. Het UWV moet meer rekening gaan houden met de gevolgen van de ziekte.

Het gaat in dit geval om drie patiënten met de chronische ziekte ME/CVS of kortweg ME. De aandoening kan patiënten enorm verzwakken, waardoor sommigen nauwelijks tot iets in staat zijn. De ziekte lijkt op long covid, en door het toenemende onderzoek hiernaar sinds de coronapandemie, neemt ook de kennis over ME toe.

Al langer voelen sommige patiënten zich verkeerd beoordeeld door het UWV. Zo gaven ook de personen die de rechtszaak aanspanden aan dat ze niet in staat waren om 32 of 40 uur per week te werken, zoals het UWV had ingeschat. Het is weleens vaker voorgekomen dat een patiënt gelijk kreeg in een rechtszaak, maar nog niet eerder was er zo veel erkenning voor hoe beperkend de ziekte is door de hoogste rechtbank, vertelt Ynske Jansen van Steungroep ME en Arbeidsongeschiktheid.

De CRvB oordeelt dat het UWV onvoldoende rekening heeft gehouden met de beperkingen als gevolg van ME. Dit stelde de rechtbank op basis van de inbreng van onafhankelijke deskundige Jos van der Meer, emeritus hoogleraar interne geneeskunde.

Symptomen

Het grote verschil met het oordeel van het UWV was het belang dat werd gehecht aan twee kernsymptomen van de ziekte. De specialist stelde vast dat zowel post-exertionele malaise (PEM), waarbij men zieker wordt bij een normaliter te verwaarlozen inspanning, als posturaal orthostatisch tachycardiesyndroom (POTS), waarbij de overgang van bijvoorbeeld liggen naar zitten een abnormaal grote toename van de hartslagfrequentie en duizeligheid veroorzaakt, meegewogen moest worden.

Daar werd eerder nauwelijks rekening mee gehouden, vertelt verzekeringsarts en jurist Jim Faas. "Deze symptomen werden vaak als psychologisch iets afgeschreven, omdat het een moeilijke ziekte is. Je kan het vaak niet aan mensen zien, en tijdens gesprekken met artsen gedragen mensen zich meestal heel gewoon." Van nieuwe inzichten over de ziekte was het vaak moeilijk om UWV-artsen te overtuigen, vertelt Faas. "Die legden ze naast zich neer."

Hij is blij met de uitspraak. "Er is al heel erg lang gedoe over ME/CVS, dus dit is heel bijzonder. Het opent nieuwe deuren voor ME-patiënten, die nu met deze uitspraak kunnen zwaaien bij hun verzekeringsarts." Ook voor patiënten met long covid die vaak dezelfde kernsymptomen hebben, kan de uitspraak van belang zijn, denkt Faas.

Het komt nog steeds voor dat mensen met ME/CVS bij het UWV van verzekeringsartsen cognitieve gedragstherapieën in combinatie met conditietrainingen moeten volgen van verzekeringsartsen, als voorwaarde voor behoud van uitkering. De gedachte achter de behandeling is dat ME/CVS tussen de oren zit en dat mensen in werkelijkheid helemaal niet ziek zijn. Maar omdat ze het denken en de hele dag op hun bed of bank liggen, gaan ze er fysiek op achteruit.

'UWV kan hier niet meer omheen'

De wetenschappelijke basis onder deze benadering is al jaren geleden door belangrijke Amerikaanse en Britse onderzoekscommissies weerlegd: patiënten gaan er door deze behandelingen juist vaak op achteruit. Niet voor niets riep de Gezondheidsraad al in 2018 verzekeringsartsen op in een advies om zwaar beperkende kernsymptomen van ME als PEM te erkennen en belastende therapieën niet op te leggen.

De beroepsverenigingen van de verzekeringsartsen, de NVVG en GAV, negeerden destijds deze oproep. Daar kwamen ze mee weg omdat het slechts om een advies ging. Het negeren van een gerechtelijke uitspraak zal een stuk lastiger zijn. "Het gaat erom dat de aard en ernst van de ziekte echt serieus wordt genomen", zegt Jansen van de Steungroep. "Het UWV kan hier nu niet meer omheen."

Het UWV moet de drie patiënten nu binnen acht weken opnieuw beoordelen, en moet zich hierbij houden aan het rapport van de door de rechtbank benoemde onafhankelijke deskundige. Omdat de uitspraak van vandaag een tussenuitspraak is, zal de rechtbank daarna ook naar de nieuwe UWV-beoordeling kijken.

De uitkeringsinstantie laat weten inderdaad opnieuw naar de dossiers te gaan kijken. Wat de uitspraak voor lopende en toekomstige beoordelingen betekent, gaat het UWV nog onderzoeken.

Hoop op handelsdeal VS-EU: '50 procent op staal en aluminium is moorddadig'

8 months 4 weeks ago

In Brussel en Washington wordt stevig onderhandeld om voor 1 augustus tot een nieuwe handelsovereenkomst te komen. Nederlandse staal- en aluminiumexporteurs zagen met afschuw in juni een invoerheffing opgelegd worden van 50 procent. De pijn wordt nog niet bij elk bedrijf even sterk gevoeld, maar veel langer moet de heffing niet blijven.

De Europese brancheclub voor staalbedrijven Eurofer lobbyt dan ook in Brussel voor een handelsdeal tussen de VS en de EU met veel lagere heffingen. "We raken onze belangrijkste afzetmarkt kwijt", stelt Eurofer vast. De hoop is dat de Europeanen en Amerikanen er snel uitkomen.

'Niet vol te houden'

Die hoop is er ook bij Royal Vaassen. Het bedrijf exporteert geplastificeerde aluminiumfolie, waar doppen voor drankflesjes van worden gemaakt. Directeur Dries Knaapen heeft geen goed woord over de heffingen van president Trump: draconisch en moorddadig, noemt hij ze. "Het is gewoon verschrikkelijk en niet te harden. Iets wat 100 euro kost, is nu 150. Dat is gewoon niet vol te houden." Knaapen tikt met zijn vinger tegen het voorhoofd: "Idioot."

Vorig jaar exporteerde Nederland voor 3,3 miljard euro aan staal- en aluminiumproducten aan de Verenigde Staten. Afgelopen maart kwam Trump voor alleen deze sector al met een forse heffing van 25 procent, in juni verhoogde hij die naar 50 procent.

Amerikanen blijven vooralsnog kopen

Bij Royal Vaassen zien ze dat de vraag van Amerikaanse klanten er nog altijd is. Het bedrijf maakt een product dat op dit moment simpelweg nog niet gemaakt kan worden in de VS. "Op dit moment merken we er nog vrij weinig van. Ze blijven afnemen en ze betalen ook omdat er onzekerheid blijft", zegt Knaapen.

Zomaar overstappen op een ander product is vaak lastig. Als de Amerikaanse klanten van Royal Vaassen bijvoorbeeld zouden overstappen naar plastic dopjes in plaats van aluminium, dan zal het flesje ook aangepast moeten worden. Het is voor bedrijven ontzettend duur om dit soort veranderingen door te voeren. Amerikaanse bedrijven lijken vooralsnog huiverig deze investeringen te doen omdat de heffingen zomaar volgende week weer kunnen worden afgezwakt.

EU-correspondent Ardy Stemerding:

"De hoop bij veel EU-landen is dat in een toekomstig handelsakkoord met de Amerikanen importheffingen op staal en aluminium fors omlaag gaan. In ruil daarvoor zijn ze dan bereid heffingen op andere producten te slikken. Maar het is nog maar zeer de vraag of de Amerikanen openstaan voor zo'n afspraak. Ook vandaag weer is de Eurocommissaris van handel in de VS, maar er is nog steeds geen witte rook.

Daarnaast is er ook een groep landen onder leiding van Frankrijk, die een hardere opstelling wil tegenover de Amerikanen. Die landen vinden dat de EU bereid moet zijn de tanden te laten zien. Ze onderhandelen liever wat langer met de Amerikanen dan dat ze bereid zijn een basisheffing te accepteren."

Niet bij elk bedrijf hebben ze de luxe een product te verkopen dat alleen door hen gemaakt wordt. Bedrijven die gangbaar staal of aluminium verkopen, zullen zeer waarschijnlijk al wel merken dat Amerikaanse klanten op zoek gaan naar goedkopere alternatieven uit eigen land of uit landen met een lagere importheffing, zoals het Verenigd Koninkrijk. Begin mei sloot Trump een handelsdeal met het land, waardoor de heffingen op Brits staal en aluminium fors lager zijn.

Trukendoos

Bedrijven gebruiken ook creatieve oplossingen om de heffingen zo veel mogelijk te ontlopen. Zo hebben Amerikaanse importeurs nog voor de heffingen ingingen gigantische voorraden opgeslagen van producten uit het buitenland.

"Onze klanten hebben op dit moment met gemak drie maanden aan voorraad liggen. Als die voorraad op is dan is het heel vervelend maar dan zullen ze echt meer moeten gaan betalen", waarschuwt Knaapen.

Meer in de VS

Royal Vaassen maakt daarnaast gebruik van 'bonded warehouses'. Dat zijn opslagmagazijnen waarin je producten kunt stallen zonder ze formeel in te voeren. Mochten de heffingen omlaaggaan, dan kan het bedrijf zijn aluminiumrollen vanuit de opslag tegen die lagere importtarieven verkopen.

Voor de lopende handel heeft Royal Vaassen ook een truc: het bedrijf exporteert nu via zijn eigen dochteronderneming. Die importeert de aluminium tegen kostprijs en verkoopt de rollen in Amerika inclusief heffingen en winstmarge door aan de klant. Zo betalen klanten niet de volle 50 procent importheffingen op de eindprijs.

Met al deze maatregelen hoopt het bedrijf de periode van deze torenhoge 50-procentheffingen zo ongeschonden mogelijk door te komen. Intussen zijn ze al wel met een Amerikaanse fabriek aan het testen om de producten daar te laten produceren, mochten de hoge heffingen blijven.

Steeds meer bedrijven onderzoeken of ze een deel van hun productie in de VS kunnen doen om zo kosten van de invoerheffingen te beperken. Daarmee lijkt Trump het doel dat hij voor ogen heeft, meer bedrijvigheid in de VS, te bereiken.

De echte klap voor de sector moet nog komen. De bedrijven hopen dan ook dat de EU en de VS snel tot een deal komen. "Dat zou wel heel leuk zijn, want anders wordt het voor iedereen alleen maar duurder", zegt Knaapen.

Industrie reageert op kabinetsbesluit over windenergie op de Noordzee: 'een slecht signaal'

9 months ago

Belangenorganisaties van de Nederlandse industrie, werkgevers en de duurzame energiesector reageren negatief op het besluit van het demissionaire kabinet over windenergie. De komende vijftien jaar wil de regering veel minder windmolens laten bouwen op de Noordzee dan eerder gepland.

"Een slecht signaal", zegt Nienke Homan, voorzitter van de VNCI, de belangenvereniging van de chemische industrie. "Voor klimaatambities heb je duurzame energie nodig. Bedrijven hebben ook duurzame energie nodig om te kunnen verduurzamen."

Betaalbare energie

Volgens demissionair minister Hermans van Groene Groei en Klimaat (VVD) neemt het gebruik van groene stroom minder snel toe dan verwacht. Dat komt vooral doordat de verduurzaming van de industrie traag verloopt.

De VNCI vindt niet dat de industrie daaraan schuldig is. "Verduurzamen is een langlopend proces. Dat betekent dat je moet investeren in de toekomst", legt voorzitter Homan uit. "Dan kun je zeggen: de vraag naar duurzame energie is niet groot genoeg, maar bedrijven moeten ook betaalbare energie hebben. Met meer beschikbaarheid, wordt duurzame energie ook beter betaalbaar."

Ook een woordvoerder van werkgeversorganisatie VNO-NCW is kritisch. "Wij zijn geen voorstander van het aanpassen van de ambities voor de groei van wind op zee. In plaats daarvan moeten we de beschikbaarheid van duurzame energie, zoals windenergie, juist vergroten."

"Met een groter aanbod van duurzame energie daalt de elektriciteitsprijs, waardoor bedrijven hier in Nederland kunnen investeren in elektrificatie", vervolgt VNO-NCW. "Daarnaast vergroot dit onze energieonafhankelijkheid in geopolitiek onrustige tijden."

Kip-en-eiprobleem

De streefdoelen van het kabinet waren om in 2040 windmolens met een totaalvermogen van 50 gigawatt op de Noordzee te hebben staan. Dat is nu nog 4,7 gigawatt - ongeveer een zesde van de Nederlandse stroombehoefte. Het nieuwe kabinetsdoel is om in 2040 minimaal 30 gigawatt aan windmolens op de Noordzee te hebben staan, bijna een halvering.

"Erg jammer dat de energietransitie in de industrie zo stagneert", zegt Olof van der Gaag, voorzitter van de NVDE, de belangenvereniging van de duurzame energiesector. "Op die manier blijft de Nederlandse industrie afhankelijk van fossiele energie uit het buitenland en komt er heel veel vervuiling uit de schoorsteen. Daar willen we juist vanaf. Er zit een kip-en-ei-probleem in de energietransitie, want iemand moet de eerste stap zetten. De overheid kan die situatie het beste doorbreken."

"Er is nu bijvoorbeeld weinig vraag naar groen staal. Als daar eenmaal vraag naar is, gaat het voor staalfabrieken ook lonen om het te produceren. En als het geproduceerd wordt, hebben fabrikanten ook windenergie nodig. Om van bijvoorbeeld Tata Steel een volledig groene staalfabriek te maken, moet je ongeveer 400 windmolens in de Noordzee hebben staan."

Demissionair minister Hermans wijst op de kosten van een dergelijke transitie. "Dat is een investering die we met z'n allen betalen. Als we die investering doen, wil ik wel dat die stroom ook daadwerkelijk gebruikt gaat worden. Ook door bedrijven, die daar nu nog te weinig vraag naar creëren."

Politiek

Vanuit de Tweede Kamer wordt er verschillend naar het kabinetsbesluit gekeken. "Een logische reactie op de ontwikkelingen in de energietransitie en de economie", noemt Kamerlid Henk Vermeer (BBB) het besluit van demissionair minister Hermans.

"Momenteel wordt een steeds groter deel van onze elektriciteit geëxporteerd, omdat het verbruik niet gelijkloopt met eerdere voorspellingen", zegt Vermeer. "De overheid, burgers en ondernemers betalen steeds hogere netwerkkosten, terwijl de opbrengsten naar het buitenland verdwijnen. In Nederland zijn de elektriciteitskosten torenhoog ten opzichte van het buitenland. Dat zorgt ervoor dat investeringen worden uitgesteld of naar het buitenland worden verplaatst. Dit beleid is niet goed voor de staatskas, burgers, ondernemers en voor het klimaat. Klimaat kent geen landsgrenzen."

GroenLinks/PvdA-Kamerlid Suzanne Kröger noemt het kabinetsbesluit "kortzichtig en rampzalig, voor het klimaat, onze energiezekerheid en de toekomst van de Nederlandse industrie."

"Juist nu moeten we investeren in schone, betaalbare energie van eigen bodem, niet afhaken", stelt Kröger. "Door de windplannen op de Noordzee af te schalen, zet dit kabinet onze klimaatdoelen nog verder op het spel en maakt het ons afhankelijker van fossiele import. Dit is geen visie, dit is achteruitgang."

WeTransfer verwijdert passage over AI uit voorwaarden na berichten in media 

9 months ago

Als je bestanden deelt via WeTransfer, geef je het bedrijf het recht om daarmee een AI-programma te trainen om schadelijke of illegale bestanden te detecteren, schreef het Nederlandse bedrijf in nieuwe gebruikersvoorwaarden. Maar na berichtgeving in de media verdween die passage.

"Nee", zegt het bedrijf nu met klem. "We gebruiken jouw bestanden niet om AI-programma's te trainen." WeTransfer zegt dat het dat niet heeft gedaan, maar alleen overwoog te doen.

Ondanks de nieuwe voorwaarden verandert er niets aan hoe WeTransfer omgaat met de bestanden die je via het platform verstuurt, zegt het bedrijf. De tekst is weer uit de voorwaarden verwijderd, "omdat het niet iets is wat WeTransfer doet met bestanden van klanten" en omdat het "mogelijk tot enige bezorgdheid heeft geleid".

Hoe werkt AI?

Met kunstmatige intelligentie (vaak afgekort tot AI van het Engelse artificial intelligence) 'leert' een computerprogramma om iets te doen of te maken aan de hand van voorbeelden.

Bedrijven geven het programma voorbeelden, zodat het die kan herkennen. Dit heet het 'trainen' van kunstmatige intelligentie. Aan de hand van die voorbeelden kan een AI-programma's dingen maken of herkennen die op die voorbeelden lijken.

WeTransfer is een Nederlandse dienst waarmee mensen en bedrijven grote bestanden kunnen uitwisselen. Het bedrijf werd in 2009 opgericht en kwam vorig jaar in handen van het Italiaanse Bending Spoons.

In de inmiddels weer aangepaste voorwaarden staat dat WeTransfer je bestanden mag gebruiken "om onze dienstverlening te kunnen uitvoeren, ontwikkelen en verbeteren".

Deskundigen niet gerust

Hoewel de omschrijving algemener is, is jurist Menno Weij er niet gerust op. "Ik vind dat die woorden dezelfde lading dekken", zegt hij tegen radiozender BNR. "Nog steeds lees ik dat ze er dus iets mee willen om de dienst te verbeteren en het product door te ontwikkelen."

"De snel aangepaste voorwaarden sluiten op geen enkele wijze het gewraakte gebruik voor AI-training uit", schrijft jurist Arnoud Engelfriet. Ook hij geeft aan dat de woorden "de dienst verbeteren" zo algemeen zijn, dat WeTransfer alsnog AI-programma's kan trainen met bestanden die mensen uploaden.

De NOS heeft dit voorgelegd aan WeTransfer en gevraagd of het bedrijf dit voor de toekomst wél overweegt of wil gaan doen. Het bedrijf laat weten dit niet te overwegen. "We hebben geen plannen om content te gebruiken om AI-modellen te trainen om inhoud te modereren of met enig ander doel."

Meer AOW'ers, minder werkenden: wordt het basispensioen onbetaalbaar?

9 months ago

Voor het eerst sinds het bestaan van de AOW moeten de uitkeringen voor gepensioneerden voor meer dan de helft worden betaald met belastinggeld. Dat komt omdat er steeds minder werkenden zijn, die voor steeds meer mensen de AOW-uitkering moeten betalen. Wordt de AOW hierdoor onbetaalbaar?

Hoe lang is er al AOW?

Al 68 jaar. In de Boterdiepstraat in Amsterdam kreeg de 70-jarige belastingambtenaar A. Bakker op 2 januari 1957 de eerste AOW-uitkering persoonlijk overhandigd van toenmalig minister Ko Suurhoff van Sociale Zaken.

In 1919 was al de Ouderdomswet ingevoerd, waarmee werkenden zich konden verzekeren voor een pensioenuitkering. Een staatspensioen kwam er niet, omdat dit "de volkskracht zou ondermijnen".

Die gedachte veranderde na de Tweede Wereldoorlog. Toenmalig minister Willem Drees van Sociale Zaken voerde in 1947 een Noodwet Ouderdomsvoorziening in voor ouderen in geldnood. Daarmee konden 250.000 ouderen 'Drees trekken'. Als premier introduceerde 'Vadertje Drees' de Algemene Ouderdoms Wet, kortweg AOW.

Wat is de AOW precies?

De AOW regelde in eerste instantie dat mannen en ongehuwde vrouwen vanaf 65 jaar een minimaal inkomen kregen. Sinds 1985 is de AOW er voor alle vrouwen. De AOW wordt betaald via een premie die van het bruto salaris wordt afgetrokken. In 1980 werd de hoogte van de AOW gekoppeld aan een percentage van het minimumloon.

De AOW is een basispensioen voor iedereen die in Nederland heeft gewoond of gewerkt. Dit kan worden aangevuld met een zelf opgebouwd pensioen, bijvoorbeeld via de werkgever. De AOW-leeftijd ligt sinds 2013 niet meer vast. Op basis van hoeveel langer mensen gemiddeld leven, gaat de AOW-leeftijd steeds in stappen van drie maanden omhoog.

Veeg naar links om te zien hoe de leeftijdspiramide voor de AOW verandert:

Waarom is er discussie over de AOW?

Tot aan de eeuwwisseling betaalde de AOW zichzelf. Sinds 2001 moest er steeds meer belastinggeld worden bijgelegd. In het begin was dat nog bijna 700 miljoen euro; in 2023 droeg de overheid met zo'n 24 miljard euro voor het eerst net zo veel bij aan de AOW-uitkeringen als werkenden. Vorig jaar was dat met bijna 28,5 miljard euro voor het eerst zelfs meer.

Het huidige probleem begon eigenlijk al bij de start van de AOW. Toen het Nederland na de Tweede Wereldoorlog economisch steeds meer voor de wind ging, ontstond vanaf de jaren 50 een geboortegolf. Die zogenoemde babyboomgeneratie gaat inmiddels met pensioen.

Door de betere gezondheidszorg worden mensen steeds ouder, waardoor ze langer AOW krijgen. Door een lager aantal geboortes daalt het aantal werkenden. Zo is de piramide uit 1957 van meer jongeren tegenover minder ouderen 68 jaar later omgedraaid. Pas rond 2060 zal dit weer 'normaal' zijn.

Is dat erg?

"Er zijn steeds minder werkenden die voor steeds meer mensen de AOW-uitkeringen moeten betalen", zegt hoofdeconoom Peter Hein van Mulligen van het CBS. "Toen de AOW werd ingevoerd waren er voor iedere AOW-ontvanger zeven mensen in de werkzame leeftijd. Die verhouding is nu drie op één. Door de stijging van het minimumloon is ook de AOW-uitkering sterk verhoogd. Werkenden kunnen dit tempo niet bijbenen."

Of dat erg is, daarover wordt al bijna twintig jaar een verhitte discussie gevoerd. In 2013 werd met veel pijn en moeite ingevoerd dat de AOW-leeftijd in stappen omhoog ging naar 67 jaar om de uitkering betaalbaar te houden. Linkse oppositiepartijen wilden dat mensen juist vroeger konden stoppen met werken, vakbonden stapten naar de rechter voor een overgangsregeling.

Hoe moet dit verder?

Om de AOW te blijven betalen, zou een kabinet kunnen besluiten te bezuinigen op andere uitgaven. Andere mogelijkheden zijn om de belastingen te verhogen of geld te lenen om de AOW te betalen. Met die laatste groeit wel de staatsschuld, die jongere generaties later moeten aflossen. Een hogere staatsschuld maakt geld lenen ook weer duurder, omdat de kapitaalmarkten dan meer rente vragen.

Het verder verhogen van de AOW-leeftijd noemde het Centraal Planbureau in 2019 al de minst pijnlijke optie: er hoeft minder AOW te worden uitgekeerd, terwijl er meer belasting binnenkomt.

Een optie zou zijn om dit per beroepsgroep te bepalen. Mensen met zware beroepen zouden dan bijvoorbeeld minder lang hoeven te werken. Of groepen met een hoog pensioen zouden een lagere AOW kunnen krijgen. Hoe het verder moet met de AOW is vooral een politieke keuze. Daarover waren de partijen bij de vorige verkiezingen al erg verdeeld, zo bleek uit dit overzicht.

Chipmachinefabrikant ASML kan groei in 2026 niet langer garanderen

9 months ago

Het is niet zeker dat ASML, de Brabantse fabrikant van chipmachines, volgend jaar blijft groeien, terwijl het bedrijf daar wel vanuit was gegaan. Dat heeft de directeur gezegd bij de presentatie van de halfjaarcijfers. "Hoewel we in 2026 nog steeds groei verwachten, kunnen we dat op dit moment niet garanderen."

ASML maakt machines waarmee andere bedrijven chips kunnen maken. Dat is een levendige sector door de groei van kunstmatige intelligentie (vaak uit het Engels afgekort tot AI), maar de chipindustrie kampt met de dreiging van importheffingen uit de Verenigde Staten.

Die onzekerheid heeft al het hele jaar gevolgen voor ASML, maar het afgelopen kwartaal was "iets minder negatief" dan verwacht, zegt het bedrijf. De omzet kwam in de afgelopen drie maanden uit op 7,7 miljard euro. Dat is vergelijkbaar met het eerste kwartaal van dit jaar.

Bij de opening van de beurs ging de prijs van een ASML-aandeel flink onderuit. Een uur na het nieuws rond de halfjaarcijfers was het aandeel bijna 7 procent minder waard.

'Onzekerheid neemt toe'

De onzekerheid in de markt neemt toe, zegt ASML. Zo is de Amerikaanse overheid in april een onderzoek gestart naar mogelijke importheffingen speciaal voor de chipindustrie. Dat zou betekenen dat de machines van ASML, maar ook de chips zelf en de producten waar chips in zitten, duurder kunnen worden.

Importheffingen kunnen ASML direct raken, zegt het bedrijf. Bijvoorbeeld op machines of onderdelen die naar de VS verscheept worden of als er vanuit Europa weer tegenmaatregelen komen. Een deel van de productie van ASML loopt via de Verenigde Staten. Bij importheffingen over en weer betaalt het bedrijf dus dubbel.

Optimistisch over lange termijn

De onzekerheid heeft nu al gevolgen voor de chipindustrie. Zo merken bedrijven die aan ASML leveren dat zij minder bestellingen krijgen, zeggen ze tegen Nieuwsuur. Die bedrijven zijn kwetsbaarder: sommige zijn voor hun bestaan voor een groot deel afhankelijk van ASML, hun grootste klant.

Hoewel de grote klap vooralsnog uitblijft, raakt de onzekerheid de chipsector dus toch. ASML houdt nog steeds rekening met groei in 2026, maar kan dat niet meer zo hard beloven als het eerder deed.

Op de lange termijn blijft het bedrijf uit Veldhoven optimistisch, onder meer door de investeringen in AI, waar chips en dus chipmachines voor nodig zijn. De omzet van ASML zit nu jaarlijks tegen de 30 miljard euro aan. Het bedrijf verwacht dat over vijf jaar te kunnen verdubbelen tot 60 miljard.

AOW voor het eerst voor meer dan de helft betaald met belastinggeld

9 months ago

Meer dan de helft van de AOW-uitkeringen is het afgelopen jaar betaald met belastinggeld. Dat komt doordat premie-inkomsten de uitkering van de Algemene Ouderdomswet (AOW) steeds minder kunnen dekken, blijkt uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).

Mensen die in Nederland een inkomen hebben, betalen premies voor onder meer de AOW-uitkering aan gepensioneerden. De hoogte van die uitkering hangt af van of iemand alleenstaand is of samenwoont en hoe lang iemand in Nederland heeft gewoond. Wie een deel van zijn werkzame leven in het buitenland heeft doorgebracht, krijgt een lagere uitkering.

Vergrijzing

Tot het jaar 2000 konden de AOW-uitkeringen nog volledig gedekt worden door de geïnde premies, maar sinds 2000 stijgen de inkomsten veel langzamer dan de uitgaven. De premie-inkomsten stegen sindsdien met 14 procent, terwijl de uitgaven aan de AOW toenamen met 172 procent.

"De belangrijkste oorzaak voor die toename is de vergrijzing", zegt Peter Hein van Mulligen, hoofdeconoom bij het CBS. "Er zijn steeds meer mensen die een AOW-uitkering ontvangen, en die mensen worden ook steeds ouder. Daarnaast is de AOW-uitkering ook verhoogd, mede door de verhoging van het minimumloon. De premies kunnen dat tempo niet bijbenen."

Financieel bijspringen

Doordat de inkomsten uit premies niet meer toereikend zijn, moet de overheid al decennia financieel bijspringen met belastinggeld. Dat ging in 2001 nog om 0,7 miljard euro, zo'n 4 procent van de totale AOW-kosten. Inmiddels is dit toegenomen tot 28,5 miljard euro in 2024, waarmee het bijna 55 procent van de totale AOW-uitgaven betreft.

"Linksom of rechtsom moeten die AOW-uitkeringen betaald worden", legt Van Mulligen uit. "We zien dat de AOW-kosten een steeds groter beslag leggen op de overheidsuitgaven. Inmiddels maken die bijna 6 procent van alle kosten van de overheid uit. Daar komt natuurlijk een keer een einde aan. Dan zou je de AOW-premies verder kunnen verhogen of iemand pas op hogere leeftijd recht op AOW kunnen geven."

Groot deel franchisers Blokker gaat onder andere naam verder

9 months ago

Een groot deel van de zelfstandige filiaalhouders met een Blokker-winkel wil niet onder de naam Blokker verder.

De franchisenemers hadden tot vandaag de tijd om een keuze te maken over het al dan niet behouden van de naam Blokker. Twaalf van de 36 zelfstandige filiaalhouders willen dat. De andere 24 zijn afgehaakt, en zullen de merknaam dus niet meer kunnen gebruiken.

In november ging Blokker failliet. Dat had te maken met oplopende schulden, waaronder belastingschulden door de coronaperiode. Ook liep de omzet van de winkels terug, onder meer door toenemende concurrentie.

Met het faillissement leek de keten voor huishoudelijke artikelen, opgericht in 1896, uit het straatbeeld te verdwijnen, totdat ondernemer en Blokker-telg Roland Palmer een doorstart aankondigde. De afgelopen maanden werd langzaam maar zeker duidelijk hoe die eruit zou zien. Het oude logo prijkt weer op de gevels en de focus van het assortiment ligt, net als vroeger, op huishoudelijke artikelen.

Utopie

Voordat Blokker failliet ging, had het concern zo'n 400 winkels verspreid over het land. Daarvan is maar een klein deel overgebleven. Volgens eigenaar Palmer zijn dat de winkels die voorheen goed draaiden.

Daarnaast waren er dus nog de franchisenemers. Nu twaalf van hen onder de oude naam door willen, blijft het totale aantal Blokker-vestigingen na de doorstart onder de vijftig steken.

Een woordvoerder van Blokker is tevreden over die uitkomst: "Je begint op nul franchisenemers en dan moet je kijken wie er zich aansluiten. Dat iedereen dat zou doen, is een utopie. Die beslissing is voor elke ondernemer. Twaalf vinden wij een goed aantal. Dat de rest niet mee wil, is jammer."

Een deel van de zelfstandige winkeleigenaren sluit zich volgens het FD aan bij branchegenoot Marskramer. De andere franchisenemers onderzoeken of ze in een zelfstandige coöperatie verder kunnen.

Dip in chipmarkt maakt toeleveranciers ASML nerveus

9 months ago

Bedrijven die leveren aan ASML krijgen minder orders van de chipmachinefabrikant. De chipmarkt zit in een dip. Voor ASML zelf is dit niet direct reden tot zorg, maar bij bedrijven die afhankelijk zijn van de fabrikant zorgt het voor nervositeit.

Birgit Goumans, directeur van onderdelenbedrijf Kusters Goumans, had net een zogenoemde cleanroom van 500 vierkante meter laten bouwen. In deze ruimte worden de luchtkwaliteit, temperatuur en vochtigheid streng gecontroleerd om specialistische machineonderdelen voor ASML te kunnen maken. De vorige cleanroom was 75 vierkante meter.

Beloftes op genoeg orders om de nieuwe cleanroom met medewerkers te vullen, krijgt Goumans niet van ASML. "We hebben best wel geïnvesteerd in mensen en machines de afgelopen jaren, maar nu zien we dat de hightechmarkt stagneert."

En die stagnatie duurt al opvallend lang, zegt Steven Pattheeuws, techspecialist bij accountantskantoor PwC. "De chipsector is cyclisch: periodes van groei worden afgewisseld met vertraging. Wat nu opvalt, is dat het herstel langer op zich laat wachten dan gebruikelijk."

De belangrijkste oorzaak: geopolitieke en economische onzekerheid. Pattheeuws: "Chipmaker Intel heeft zijn investeringsplannen uitgesteld, in Duitsland zijn chipfabrieken on hold gezet. Door handelsbarrières, zoals die van Trump, is de situatie onvoorspelbaar geworden."

De omzet van ASML in het eerste kwartaal van 2025 was met 7,7 miljard euro ongeveer naar verwachting, maar het bedrijf kreeg minder orders dan verwacht. De beurskoers ligt dit jaar ongeveer een derde lager dan vorig jaar.

Ook Marc Peeters, directeur van BKB Precision, dat kunststof machineonderdelen maakt, ziet de orders teruglopen. Van zijn inkomsten komt 60 procent van ASML, direct of via tussenleveranciers. "Richting het einde van dit jaar moet het echt de andere kant op gaan. We hebben vakmensen in dienst en die proberen we zoveel mogelijk te houden. Daar moeten we anders keuzes in gaan maken."

Morgen presenteert ASML halfjaarcijfers en blijkt of het bedrijf weer de weg omhoog vindt. Maar zelfs dan houden toeleveranciers het voorlopig lastig, verwacht Pattheeuws. "Hoofdleveranciers van ASML hebben al voorraden opgebouwd, waardoor een eventuele vraagstijging niet direct ten goede komt aan de toeleveranciers verderop in de keten."

Afhankelijk van ASML

Zelf adviseert ASML z'n toeleveranciers om niet afhankelijk te zijn van één bedrijf. Dan zijn ze "beter in staat om de schommelingen in de vraag op te vangen", zegt het bedrijf in een reactie. "Het streven is 20 tot 30 procent afhankelijkheid."

Goumans en Peeters zijn dan ook bezig hun klantenbestanden te vergroten. Ondertussen zijn veel andere bedrijven in de regio Eindhoven de afgelopen jaren juist afhankelijker geworden van ASML, blijkt uit een adviesrapport van PwC.

Gemiddeld groeide die afhankelijkheid van die bedrijven van 29 naar 39 procent van de omzet. Pattheeuws: "Voor een deel is dat een bewuste keuze geweest; de chipsector levert hoge marges op. Maar het is ten koste gegaan van spreiding over andere sectoren."

Voor de lange termijn geldt dat de chipsmarkt een groeimarkt is. "Maar bedrijven moeten de tussenliggende periode wel kunnen overbruggen", zegt Pattheeuws. Goumans: "Garanties zijn er niet. Uiteindelijk moeten we zelf geloven in de ontwikkeling van de klanten en daarop voorinvesteren."

Reactie ASML

"Zoals vermeld in onze resultaten over het eerste kwartaal blijven we groeikansen zien in de halfgeleiderindustrie, en we bereiden ons voor op die groei. We zijn van plan wereldwijd uit te breiden, ook in Nederland.

De halfgeleiderindustrie is van nature cyclisch. Dat betekent dat, ook al blijft het langetermijnperspectief onveranderd, de vraagverwachtingen op korte termijn voortdurend worden bijgesteld.

ASML staat regelmatig in contact met leveranciers en deelt updates over capaciteitsvereisten, wat ertoe kan leiden dat zij hun plannen aanpassen. Leveranciers die actief zijn in de halfgeleiderindustrie begrijpen deze behoefte aan flexibiliteit volledig en hebben samen met ASML de capaciteit ontwikkeld om dergelijke op- en neerwaartse aanpassingen in de vraag op te vangen.

Door te mikken op een leveranciersafhankelijkheid van ongeveer 20-30 procent, zorgen we ervoor dat een schommeling in de vraag slechts een gematigde impact heeft op de betreffende leverancier."

Vaste lasten op één dag betalen 'goed idee', maar niet meteen in te voeren 

9 months ago

Het is een goed idee: alle vaste lasten op dezelfde dag laten afschrijven. Daar zijn veel organisaties die de NOS vraagt naar het nieuwe plan van het financiële voorlichtingsbureau Nibud het over eens. Toch is het voorstel om de huur, telefoonrekening en zorgverzekering allemaal op één dag te betalen volgens hen niet direct uit te voeren.

Op dit moment bepalen verzekeraars zelf wanneer ze de premie afschrijven. Dat kan bij sommige verzekeraars als Zilveren Kruis (Achmea) op een datum die je zelf kiest. Bij andere aanbieders heb je meerdere betaaldagen waar je uit kan kiezen, zoals de 1ste, 15de of 24ste van de maand. Weer anderen incasseren op een vast moment aan het begin of juist einde van de maand.

Afstemming

Een vaste dag draagt volgens een woordvoerder van zorgverzekeraar VGZ bij aan meer inzicht in een financiële situatie. Maar dit initiatief heeft wel "veel voeten in de aarde", ziet de verzekeraar. Er zijn veel onderdelen en organisaties die een rol spelen in het betalen van de vaste lasten, van wie neuzen dezelfde kant op moeten staan.

Daarvoor moeten er meerdere dingen worden afgestemd, zoals het moment waarop mensen hun salaris, uitkering of toeslagen krijgen. Die komen nu ook allemaal op verschillende momenten.

Pas als zulke dingen zijn afgestemd, wordt het voor bijvoorbeeld Aedes, de vereniging van woningcorporaties, concreet. Ook grote happen uit een budget als de huur zouden op hetzelfde moment worden afgeschreven bij invoering. De koepel vindt het plan van Nibud overigens "geen slecht idee".

Voor de branche van telecombedrijven, NLConnect, is het voorstel van het Nibud nu nog te nieuw om op te reageren.

Het is een goed idee om zo'n vaste betaaldag in te voeren, zegt ook Asmae Jazouli. Ze werkt al jaren in de schuldhulpverlening, onder andere bij branchevereniging NVVK. "Het geeft structuur en duidelijkheid in alles wat er nog overblijft. In de praktijk zie ik dat mensen dat echt wel nodig hebben. En het kan denk ik ook echt wel een hoop betalingsachterstanden voorkomen."

Toeslag op aan boodschappen

Volgens Jazouli vinden mensen het lastig om langere tijd rond te komen met weinig geld. "Over het algemeen zie je dat er rond de 6de, 7de van de maand niet veel meer overblijft. Dan moeten ze eigenlijk overbruggen tot de 20ste, want dan komen de toeslagen binnen. Het is wel heel erg lastig om dat geld nog een week apart te houden voor de zorgverzekering."

De toeslag gaat dan op aan boodschappen en andere zaken. Want, zo zegt ze, bij de zorgverzekering voelen mensen de minste consequenties. "Betaal je de huur niet, ja, dan kan het gebeuren dat je uit huis wordt gezet na een aantal maanden. Bij de energie kan je worden afgesloten. Maar pas na zes maanden zijn er gevolgen voor de zorgverzekering."

Zelfs dan vallen de gevolgen nog enigszins mee, want iemand met een betalingsachterstand blijft altijd basisverzekerd.

Meubelmerk Rivièra Maison blijft bestaan, maar winkels verdwijnen

9 months ago

De failliete Nederlandse interieurketen Rivièra Maison maakt een gedeeltelijke doorstart. Een ander Nederlands meubelbedrijf neemt het merk over. De eigen winkels en de webshop van Rivièra Maison gaan definitief dicht.

De nieuwe eigenaar van de keten, Dutch Interior, zet de groothandelsactiviteiten van het bedrijf door. Het zal het merk blijven verkopen via andere interieurwinkels.

"Er is bewust voor gekozen om niet verder te gaan met de eigen winkels van Rivièra Maison", schrijft Dutch Interior. "Onze focus ligt op samenwerking met zelfstandige retailpartners, zowel in binnen- als buitenland."

Het is niet bekend hoeveel de koper betaald heeft voor het merk. Dutch Interior neemt de paar honderd medewerkers van Rivièra Maison niet over.

Inflatie en veranderd consumentengedrag

De interieurketen ging in juni failliet. Begin deze maand liet curator Erik Schuurs weten dat zich meerdere geïnteresseerde partijen hadden gemeld voor het familiebedrijf uit Amsterdam.

De curator schreef dat Rivièra Maison in financiële problemen was gekomen door een teruglopende omzet. Het bedrijf leed al een aantal jaar verlies. In 2022 vond er nog een reorganisatie plaats.

"Gezien de liquiditeitsproblemen was de eigenaar, de familie Teunissen, genoodzaakt faillissement aan te vragen voor de Nederlandse activiteiten. De opgelopen inflatie na corona en de oorlog in Oekraïne hebben het consumentengedrag veranderd."

De keten had zeven vestigingen in Nederland. De landelijk-moderne meubels en woonaccessoires van het merk werden ook via een groot aantal verkooppunten in Europa verkocht.

China krijgt toch toegang tot eerder verboden computerchips van Nvidia

9 months ago

Bedrijven in China krijgen weer toegang tot bepaalde computerchips van de grootste chipontwerper ter wereld, het Amerikaanse Nvidia. De Amerikaanse regering hield de verkoop van de H20-computerchips maandenlang tegen, maar volgens het bedrijf heeft de VS gezegd dat Nvidia de chips toch in China mag verkopen.

Nvidia ontwikkelde de H20-chips speciaal voor de Chinese markt. Dat deed het bedrijf omdat de Amerikaanse regering Nvidia al had verboden om meer geavanceerde chips naar China te exporteren.

Maar het plan om die speciaal ontworpen H20-chips alsnog aan Chinese bedrijven te verkopen, kon in april de prullenbak in. Toen verbood de Amerikaanse regering óók de export van deze chips naar China.

De Amerikaanse overheid is bang dat China de krachtige computerchips gebruikt om een technologische en militaire voorsprong op de VS te krijgen. Door de verkoop van krachtige Nvidia-chips tegen te houden, hoopt de Amerikaanse regering die ontwikkeling te voorkomen of te vertragen.

Verbod op verbod

De VS legt al jaren druk op Nvidia om zijn chips niet op de Chinese markt te verkopen. In september 2022 verbood de Amerikaans regering het bedrijf om zijn krachtige H100-chips naar China te exporteren.

In reactie besloot Nvidia toen om zijn H100-model aan te passen naar een minder krachtige variant: de H800. En daar was de Amerikaanse overheid dan weer niet zo blij mee: in oktober 2023 werd ook voor die chips een exportverbod opgelegd.

Nvidia moest opnieuw terug naar de tekentafel en kwam toen met de nieuwe chip speciaal voor de Chinese markt: de H20. De hoop was dat die wel voldeed aan de wensen van Amerikaanse overheid. Maar ook voor die chip kwam drie maanden geleden dus ook een exportverbod.

Tot nu, lijkt het. Nu de Amerikaanse overheid Nvidia toch ruimte geeft om de H20-chips te verkopen, ligt de Chinese markt - die veel winst kan opleveren - voor de chipontwerper weer deels open.

Nvidia profiteert enorm

Nvidia verdient enorm veel geld aan de verkoop van zijn chips door de investeringen in kunstmatige intelligentie (AI). Het bedrijf maakte vorig jaar 73 miljard euro winst, ruim twee keer zoveel als in 2023.

Op de Amerikaanse beurs was Nvidia vorige week het eerste bedrijf ooit dat een waarde van 4000 miljard dollar bereikte. De aandelen van het bedrijf stegen vooral vorig jaar hard in prijs. Een aandeel kost nu ruim 160 dollar. Twee jaar geleden was dat nog enkele tientjes.

Dat de VS Nvidia nu toch toestaat om de H20-chips te gebruiken, zal ervoor zorgen dat het bedrijf er toch geld mee kan verdienen bij Chinese bedrijven. Eerder gaf de directeur van Nvidia aan dat het verbod het bedrijf miljarden zou kosten.

Volgens bronnen van persbureau Reuters zijn de Chinese internetgiganten ByteDance (het bedrijf achter TikTok) en Tencent (uitgever van games en het bedrijf achter het populaire sociale medium WeChat) al bezig om aanvragen in te dienen bij de Amerikaanse chipontwerper.

Nvidia zou die aanvragen vervolgens moeten voorleggen aan de Amerikaanse overheid. Na goedkeuring kan Nvidia de chips vervolgens leveren. Nvidia zegt dat het bedrijf hoopt de eerste bestellingen snel te kunnen bezorgen.

Grote gemeenten korten minder vaak inwoners op bijstand

2 years 4 months ago

In 2019 legden de tien grootste gemeenten bijna 6000 keer een korting op de bijstand op. Drie jaar later was dat aantal in die gemeenten gehalveerd. In dezelfde periode nam het aantal mensen met een bijstandsuitkering in die gemeenten nauwelijks af.

"Dat is goed nieuws", zegt de Groningse hoogleraar socialezekerheidsrecht Gijsbert Vonk. "Deze sancties worden te makkelijk opgelegd. Het moet geen automatisch maatregelencircus worden."

Een gemeente kan om verschillende redenen een bijstandsuitkering korten. Dat kan al als mensen niet komen opdagen bij afspraken met de gemeente of niet bereikbaar zijn. Na zo'n korting moeten bijstandsontvangers soms maanden rondkomen van een verlaagde uitkering, met alle gevolgen van dien.

Het idee is dat door de maatregelen meer mensen in de bijstand actief blijven zoeken naar een baan. Het gaat hierbij dus niet om fraude, bijvoorbeeld als iemand zwart werkt, maar om tamelijk kleine vergrijpen.

Koploper Rotterdam

Toen de NOS twee jaar geleden de strafmaatregelen onderzocht, bleek dat er grote onderlinge verschillen tussen de gemeenten waren. Rotterdam legde bijvoorbeeld bijna drie keer zoveel maatregelen op als Amsterdam, terwijl de hoofdstad meer inwoners met een bijstandsuitkering had.

Ook nu zijn de verschillen tussen gemeenten groot. Nog altijd is Rotterdam ruim de koploper met ongeveer dubbel zoveel gekorte uitkeringen als in Amsterdam.

Ook de afnames zijn niet overal gelijk. In Breda was de verandering het grootst (afname van 89 procent), in Utrecht het kleinst (afname van 24 procent).

De afname is een samenloop van omstandigheden, zegt een woordvoerder van de gemeente Breda. De coronamaatregelen speelden een rol. Door de lockdowns konden de inwoners niet meedoen met allerlei trajecten. "Hierdoor kon er niet of onvoldoende bepaald worden welke stappen ondernomen werden richting de arbeidsmarkt."

Het beperkte zicht vertaalde zich in minder gevallen waarin er werd gekort op bijstand. Daarnaast speelde een zachtere lijn van de gemeente een rol, met name vorig jaar.

"In 2022 hadden we te maken met de energiecrisis", zegt de gemeentewoordvoerder. Breda besloot geen maatregelen op te leggen bij gezinnen die door de stijgende energielasten steeds moeilijker rond konden komen. "Het opleggen van maatregelen waarbij een gezin in verdere financiële problemen komt, is de minst wenselijke situatie."

Hoogleraar Vonk is blij met dit laatste argument. "Het lijkt alsof de schellen van de ogen vallen. Ook voor de energiecrisis kwamen veel mensen in de bijstand al nauwelijks rond, maar het is goed dat het inzicht nu lijkt in te dalen."

Onterechte straf

Twee jaar geleden bleek dat de opgelegde maatregelen ook niet altijd terecht waren. Ongeveer een op de drie gestrafte bijstandontvangers die in 2019 bezwaar maakten, kreeg gelijk. Dat aandeel bleef ongeveer gelijk. Ook in 2022 bleek dat zo'n 35 procent van de bezwaarmakers niet gestraft had mogen worden.

Zo'n onterechte maatregel kan grote gevolgen hebben. Rotterdammer Ednal Curiel kon bijvoorbeeld zijn vaste lasten niet meer betalen toen de gemeente onterecht zijn uitkering kortte in 2021. Hij was toen net bijna uit de schulden, maar door de maatregel liepen die schulden weer fors op, vertelde hij in 2021 tegen de NOS. Een schadevergoeding kreeg hij niet.

Om dit soort persoonlijke tragedies te voorkomen, is een systeemverandering nodig, zegt Gijsbert Vonk. "Met een wetsvoorstel ligt er een poging vanuit het Rijk om het gemeentebeleid af te zwakken, maar dat is nog niet uitgewerkt. Wat nodig is, is dat de bureaucratische logica verandert. Dus dat je niet iemand straft omdat diegene een half uur te laat op een afspraak is, maar alleen als iemand echt een passend aanbod voor een baan weigert."

Drinkwaterbedrijven verhogen volgend jaar hun tarieven

2 years 4 months ago

De klanten van drinkwaterbedrijf Vitens gaan volgend jaar meer betalen voor kraanwater. Het drinkwatertarief gaat voor een gemiddeld huishouden van 15,10 euro naar 16,69 euro per maand, een stijging van bijna 1,60 euro dus.

Dat komt door de inflatie en stijgende kosten, zegt Vitens. Het vastrecht, het bedrag dat je betaalt voor de aansluiting, wordt zo laag mogelijk gehouden, dat gaat omhoog met 55 eurocent per jaar.

Vitens geeft aan dat het de komende jaren best lastig wordt om voldoende en schoon drinkwater te kunnen leveren. Door klimaatverandering, economische groei en nieuwe woningen blijft de vraag naar meer water toenemen.

Flink investeren

"Vooral in juni, toen het lang droog was, zagen we meer waterverbruik", zegt voorzitter Jelle Hannema. Door nu de kosten voor het gebruik harder te laten stijgen, probeert het bedrijf klanten te stimuleren om spaarzaam om te gaan met water.

Daarnaast gaat Vitens de komende jaren flink investeren. De investeringen stijgen van 283 miljoen euro naar 650 miljoen euro in 2033. Dat geld gaat onder andere naar de productielocaties. Een deel daarvan wordt gesloten, en de locaties die overblijven worden uitgebreid.

De tarieven die Vitens bekend heeft gemaakt zijn inclusief belastingen van dit jaar. Half december komt het ministerie van Financiën met het tarief voor de belasting op leidingwater (BOL) voor 2024.

Grootste van Nederland

Dit jaar was Vitens de goedkoopste leverancier, of dat volgend jaar nog steeds zo is moet nog blijken. Enkele andere leveranciers hebben hun tarieven ook gepubliceerd. Bij Waterleidingmaatschappij Drenthe betaalt een gezin met een gemiddeld watergebruik (100 kuub) volgend jaar iets meer dan 20 euro per maand, een stijging van bijna twee euro vergeleken met dit jaar.

En klanten van Waterbedrijf Groningen gaan bij een gemiddeld verbruik van bijna 13 euro naar zo'n 14 euro per maand. In de komende weken volgen de overige drinkwaterbedrijven met hun tarieven.

Met 5,9 miljoen klanten is Vitens het grootste drinkwaterbedrijf van Nederland. Het levert drinkwater in de provincies Flevoland, Friesland, Gelderland, Utrecht en Overijssel.

NOS Economie