Overslaan en naar de inhoud gaan

Provincies bezorgd over gevolgen personeelstekort stads- en streekvervoer

2 years 5 months ago

Provincies maken zich ernstig zorgen over de bereikbaarheid en daarmee de leefbaarheid in met name dunbevolkte regio's. Dat laten ze weten aan de NOS in reactie op de personeelstekorten in het stad- en streekvervoer, waardoor vervoerders regelmatig ritten laten uitvallen. "Als er verder wordt afgeschaald, blijft er in de provincie weinig ov meer over", zegt Harry van der Maas, gedeputeerde in Zeeland.

In het ergste geval is voor Zeeland "handhaven een optie", omdat vervoerders zich aan speciale prestatieafspraken moeten houden. Zo ver is het overigens nog niet, benadrukt Van der Maas. "Connexxion heeft aangegeven zich uitermate in te spannen om de reiziger goede alternatieven te bieden."

Drenthe vreest "vervoersarmoede in bepaalde gebieden" als het ov tot onder het basisniveau wordt afgeschaald. De provincie wil dat in alle gebieden tussen 07.00 en 19.00 uur ten minste twee keer per uur een bus stopt en na 19.00 uur één keer per uur, zegt een woordvoerder. "Tot voor kort was dit nog mogelijk door extra financiering door de provincies, maar onze financiële grens is bereikt." De woordvoerder benadrukt dat na de coronacrisis ook de financiële positie van de regionale vervoerder is getroffen.

Maatregelen om het personeelstekort in Drenthe terug te brengen hebben de afgelopen maanden "niet het gewenste resultaat" gehad. "Door het personeelstekort zijn er daardoor behoorlijk wat busritten uitgevallen en daarmee nam de betrouwbaarheid van de dienstverlening af."

Voorzieningen onder druk

Ook in de andere noordelijke provincies wordt gevreesd voor de bereikbaarheid als de dienstroosters niet meer rondkomen voor de bus en trein. Hoewel een woordvoerder van de provincie Friesland benadrukt dat alle dorpen ook in de huidige situatie "met een vorm van ov" bereikbaar zijn, lijkt er niet veel rek meer te zijn. "De bereikbaarheid van werk, school en voorzieningen komt mogelijk onder druk te staan."

De provincie Groningen constateert dat er meer speelt dan alleen de personeelstekorten bij bijvoorbeeld Arriva. Door het in de coronaperiode ingevoerde thuiswerken neemt niet iedereen nog op elke dag het ov. Door die misgelopen inkomsten moet er volgens de provincie ook worden gesneden in de dienstregeling.

Noord-Holland maakt zich eveneens zorgen over het regionale vervoer. Maar handhaven is geen optie, stelt een woordvoerder van gedeputeerde Jeroen Olthof. "Dat is lastig op het moment dat chauffeurs er echt niet zijn." Daarom zoekt Noord-Holland noodgedwongen met vervoerders naar oplossingen, voor zowel de korte als de lange termijn.

Zo mogen in Noord-Holland de eisen voor nieuwe chauffeurs iets omlaag. "In onze concessies is het inmiddels toegestaan om Engelstalige chauffeurs in te zetten en zoeken we oplossingen met kleinere bussen op plekken waar minder reizigers opstappen." Om Noord-Hollanders "betaalbaar" van A naar B te kunnen blijven brengen, liggen voor de provincie alle opties op tafel. Er moet volgens Olthof op een andere manier naar het ov gekeken worden: "Want als we doorgaan zoals we nu doen, verandert er niets en verslechtert het verder."

Haltetaxi

Ook in Zeeland is door de personeelsproblemen in het ov een traditionele bus niet langer heilig. Om die reden is een taxidienst geïntroduceerd die haltes aandoet op tijdstippen en dagen waarop de bus of trein niet of niet elk uur rijdt.

Wel moet vervoerder Connexxion van de provincie uitval en alternatieven duidelijk aangeven: "Zowel fysiek als digitaal: in reisplanners, op de website, in bussen en op de halte." Via een speciaal meldpunt houdt Zeeland in de gaten hoe dit gaat.

Cao-akkoord voor basis- en voortgezet onderwijs, 10 procent erbij

2 years 5 months ago

Medewerkers in het basis- en middelbaar onderwijs krijgen een loonsverhoging van 10 procent. Dat is het resultaat van een cao-akkoord tussen de vakbonden CNV, AOb, FvOv en AVS enerzijds en de werkgevers (PO-Raad en VO-raad) anderzijds. Hiermee zijn de geplande lerarenstakingen van 5 oktober van de baan.

De salarissen worden met terugwerkende kracht verhoogd vanaf 1 juli 2023. De cao loopt tot 1 oktober 2024. Daarnaast krijgen alle werknemers een eenmalige uitkering. Afhankelijk van de salarisschaal - de laagste schalen krijgen het meest uitgekeerd - kan dat bedrag oplopen tot 1000 euro bruto.

De betrokken partijen noemen het akkoord belangrijk, omdat medewerkers in het onderwijs moeten worden gecompenseerd voor de hoge inflatie. Ook moet het onderwijs aantrekkelijk blijven, gezien de grote personeelstekorten.

Bij het begin van de cao-onderhandelingen voor het voortgezet onderwijs werd door de AOb nog ingezet op een loonsverhoging van ruim 14 procent.

Betere voorwaarden

Naast de salarisverhoging zijn er afspraken gemaakt over betere ondersteuning bij rouw en overgangsklachten, betere arbeidsvoorwaarden voor werknemers die moeilijk aan een baan kunnen komen, en het opzetten van een fonds voor stagiairs. Ook de kilometervergoeding gaat omhoog van 12 cent naar 17 cent.

Voor het basisonderwijs specifiek liggen er afspraken over de werkdruk van leraren en directeuren en een betere beloning voor ondersteunend personeel dat invalt voor leraren.

Voor het middelbaar onderwijs zijn afspraken gemaakt over een inwerkprogramma van drie jaar voor nieuwe leraren, meer mogelijkheden voor ondersteunend personeel om bij te leren, en onderzoek naar het verminderen van de werkdruk en het aantrekkelijker maken van het beroep.

Zoekmachine centraal in rechtszaak tussen VS en Google over machtsmisbruik

2 years 5 months ago

Voor het eerst in 25 jaar gaat de Amerikaanse overheid in de rechtszaal proberen de monopoliepositie van een techgigant aan te pakken. Destijds waren de pijlen gericht op Microsoft. Nu is het Google, dat dit jaar 25 jaar bestaat. De zaak draait om de vraag of Google zijn macht op de zoekmachinemarkt op illegale wijze heeft ingezet om de concurrentie tegen te werken.

Vanaf vandaag wordt de zaak inhoudelijk behandeld. Hiervoor zijn maar liefst tien weken uitgetrokken. Er wordt met veel belangstelling naar uitgekeken, omdat de juridische strijd wordt gezien als een soort test. Kan de overheid op deze manier grote techbedrijven aanpakken? Er is ook kritiek op de macht van Amazon, Apple en Meta.

Bekendste stukje internet

De belangen aan beide kanten zijn enorm. Voor de Amerikaanse overheid is het de eerste monopoliezaak in decennia die voor de rechter wordt gebracht. En dan ook nog eens tegen een heel groot techbedrijf, een met een beurswaarde van meer dan 1600 miljard euro en vorig jaar 55 miljard euro winst. Dat betekent: ongelimiteerde middelen om de juridische strijd te voeren.

Daarbij zijn de pijlen ook nog eens gericht op misschien wel het bekendste stukje internet dat er bestaat: Googles zoekmachine. Het is zelfs al jaren een werkwoord. Wereldwijd heeft Google volgens marktonderzoeker Statcounter een marktaandeel van 91 procent. Het laat zien dat de zoekmachine enorm populair is onder consumenten.

Dat is ook de reden dat dit voor Google zo'n grote zaak is. Hoewel het nog maanden tot jaren kan duren voordat er duidelijkheid is, kunnen de gevolgen enorm zijn als de overheid wint. Volgens The New York Times werken er honderden interne medewerkers mee aan de zaak, zijn er drie grote advocatenkantoren bij betrokken en geeft het bedrijf miljoenen uit aan juridische kosten en lobbyisten.

Exclusieve overeenkomsten

In de kern wordt Google ervan beschuldigd exclusieve overeenkomsten te hebben gesloten om zo het gebruik van zijn zoekmachine te garanderen. Het gaat om afspraken die voorkomen dat alternatieve zoekmachines worden voor-geïnstalleerd, of dat Googles zoek-app kan worden verwijderd.

Denk aan telefoonfabrikanten of browsermaker Mozilla, en uiteraard de langlopende deal tussen Apple en Google. De zoekgigant betaalt miljarden euro's aan Apple om de standaard ingestelde zoekmachine te zijn in de Safari-browser.

Het Amerikaanse ministerie van Justitie betoogt, samen met elf Amerikaanse staten, dat Google met deze constructies de consument "schade toebrengt" doordat de kwaliteit van zoekresultaten daalt, specifiek als het gaat om bijvoorbeeld privacy, en leidt tot minder keuze en minder innovatie. Ook kan Google, zo stelt het ministerie, meer geld vragen aan adverteerders.

'Gebrekkige zaak'

Googles top-jurist, Kent Walker, noemt de zaak "enorm gebrekkig". Het bedrijf zal aanvoeren dat er meer dan ooit manieren zijn om te zoeken. Hij noemt TikTok, Reddit, Instagram, Spotify, Amazon en ook ChatGPT als alternatieven.

De techgigant gaat tegenover de rechter proberen de zoekmarkt heel anders te definiëren. Niet als een strijd tussen bijvoorbeeld Google, Bing en DuckDuckGo - dat zich positioneert als een privacyvriendelijk alternatief - maar als een strijd tussen heel veel online platforms met zoekmogelijkheden.

Daarnaast wijst Google op een uitspraak van Apple-topman Tim Cook die de zoekmachine "het beste" heeft genoemd. Ook stelt Google dat de afspraken niet exclusief zijn; Bing en Yahoo betalen Apple en Mozilla namelijk ook. Verder stelt Google dat het heel makkelijk is om van zoekmachine te veranderen en dat Microsoft net zo goed z'n eigen zoekmachine promoot in browser Edge.

De zaak is al drie jaar in voorbereiding en eerder dit jaar kwam er nog een andere aanklacht bij, over advertentietechnologie. Daarnaast is Google in Europa al jaren in een juridische strijd verwikkeld met de Europese Commissie. Dat leverde al miljardenboetes en verplichte aanpassingen op.

Lange adem

De zaak, die in jargon U.S. et al. v. Google heet, kan nog jaren duren. Allereerst is de kans groot dat een van de partijen, afhankelijk van de uitspraak, in beroep gaat. Gezien het gewicht van de zaak is het bovendien niet ondenkbaar dat er wordt doorgeprocedeerd tot het Amerikaanse Hooggerechtshof.

Los daarvan is het nog de vraag wat Google moet doen áls de overheid wint. Pas als dat gebeurt, gaat de rechter zich over die vraag buigen.

Miljoenenboete voor televisiefabrikant LG voor verboden prijsafspraken

2 years 5 months ago

De Autoriteit Consument & markt (ACM) heeft elektronicafabrikant LG een boete opgelegd van bijna 8 miljoen euro. LG heeft tussen 2015 en 2018 verboden prijsafspraken gemaakt met zeven grote webwinkels over de online prijzen van LG televisies.

Volgens de ACM gaf LG prijsadviezen aan webwinkels die LG-televisies verkochten en kregen die ook het verzoek deze prijzen ook daadwerkelijk toe te passen. Het bedrijf regisseerde zo de prijsverhoging. Deze praktijk verstoorde de concurrentie tussen webwinkels, beschermde de winstmarges van LG en de webwinkels, en leidde tot hogere prijzen van televisies voor consumenten.

LG informeerde de webwinkels over en weer zodat de webwinkels wisten dat zij zichzelf niet uit de markt zouden prijzen als zij de adviesprijs van LG zouden volgen. De ACM zegt te beschikken over duizenden berichten en documenten waaruit deze verboden prijsafspraken blijken. De ACM wil niet vertellen welke zeven grote webwinkels het betreft.

In 2021 heeft de ACM televisiefabrikant Samsung ook al eens beboet voor verboden prijsbeïnvloeding. Samsung werd een boete opgelegd van 39 miljoen euro.

LG laat in een schriftelijk statement weten dat het bedrijf in beroep gaat tegen de beslissing van de ACM. "LG Electronics Benelux vindt het van groot belang om alle relevante wet- en regelgeving na te leven en om eerlijke concurrentie te bevorderen. Zij streeft ernaar om in het volste belang van de consument te handelen en is van mening dat haar zakelijke activiteiten in de Nederlandse markt volledig in overeenstemming zijn met de lokale en Europese wetgeving. Zij zal daarom in beroep gaan tegen de beslissing van de Autoriteit Consument & Markt."

Reiziger merkt ook in stads- en streekvervoer personeelstekort

2 years 5 months ago

Minder bussen en trams, nachtdiensten die sneuvelen, hulp van touringcars en incidenteel zelfs een hele dag geen trein. Nu meer thuiswerkers terugkeren naar hun werk begint het landelijke personeelstekort het stads- en streekvervoer steeds vaker op te breken. Vervoerders puzzelen zich suf om te zorgen dat er in ieder geval gereden kan worden.

Zo stonden reizigers op het traject tussen Oldenzaal, Hengelo en Zutphen vorige week zaterdag een hele dag tevergeefs te wachten op de trein. Die reed niet omdat vervoerder Keolis de dienstregeling niet rond kreeg. Een unicum, klinkt het na een rondgang van de NOS onder alle stads- en streekvervoerders.

Wel is het door de personeelsproblemen overal puzzelen en soms moeten er harde keuzes worden gemaakt. Bij de ene vervoerder is dat incidenteel op een dag met te veel zieken, bij de andere moet dat inmiddels structureel. Regionale vervoerders zeggen ongeveer 10 procent minder bussen en trams te rijden dan voor corona.

Nachtbus geschrapt

Zo is in Den Haag in het weekend de nachtbus geschrapt vanwege het personeelstekort bij HTM. Verder rijdt de vervoerder op enkele lijnen minder vaak, laat een woordvoerder weten. Hierbij wordt gekozen voor ingrijpen op plekken waar de minste reizigers er last van hebben. "Het aantal reizigers dat de nachtbus gebruikt is circa 1 procent van het totaalaantal reizigers tijdens de reguliere dienstregeling."

Arriva zegt nergens in het land nog structureel het mes in lijnen te hoeven zetten, maar stelt wel dat "hier en daar" ritten uitvallen. "We proberen er altijd een mouw aan te passen als een dienst niet ingevuld kan worden door bijvoorbeeld ziekte."

Wel erkent Arriva dat reizigers dit merken. "Als een fabriek een dag geen koekjes kan bakken door een personeelstekort dan is dat vervelend. Maar in het ov hebben heel veel mensen daar direct last van", legt een woordvoerder uit.

In de jacht op nieuwe bestuurders is het soms concurreren, ervaart Arriva. "Het opleiden van machinisten duurt een jaar. Maar eerder dit jaar stapten in Limburg machinisten over naar NS, omdat ze daar door een nieuwe cao 10 procent meer konden verdienen. Nu wij ook een nieuwe cao hebben gebeurt dat gelukkig niet meer."

Zomerdiensten

Ook Transdev, moederbedrijf van onder meer Connexxion, Breng en Hermes, rijdt op veel plekken noodgedwongen minder bussen. Bijvoorbeeld in de Zaanstreek. "Daar verlengen we de zomerdienstregeling", zegt een woordvoerder. "In de spits rijden twee in plaats van drie bussen per uur op een lijn."

In het drukke Amsterdam voelt het GVB het chronische tekort aan medewerkers. "Ongeplande uitval is het vervelendst voor reizigers en bestuurders", stelt een woordvoerder. "Om de dienstregeling betrouwbaar en robuust uit te voeren, kiezen we er soms voor om op sommige lijnen iets minder frequent te rijden."

Ook de busdiensten van het GVB rijden minder vaak. Soms roept de Amsterdamse vervoerder zelfs de hulp in van touringcarbedrijf Jan de Wit als gratis overstapoptie. In een aangepast vervoersplan wil het GVB volgend jaar de trams 14 en 24 en buslijnen 41, 43 en 65 inkorten. Om dat op te vangen gaat onder meer de Noord-Zuidlijn twaalf keer per uur rijden, in plaats van de huidige acht.

EBS schaalde door een tekort aan chauffeurs de busdiensten in Purmerend en Volendam af van acht of tien naar nog maar vier keer per uur. Dit gebeurt volgens een woordvoerder pas als een normale dienstregeling écht niet meer lukt. "Er gaat dan al een periode aan vooraf met rituitval. Het verschilt per regio, maar we zien dat ondanks de afgeschaalde dienstregeling nog steeds te veel diensten open blijven staan en er dus busritten uitvallen."

Slim snijden

Gemeenten en provincies zitten in hun maag met de personeelstekorten in het ov. "Schrappen is het laatste middel waar de vervoerder naar mag grijpen, maar soms helaas onvermijdelijk", laat een woordvoerder van gedeputeerde Frederik Zevenbergen van Zuid-Holland weten. "Als dit onverhoopt toch aan de orde is dan wil de provincie dat zo slim mogelijk gesneden wordt."

Dat betekent dat er alleen minder gereden mag worden op lijnen waar toch al vaak een bus stopt. "Lijnen met een halfuurs- en een uursdienst moeten zoveel mogelijk met deze frequentie blijven rijden."

Campagnes

Om nieuwe medewerkers te werven voeren bedrijven nu speciale campagnes. Zo heeft Transdev 'Ik bestuur de bus'-dagen, houdt Arriva zogeheten Raildagen en benadert het GVB studenten en zij-instromers.

Topambtenaren: nieuw kabinet moet flink bezuinigen of belasting verhogen

2 years 5 months ago

Een nieuw kabinet zal fors moeten gaan bezuinigingen of de belastingen verhogen, om de overheidsfinanciën weer op orde te brengen. Topambtenaren, verenigd in de Studiegroep Begrotingsruimte, denken dat er vanaf 2028 zelfs elk jaar zeventien miljard euro moet worden gevonden om het begrotingstekort niet te ver op te laten lopen.

Door de stijgende rente is het lenen van geld fors duurder geworden. Tegelijkertijd zijn de uitgaven van de overheid sterk gestegen. Er moeten keuzes gemaakt worden, zegt de studiegroep.

Dat hebben de afgelopen kabinetten onder leiding van Mark Rutte onvoldoende gedaan, luidt de kritiek. Maatschappelijk problemen werden vooral opgelost door extra geld uit te geven. Maar van de uitvoering van de plannen kwam vaak weinig terecht, onder meer door gebrek aan personeel.

Volgende generaties

Als er niets gebeurt zullen uitgaven voor de zorg, vergrijzing en klimaat andere uitgaven gaan verdringen, staat in het rapport. Dat zou betekenen dat de rekening wordt doorgeschoven naar volgende generaties. Zij kunnen dan minder gebruikmaken van overheidsvoorzieningen of moeten veel hogere belastingen gaan betalen.

Op zich zijn de vooruitzichten voor de economie goed, en daarom is het volgens de studiegroep het juiste moment om buffers op te bouwen.

Bij hun berekeningen zijn de topambtenaren uitgegaan van een tekort op de begroting van ongeveer 2 procent. De EU-regels kennen een grens van 3 procent. Om daar uit de buurt te blijven zou er vanaf 2028 jaarlijks zeventien miljard euro moeten worden bijgestuurd.

Dat kan zowel door te bezuinigen als door de lasten te verhogen. Belangrijk is dat de politiek tot het inzicht komt dat niet alle maatschappelijke problemen kunnen of hoeven opgelost te worden met extra geld, staat in het advies. Zo kan er bij de aanpak van de klimaatverandering meer gekeken worden naar "normeren en beprijzen, vanuit de gedachte: de vervuiler betaalt".

Baan vinden met arbeidsbeperking blijft ook in krappe markt lastig

2 years 5 months ago

Hoewel bedrijven kampen met een chronisch tekort aan personeel, lukt het mensen met een arbeidsbeperking nog altijd vaak niet om een baan te vinden. Vorig jaar gingen 3400 minder mensen met een arbeidsbeperking via een sociaal ontwikkelbedrijf aan het werk dan een jaar eerder. Dat blijkt uit nieuwe cijfers van Cedris, de vereniging die zich sterk maakt voor een inclusieve arbeidsmarkt.

Van de 260.000 mensen met een arbeidsbeperking die vorig jaar in een speciaal register stonden om een baan te vinden, slaagde met 125.000 ongeveer de helft er niet in om ook werk te vinden bij een sociaal ontwikkelbedrijf. Dat zijn bedrijven die zich juist specialiseren om mensen met een arbeidsbeperking te helpen bij het vinden en houden van een baan.

De bedrijven krijgen daarbij hulp van gemeenten, maar die opereren volgens Cedris heel verschillend. Sommige gemeenten bieden veel meer ondersteuning dan andere. De organisatie spreekt van een alarmerend beeld.

"Met de schreeuwende arbeidstekorten is het niet uit te leggen dat er een groep onvrijwillig aan de zijlijn staat, omdat de begeleiding niet wordt geboden", zegt voorzitter Mohamed El Mokaddem. Hij stelt dat het van de politieke wil van een gemeente afhangt welke opties mensen krijgen.

Het stoort Cedris ook dat degenen die wel aan de slag komen weinig verdienen, omdat ze door hun beperking niet voltijds kunnen werken. Gemiddeld werken mensen 28,7 uur per week, waarmee zij volgens de organisatie maandelijks 445 euro minder verdienen dan het minimumloon. "Ook deze medewerkers verdienen het om zonder geldzorgen te leven", benadrukt El Mokaddem.

Export van goederen daalt opnieuw

2 years 5 months ago

De Nederlandse export is in juli opnieuw gekrompen. De uitvoer van goederen daalde met 0,9 procent vergeleken met dezelfde maand een jaar geleden, blijkt uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). In juni was de daling nog 1,5 procent.

De export is een belangrijke kurk waarop de economie drijft. Sinds het tweede kwartaal zit Nederland in een milde recessie. Daarbij groeit de Nederlandse economie al vier kwartalen niet of nauwelijks.

Ongunstig

Het begin van het derde kwartaal toont met de dalende exportcijfers nu weinig verbetering. Daarbij constateert het CBS dat de omstandigheden voor de export voor september ongunstiger zijn dan die voor juli.

Dat komt door het negatiever geworden producentenvertrouwen in Duitsland. In dit voor Nederland belangrijke exportland is de industriële productie omgeslagen in een krimp. Verder is in de hele eurozone het vertrouwen en het oordeel over de buitenlandse orders van fabrikanten negatiever.

In juli was in Nederland vooral de uitvoer van metaal- en chemische producten minder dan een jaar eerder. Dat komt volgens CBS-onderzoeker Marjolijn Jaarsma vooral door de dalende productie en vraag naar staal in Duitsland en andere omliggende landen.

Daartegenover stond wel een plus van 2,2 procent aan export van machines en apparaten. In bijvoorbeeld de Verenigde Staten en Zuidoost-Azië is veel vraag naar onder meer chipmachines en landbouwmachines.

Ziekteverzuim daalt opnieuw, CBS spreekt van trend

2 years 5 months ago

De daling van het ziekteverzuim onder werknemers zet door. Zowel in het eerste als het tweede kwartaal was het verzuim lager dan een jaar eerder, meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Wel is het ziekteverzuim in Nederland nog altijd relatief hoog.

In het tweede kwartaal kwam het aantal zieke werknemers uit op 5 procent, oftewel vijftig op de duizend werkenden. Vanwege de seizoensverschillen wordt het cijfer altijd vergeleken met dat uit dezelfde periode van een jaar eerder. In het tweede kwartaal van 2022 stond het ziekteverzuim op 5,4 procent. Het is voor het eerst in zeven jaar dat het ziekteverzuim in het tweede kwartaal is afgenomen.

Het CBS spreekt van een dalende trend omdat ook in de eerste drie maanden van dit jaar het aantal zieke werknemers afnam. Toen kwam dit percentage uit op 5,7, tegen 6,3 een jaar eerder.

Toch ligt het ziekteverzuim nog altijd ver boven de periode van voor de uitbraak van het coronavirus in Nederland. In 2019 was het percentage zieken onder werkenden 4,3.

Gezondheids- en welzijnszorg

In alle sectoren daalde in het tweede kwartaal het ziekteverzuim, met uitzondering van de financiële dienstverlening. Daar bleef het percentage gelijk. Wel kent deze sector met 3,1 procent het minste verzuim.

Het hoogste verzuimpercentage heeft nog altijd de gezondheids- en welzijnszorg. Maar met 7,0 procent werd ook in deze bedrijfstak minder verzuimd dan in 2022. De daling was een half procentpunt.

Maatschappelijke context en post-covid-uitstroom

Jurriaan Penders, bedrijfsarts en medisch directeur van arbodienst HumanCapitalCare, denkt dat de daling van het ziekteverzuim onder meer te maken heeft met een wat rustigere maatschappelijke context. "Verzuim ontwikkelt mee met maatschappelijke onrust. Als mensen zich zorgen maken, is hun 'rugzak' sneller vol en zijn ze sneller overbelast. En dan melden ze zich sneller ziek." Volgens hem is het sentiment rondom zaken als oorlog, inflatie en corona nu wat rustiger geworden. "En daardoor kunnen mensen andere problemen wellicht wat makkelijker hanteren."

Ook speelt volgens hem mee dat mensen die door corona langdurig ziek zijn geworden, nu 'uitstromen' uit de verzuimcijfers. "Mensen met bijvoorbeeld postcovid tellen maximaal twee jaar mee in het ziekteverzuim. Daarna kom je in de WIA-regeling terecht en word je niet meer meegeteld in de verzuimcijfers."

De arbeidsmarkt is nog steeds erg krap. Toch beginnen werkgevers beter om te gaan met deze krapte, vindt Penders. Ook dat kan een van de oorzaken zijn van het dalende verzuim. "In de discussie over vast en flex wordt bijvoorbeeld in de zorg beter gekeken naar wat vaste werknemers nodig hebben. Ze krijgen meer inspraak in de roosters. En er wordt meer gekeken naar voldoende rusttijd zodat je kan herstellen van werk. En dat maakt dat vaste medewerkers het beter volhouden."

Horeca verspilt ruim 9 procent minder voedsel, maar gooit nog steeds fortuin weg

2 years 5 months ago

Horecaondernemers gooien minder voedsel weg dan vier jaar geleden. Sinds 2019 nam de voedselverspilling met 9,2 procent af: er wordt nu vijf miljoen kilo minder eten in de prullenbak gegooid. Toch wordt er ondanks de daling nog altijd 55,4 miljoen kilo voedsel per jaar verspild, blijkt uit onderzoek van Rabobank.

De daling komt volgens de onderzoekers deels door de hoge kosten waar horecaondernemers de afgelopen jaren mee te maken hebben. Ondernemers gingen op zoek naar manieren om voedselverspilling tegen te gaan, om zo geld te besparen.

Het tegengaan van verspilling is ook belangrijk voor het klimaat. Weggegooide etenswaren dragen namelijk ook bij aan de CO2-uitstoot. In de Sustainable Development Goals van de Verenigde Naties is vastgelegd dat de voedselverspilling in 2030 gehalveerd moet zijn.

"Horecaondernemers zijn op de goede weg", zegt sectormanager Jos Klerx van Rabobank. "Vooral hotels verspillen steeds minder. Restaurants moeten nog wel iets meer aan verspilling doen om het doel te halen." Voedselverspilling tegengaan heeft alleen maar voordelen, benadrukt Klerx. "Het is goed voor de wereld en voor het kasboekje van horecaondernemers."

Het eten dat nu nog ieder jaar wordt weggegooid, heeft volgens het onderzoek een waarde van zo'n 647 miljoen euro.

Verspillingsvrije Week

Vandaag begint de zogenoemde Verspillingsvrije Week. De stichting Samen Tegen Voedselverspilling roept consumenten dit jaar op om eten op de juiste plek te bewaren. Uit een onderzoek van de stichting blijkt namelijk dat 76 procent van de Nederlanders niet precies weet waar groenten en fruit het best bewaard kunnen worden - in de koelkast of daarbuiten - waardoor producten soms sneller bederven dan nodig.

Zo dacht 58 procent van de ondervraagden dat een komkommer in de koelkast thuishoort, terwijl deze juist langer goed blijft buiten de koelkast. Hetzelfde geldt voor paprika's. Appels en eieren kunnen dan juist wel weer beter in de koelkast bewaard worden.

Nel Schellekens uit Winterswijk - ook wel gekscherend 'van-kop-tot-kont-chef' genoemd - probeert scholieren en toekomstige koks bewust te maken van zulke dingen en ze te leren hoe te koken zonder voedselverspilling. Samen met haar man runde ze 25 jaar lang een restaurant.

"Ik gooi niks weg. Pitten, schillen en klokhuizen kun je niet zo eten, maar het is goud omdat het geur, kleur en smaak heeft. Mijn pitten en schillen worden azijnen, en groentenresten worden mijn bouillon. Mensen gooien nog altijd veel weg, maar ik vraag me af: waarom doe je dat? Het is zo lekker", zegt ze vanochtend in het NOS Radio 1 Journaal.

Taarten van oud brood

Schellekens wordt niet blij van hoe jongeren doorgaans over eten denken. "Die zijn heel makkelijk in dingen wegdoen. Ze zien niet de waarde van een sneetje brood. En als ik ze dan vertel hoeveel energie ervoor nodig is voordat dat sneetje op je bord komt en hoe lekker je oud brood ook nog kunt maken, worden ze helemaal hyper."

"Dan is het opeens van: 'hebben we wentelteefjes, hebben we paneermeel, dan kunnen we kroketten maken, kunnen we taarten maken van oud brood. En brownies'. Dan worden ze enthousiast. En dat noem ik zaadjes planten."

Gemiddeld gooien Nederlanders 33,4 kilo per persoon per jaar weg, blijkt uit het onderzoek van de stichting Samen Tegen Voedselverspilling. De van-kop-tot-kont-chef heeft nog wel een tip: "Iedereen moet gewoon eens bij zichzelf denken: hoe doe ik het nu? Hoe is mijn consumptie, wat ben ik aan het doen en wil ik dit wel? En begin dan. Begin. Dat is het."

Voedselverspilling is zelfs een van de grootste aanjagers van klimaatverandering. NOSop3 legt het uit:

Nieuwe regels moeten belastingontwijking wereldwijd onmogelijk maken

2 years 5 months ago

Nooit eerder werden zoveel landen het eens over regels tegen belastingontwijking. 139 landen hebben consensus bereikt over een minimumtarief voor grote multinationals: vanaf volgend jaar moeten die minstens 15 procent over hun winst gaan betalen.

Bedrijven die dit aangaat zijn druk bezig om de gevolgen voor hun organisatie in kaart te brengen en landen hebben hun handen vol aan de invoering van deze nieuwe regels en het uitvoeren ervan.

"Dit is de belangrijkste regelgeving uit de geschiedenis van het internationaal belastingrecht", zegt Annelien Dessauvagie, tax partner bij accountantskantoor EY.

Hoe werkt dat, en hoe effectief zijn deze regels tegen belastingontwijking?

Grote multinationals

De minimumbelasting is van toepassing op ondernemingen met een wereldwijde omzet van 750 miljoen euro of meer. In Nederland zijn dat naar schatting 3000 bedrijven.

Deze bedrijven moeten altijd ten minste 15 procent belasting over hun winst betalen. Als ze minder dan 15 procent belasting betalen in het buitenland, moet in Nederland extra belasting worden betaald.

Een voorbeeld ter illustratie: stel dat de dochteronderneming van een Nederlandse multinational in haar thuisland 10 procent belasting betaalt. Nu de Nederlandse wet vanaf volgend jaar een minimumtarief van 15 procent voorschrijft, moet de Nederlandse moedermaatschappij het verschil van vijf procent in Nederland alsnog betalen, ook al is die winst niet in Nederland gemaakt.

Zo is er voor bedrijven minder aanleiding om winsten te verschuiven naar landen met een laag tarief. Ook leiden de regels ertoe dat het voor landen niet meer interessant is om bedrijvigheid aan te trekken met een heel laag belastingtarief.

Doordat andere landen mogen 'bijheffen' tot 15 procent lopen landen met een tarief dat daaronder zit staatsinkomsten mis. Als jij niet heft, doen wij het, is de gedachte.

En dat systeem lijkt nu al zijn vruchten af te werpen: verschillende landen in het Midden-Oosten, waaronder de Verenigde Arabische Emiraten, voeren voor het eerst een winstbelasting in. Ook Bermuda, een land dat als klassiek belastingparadijs wordt gezien, denkt erover om de winst van grote bedrijven met 15 procent te gaan belasten.

Naar verwachting gaat dit nieuwe systeem wereldwijd zo'n 220 miljard dollar aan belastinginkomsten per jaar opleveren. Voor de Nederlandse schatkist is de verwachting jaarlijks 466 miljoen euro. De Belastingdienst neemt 65 extra mensen aan om de nieuwe regels te handhaven.

Niet alleen voordelen

Dit systeem is effectief, maar het heeft ook een keerzijde, zegt Edwin Visser van PwC. Volgens hem hebben veel ontwikkelingslanden weinig baat bij de wereldwijde minimumbelasting, omdat het voor hen moeilijker wordt om bedrijvigheid aan te trekken via een gunstig belastingtarief. Landen met een hoog tarief zoals Frankrijk en Duitsland zouden zich het hardst hebben ingezet voor de wereldwijde minimumbelasting.

De regels zijn bovendien erg complex, en om ze goed uit te voeren heb je als belastingdienst een hele strakke organisatie nodig, zegt Visser. "Wij nemen hier 65 mensen aan. Maar veel landen kunnen zich dat absoluut niet veroorloven."

Volgens Dessauvagie van EY is het ook voor de multinationals die te maken krijgen met de minimumbelasting een grote uitdaging. De ingewikkelde regels gaan gepaard met een strenge administratieverplichting.

Veel bedrijven betalen volgens haar in de meeste landen nu al meer dan het afgesproken minimumtarief van 15 procent. Deze bedrijven moeten veel extra kosten maken om alle benodigde gegevens te verzamelen en te ordenen om aan te tonen dat ze inderdaad aan de regels voldoen. "Uiteindelijk zadel je daar de maatschappij weer mee op, want deze extra kosten zullen in veel gevallen worden doorbelast aan de consument."

Positieve ontwikkeling

Ondanks de uitdagingen die de nieuwe regels met zich meebrengen zien Visser en Dessauvagie de wereldwijde minimumbelasting als een positieve ontwikkeling. Ze zijn effectief tegen belastingontwijking en met een tarief van minimaal 15 procent is de boodschap duidelijk: de bodem is bereikt.

Veel bedrijven zijn momenteel druk bezig om hun internationale structuur tegen het licht te houden. Het is nu nog onzeker of dit voor sommigen betekent dat ze Nederland verlaten of dat juist nieuwe bedrijven aangetrokken worden. Dat verschilt per bedrijf en het belastingtarief is maar één aspect dat meespeelt bij de keuze voor vestiging.

Wel zullen landen volgens Visser en Dessauvagie waarschijnlijk creatiever worden om bedrijven aan te trekken. Hierbij kan worden gedacht aan financiële steun voor onderzoek, stimuleren van investeringen en hulp bij verduurzaming.

De wereldwijde minimumbelasting gaat in op 1 januari 2024. De Nederlandse Belastingdienst buigt zich pas halverwege 2025 over de eerste aangiftes over 2024.

Beurswaarde Apple daalt met 200 miljard dollar na beperkingen China

2 years 5 months ago

De beurswaarde van Apple is met 200 miljard dollar gedaald na berichten dat China het gebruik van iPhones door overheidsmedewerkers wil inperken. Het aandeel daalde de afgelopen dagen met ruim 6 procent. Daarbij moet worden aangetekend dat de beurswaarde nog altijd zo'n 2,8 biljoen dollar is, ofwel 2800 miljard dollar. Ook de beurskoersen van een aantal leveranciers van Apple daalden.

The Wall Street Journal meldde woensdag dat overheidsmedewerkers in China voor hun werk niet langer gebruik mogen maken van iPhones en telefoons van andere buitenlandse merken. Persbureau Bloomberg meldt dat het verbod ook geldt voor werknemers van staatsbedrijven en overheidsinstellingen. Eerder werd duidelijk dat bepaalde ambtenaren van de Chinese regering al te maken hadden met restricties voor het gebruik van de populaire telefoon.

18 procent van de omzet

China is de op twee na belangrijkste afzetmarkt voor Apple en daarmee goed voor 18 procent van de omzet van de techgigant. Daarnaast is China het land waar de meeste Apple-producten worden geproduceerd.

In Peking hield het Chinese ministerie van Buitenlandse Zaken zich op de vlakte. "Producten en diensten van elk land zijn welkom op de Chinese markt, mits ze zich houden aan de Chinese wetten en regels", zei een woordvoerster. Vanuit Apple is geen verklaring gekomen.

De berichten over de restricties komen in aanloop naar nieuwe modellen van de iPhone, die naar verwachting volgende week worden gepresenteerd. Onlangs lanceerde ook het Chinese Huawei zijn nieuwste toestel, dat qua kracht en snelheid de concurrentie met de iPhone moet kunnen aangaan.

Tussen China en de VS zijn oplopende spanningen over onder meer chiptechnologie. De Amerikanen hebben stevige sancties opgelegd aan Peking om te voorkomen dat de Chinese chipsector te hard groeit. In Nederland gelden er sinds 1 september nieuwe beperkingen voor de export van chipmachines van fabrikant ASML uit Veldhoven.

Waakhond eist op korte termijn verbetering bij inzameling flesjes en blikjes

2 years 5 months ago

De verpakkingsbranche krijgt tot begin volgende maand om een verbeterplan in te dienen om voldoende plastic flessen met statiegeld in te zamelen. Dat laat de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) weten. De toezichthouder heeft de brancheorganisatie Stichting Afvalfonds Verpakkingen vandaag officieel gewaarschuwd dat het doel om flesjes in te zamelen niet wordt gehaald.

In de brief schrijft de ILT dat er een analyse en verbeterplan wordt verwacht waarmee de inzameldoelen wel worden gehaald. Slechts 68 procent in plaats van het wettelijk vastgelegde inzameldoel van 90 procent wordt nu gehaald. "Dat is een overtreding", benadrukt de ILT

Daarbij heeft de ILT bij het Afvalfonds ook cijfers gevorderd over onder meer inzamelcijfers per merk, het aantal flessen dat vrijwillig onder het statiegeldsysteem valt en de hoeveelheid inzamelautomaten en andere inzamelpunten.

Vervolgstappen

Voor het aanleveren van het verbeterplan krijgt het fonds tot begin oktober de tijd, laat een woordvoerder van de ILT desgevraagd weten. "De ILT zal de gevorderde gegevens van het Afvalfonds Verpakkingen analyseren en gebruiken bij het beoordelen van het verbeterplan. Daarna kijkt ILT of het aanleiding geeft tot vervolgstappen." Op de precieze vervolgstappen wil de ILT nog niet vooruitlopen.

Demissionair staatssecretaris Heijnen uitte vanmorgen haar onvrede over de inzameling van flesjes met statiegeld. Dat slechts 68 procent is gehaald, noemde zij "ronduit teleurstellend.

Heijnen verklaarde er bij het Afvalfonds Verpakkingen op te hebben aangedrongen om snel verbetering te laten zien. Het Afvalfonds is opgericht door het bedrijfsleven en regelt de inzameling van plastic flessen en blikjes. Pas volgend jaar komen cijfers over de inname van blikjes met statiegeld.

De invoering van de inzameling van blikjes verliep niet zonder problemen:

Investeerders ontbreken voor ondergrondse pijpleidingen gevaarlijke stoffen

2 years 5 months ago

Het is één van de grootste infrastructurele projecten van Nederland: de Delta Rhine Corridor. Het omvat meerdere pijpleidingen voor het transport van grote hoeveelheden chemische stoffen vanuit de Rotterdamse haven naar de grote industriecomplexen in Limburg en Duitsland. Maar hoewel het kabinet deze maand wil beslissen welke pijpleidingen er komen te liggen, is er voor een deel daarvan nog geen investeerder gevonden.

Het plan, gepland voor 2028, omvat een kabel voor gelijkstroom en zes buisleidingen: voor waterstof, aardgas, CO2, lpg, ammoniak en propeen. Het prijskaartje daarvan is ruim 10 miljard euro. Onduidelijk is nog welk deel daarvan de overheid betaalt, welke het bedrijfsleven én welke bedrijven überhaupt zullen investeren.

'Giftreinen'

Waterstof en CO2 zijn met name van belang voor de energietransitie. Nederland en Duitsland willen investeren in een waterstofeconomie en met de CO2-buis kan de door de industrie uitgestote koolstofdioxide worden opgeslagen in lege gasvelden onder de Noordzee. Duitsland heeft de komende jaren daarnaast aardgas nodig voor de Energiewende. Rotterdam wil met de Corridor in de toekomst de belangrijke doorvoerhaven blijven die het nu nog is voor fossiele brandstoffen.

Bij de leidingen voor lpg, ammoniak en propeen weegt veiligheid zwaar. De licht ontvlambare stoffen vinden hun weg nu vooral over het spoor. Maar dat transport loopt tegen grenzen aan. Nu al worden de veiligheidsmarges op het traject tussen Rotterdam en Venlo - waar een kwart miljoen mensen aan of dichtbij het spoor wonen - overschreden. Zij zien de "giftreinen" dan ook liever vandaag dan morgen verdwijnen.

Dion van der Sanden woont vlakbij het spoor waarover 'giftreinen' rijden. "Als hier iets gebeurt, moet je zien weg te komen."

Bedrijven zien wel brood in de gelijkstroomkabel (Tennet) en de leidingen voor waterstof, aardgas en CO2 (Shell, het Duitse energiebedrijf OGE, chemiebedrijf BASF en Gasunie). Maar rond de 'veiligheidsbuizen' voor lpg, propeen en ammoniak blijft het vooralsnog stil.

Gezien de miljardeninvesteringen die de aanleg kost zullen afnemers al snel tientallen miljoenen per jaar moeten ophoesten. En al gaat het in Limburg om gevestigde kapitaalkrachtige multinationals, de ondernemersrisico's om zich voor decennia financieel vast te leggen zijn groot. "We weten niet hoe de economie er over dertig jaar uitziet, of welke alternatieve stoffen er dan beschikbaar zijn", zegt Loek Radix, directeur van chemische bedrijventerrein Chemelot.

'Private aangelegenheid'

Ondergronds vervoer van lpg, propeen en ammoniak mag dan veiliger zijn, de winstgevendheid hiervan is nog onzeker, mede omdat ook de Duitse industrie zich niet definitief aan de Delta Rhine Corridor heeft verbonden.

Veiligheid is ook een maatschappelijk belang, zegt Radix. De overheid zal dan ook garant moeten staan voor de financiële risico's, vindt hij. Anders zouden de bedrijven kunnen kiezen voor de Antwerpse haven, dat ook buisleidingen naar Limburg en het Ruhrgebied aan wil leggen.

Maar waar het Rijk wel geld steekt in de waterstofbuis, is overheidsfinanciering voor de buizen met chemische stoffen volgens energie-minister Rob Jetten "vooralsnog niet aan de orde". Het betreft "een private aangelegenheid" die vraagt om "private investeringen", zegt Jetten in antwoord op vragen van Nieuwsuur.

Toekomst

Het ministerie, Shell en Gasunie willen dat bedrijven dit jaar toezeggingen doen over de aanleg van buizen of afname van vervoerde stoffen. Meldt niemand zich voor de veiligheidsbuizen "dan zou het zo kunnen zijn dat we zonder die buizen beginnen", zegt Helmie Botter, manager waterstof bij Gasunie.

De leidingen voor de chemische stoffen zullen dan later of helemaal niet worden aangelegd. Het demissionaire kabinet bepaalt op 18 september voor welke buisleidingen zij toekomst zien. Heeft zich dan geen investeerder gemeld, dan vallen de leidingen voor chemische stoffen voorlopig af.

Huren ongeveer 2 procent hoger dan vorig jaar

2 years 5 months ago

De huurprijzen van woningen lagen in juli gemiddeld 2 procent hoger dan een jaar eerder, meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek. De stijging is een procentpunt minder dan het jaar daarvoor.

Sociale huurwoningen van woningcorporaties werden nauwelijks duurder: hier lag de gemiddelde stijging op 0,1 procent. Dat komt mede doordat bepaalde groepen recht hadden op huurverlaging. Vorig jaar ging de huur van corporatiewoningen in de sociale sector nog omhoog met gemiddeld 2,6 procent.

Sociale huurwoningen van andere verhuurders werden 3,7 procent duurder. Dat was een jaar eerder nog 2,8 procent. Ook in de vrije sector was de huurstijging groter dan vorig jaar: van 3,8 procent naar 4,5 procent.

Nieuwe bewoners

De huren worden elk jaar over het algemeen op 1 juli verhoogd. Een uitzondering kan worden gemaakt bij een bewonerswisseling. De huur kan dan tussentijds worden verhoogd, vaak met een hoger percentage.

Gemiddeld stegen de huren bij bewonerswisselingen het afgelopen jaar met 10,9 procent., de grootste stijging sinds 2014. Vorig jaar was het 9,7 procent.

Huren volgen lonen

De huurstijgingen zijn het afgelopen jaar beperkt gebleven doordat het maximale stijgingspercentage in de vrije sector nu anders wordt berekend. Vroeger stegen de huren mee met de inflatie, maar toen die vorig jaar boven de 10 procent kwam, is het systeem veranderd.

De huren zijn nu gekoppeld aan de loonontwikkeling. In de vrije sector mogen ze maximaal 1 procentpunt meer stijgen dan de lonen.

In de sociale sector stelt de overheid elk jaar de maximale stijging vast. Die was voor dit jaar gelijk aan de gemiddelde loonstijging van 3,1 procent. Voor huurders met een relatief hoog inkomen kon de stijging wel wat hoger zijn.

Philips treft schikking over defecte apneu-apparaten in de VS

2 years 5 months ago

Philips heeft in de Verenigde Staten een schikking gesloten met klanten in de zaak rondom de slechte apneu-apparaten. De apparaten van het zorgtechnologiebedrijf zouden gezondheidsklachten hebben opgeleverd.

Alle patiënten, ziekenhuizen en slaaplaboratoria die in aanmerking komen, krijgen een geldbedrag van Philips, afhankelijk van welk type apparaat ze gebruikten en welke garantie daarop gold. Gebruikers die het gemankeerde apneu-apparaat hebben ingeleverd, krijgen ook extra geld uitgekeerd.

Philips stelt in een persbericht dat deze schikking geen bekentenis is van schuld of erkenning van kwade opzet.

Meer rechtszaken

In de VS lopen drie grote rechtszaken tegen het bedrijf, deze schikking is er daar één van. Het gaat nu alleen om klanten van Philips die economische schade hebben geleden, mensen die het apparaat hebben gekocht en nu schade claimen omdat het gekochte apparaat niet aan hun eisen voldoet.

De andere twee zaken die nog lopen gaan over persoonlijk letsel en voor mensen die vallen onder medisch monitoren oftewel patiënten die nu nog geen klachten hebben maar eventueel in de toekomst wel.

Zo'n 50.000 andere mensen hebben zich bij het bedrijf gemeld om er voor te zorgen dat een eventuele zaak van hen niet verjaart. Zij houden het recht om een klacht in te dienen, maar hebben dat nu nog niet gedaan. Over hoeveel mensen het precies gaat in de apneu-affaire, doet het bedrijf geen uitspraken.

Betalingen volgend jaar

Hoeveel de schikking Philips uiteindelijk gaat kosten hangt onder andere af van hoeveel patiënten meedoen. De eerste betalingen aan patiënten worden begin volgend jaar verwacht. Volgens een woordvoerder van het bedrijf neemt een derde partij straks contact op met klanten over de uitbetaling.

Voor de juridische afhandeling van deze rechtszaak zette het bedrijf in het eerste kwartaal al 575 miljoen euro opzij. Dat bedrag kwam bovenop de miljard euro die het bedrijf al vrijmaakte voor de terugroepactie van de apneu-apparaten.

Minder witwascontrole voor goede doelen, sportclubs en kerken

2 years 5 months ago

Goede doelen, sportverenigingen en kerken zullen in de toekomst minder vaak door een bank worden gecontroleerd. Omdat deze non-profit organisaties relatief weinig te maken hebben met witwassen of terrorismefinanciering zullen ze ook minder last krijgen van bankonderzoeken, blijkt uit nieuwe richtlijnen van de Nederlandse Vereniging van Banken (NVB).

In de afgelopen jaren werd het voor de non-profit sector moeilijker om zaken te doen met banken vanwege strenge klantonderzoeken, opgezet om te voldoen aan anti-witwasregels. Banken namen daarvoor duizenden extra werknemers aan.

Stichtingen en verenigingen zijn voor criminelen aantrekkelijke rechtsvormen om geld wit te wassen. Ze hoeven niet erg transparant te zijn en bijvoorbeeld niet altijd een jaarrekening te publiceren. Door de intensieve bankonderzoeken die veel non-profit organisaties daarom moesten ondergaan, namen hun administratieve lasten toe en kon het soms lang duren voordat een bank goedkeuring gaf om een rekening te openen of te beheren.

Met de nieuwe richtlijnen willen banken een betere balans vinden: strenger zijn waar het nodig is en soepeler waar het kan. "Als een sportclub een nieuwe penningmeester heeft, gaan we niet meer elk klein detail van die persoon onder de loep nemen voordat we toegang geven. Op die manier gaan we geen grote witwasacties ontdekken", zegt een woordvoerder.

Nieuw beleid

De nieuwe werkwijze van de banken benoemt factoren die het risico op witwassen kunnen verminderen, naast het transparant zijn over financiën door het publiceren van jaarrekeningen bijvoorbeeld het hebben van een keurmerk dat goede doelen controleert en goedkeurt.

Door de nieuwe werkwijze hopen de banken meer aandacht te kunnen besteden aan organisaties en bedrijven die meer risico lopen op witwas-operaties. Zo wordt werken in een land waartegen sancties gelden onder meer gezien als risicoverhogende factor.

Voorzitter van de bankenvereniging Medy van der Laan onderstreept het belang van non-profit organisaties in de maatschappij en kondigt aan dat haar vereniging van plan is om ook nieuwe richtlijnen te ontwikkelen voor andere risicovolle sectoren, zoals sekswerkers, autobedrijven en cryptobedrijven.

NS heeft nieuwe en duurdere windstroom, prijs treinkaartje niet extra omhoog

2 years 5 months ago

Om de treinen ook de komende jaren op wind- en zonne-energie te laten rijden, stapt NS van Eneco over naar de Provinciale Zeeuwse Energie Maatschappij (PZEM) en Shell. Hoewel NS meer kwijt zal zijn, zegt het bedrijf de prijs van een treinkaartje niet extra te verhogen.

Tegelijk sluit de vervoerder niet uit dat een treinrit duurder of goedkoper wordt als er toch iets verandert in de stroomprijs. Wel kreeg NS vorige maand van demissionair staatssecretaris Heijnen van Infrastructuur toestemming om de komende twee jaar de prijs van treinkaartjes extra te verhogen dan normaal gebeurt. Het bedrijf mag de kaartjes in twee stappen in totaal 7 procent extra verhogen vanwege de hoge inflatie. Ook denkt NS na over een spitstoeslag.

NS stapte in 2017 als eerste landelijk vervoersbedrijf ter wereld volledig over op windstroom. Daarmee rijdt NS naar eigen zeggen klimaatneutraal. Vanaf 1 januari 2025 stapt NS van Eneco over naar de nieuwe leverancier. PZEM zal hierin de elektriciteit leveren, waarbij Shell de certificaten levert om te bewijzen de stroom ook echt groen is.

"Hiermee wordt gegarandeerd dat er op jaarbasis in Europa net zoveel elektriciteit via zon en wind wordt opgewekt als NS verbruikt voor het rijden van treinen", stelt NS. Het contract gaat in 2025 in.

Net zoveel als Amsterdam

Met 1,2 TWh per jaar gebruikt NS naar eigen zeggen 1 procent van totale Nederlandse energieverbruik. Het is net zo veel als de hele stad Amsterdam per jaar aan stroom verbruikt. Als grootste vervoerder gaat 85 procent van de stroom op aan treinen van NS. Door energiezuinig te rijden, met bijvoorbeeld efficiënt optrekken en remmen, probeert NS minder stroom te verbruiken.

Directielid Tjalling Smit erkent dat de keuze voor Shell nogal opmerkelijk overkomt. "Ik kan weinig zeggen over het algemene duurzaamheidsniveau van Shell. Maar de groene certificaten die wij van hen afnemen voldoen aan alle externe, wettelijke, eisen én aan de eisen van NS. En wellicht helpt deze nieuwe samenwerking Shell om ervaring op te doen die ze vervolgens ook elders toe kan passen."

Wel stelt NS dat de kosten voor energie de komende jaren hoger zullen zijn dan onder het oude energiecontract. Maar omdat die prijs al was meegenomen in de inflatie zal er volgens NS niets veranderen in de prijskaartjes. "Alleen als in de toekomst de prijs van energie hoger of veel lager uitvalt dan de inflatie, dan kan de prijs van het treinkaartje daarop naar boven of naar beneden worden bijgesteld."

Kortlopend

Toch wordt het nieuwe energiecontract voor slechts drie jaar afgesloten. Dat komt volgens directielid Tjalling Smit door de onzekerheid op de energiemarkt door de oorlog in Oekraïne. Omdat energieleveranciers vanwege de onzekere tijden liever geen langetermijncontracten willen afsluiten is gekozen voor een kortlopend contract.

In het volgende contract, dat afgesloten wordt voor na 2027, wil NS op dagen als de zon niet schijnt en het windstil is ook groene stroom blijven ontvangen, en geen fossiele zoals nu nog gebeurt.

Cobra Museum 'geschrokken' van subsidiestop, vraagt om extra tijd

2 years 5 months ago

Het besluit van de gemeente Amstelveen om handen af te trekken van het Cobra Museum is overhaast genomen. Dat zegt directeur Stefan van Raay van het zwaar verlieslijdende museum voor moderne kunst in gesprek met de NOS. "Wij zijn erg geschrokken. Maar we kunnen nog de tijd nemen om samen naar een oplossing te zoeken."

Voor het Cobra Museum dreigt na bijna dertig jaar het doek te vallen, omdat de gemeente Amstelveen weinig vertrouwen meer heeft in de financiën van de instelling. Op basis van het verlies van 350.000 euro over 2022, twijfelde het college al om de komende periode jaarlijks ruim 1,2 miljoen euro aan subsidie te geven. De risico's werden onverantwoord geacht toen twee wekengeleden bleek dat het verlies dit jaar met 700.000 euro nog groter zou worden dan gedacht.

Van Raay wijt die rode cijfers aan de zonnige junimaand. "Dan komen bezoekers niet. Dat is een landelijke trend. Overal gingen de bezoekersaantallen met bijna 60 procent omlaag. Wij hebben dit enorm gevoeld."

Fusie

Het museum wil zoeken naar een oplossing om financieel gezond te worden, maar de directie kan nu nog geen concrete opties noemen. Over een fusie met een ander museum in Amstelveen of Amsterdam is Van Raay weinig concreet. "We zouden hier naar kunnen kijken, maar proactief zijn we nog nooit benaderd."

Eerder is volgens hem al eens onderzocht of het Cobra Museum zou kunnen samengaan met het glaskunstmuseum Jan uit Amstelveen. "Maar we zagen geen reductie aan kosten of extra culturele waarde. Ook Jan wilde het niet."

Winkelen in het Stadshart

Daarbij zit het het museum dwars dat de economie van Amstelveen indirect zou verdienen aan de bezoekers. "Zelfs als je de subsidie ervan aftrekt brengen wij 2,5 tot 3 miljoen euro per jaar binnen. Mensen gaan winkelen en eten in het Stadshart. Ze parkeren er of gebruiken een andere manier van transport. Amstelveen en het Cobra Museum kunnen niet zonder elkaar. Als het Cobra Museum verdwijnt, dan is het nog maar de vraag of mensen naar Amstelveen komen en hier geld uitgeven."

De gemeenteraad debatteert vanavond over de subsidie aan het Cobra Museum. Over een week wordt hierover een besluit genomen.

Prijs van groente blijft dalen, maar echt goedkoper worden boodschappen niet

2 years 5 months ago

De trend van almaar stijgende prijzen in de supermarkt is ten einde, concludeert data- en insightsbedrijf Hiiper. Het bureau maakte op verzoek van de NOS een nieuwe analyse van de supermarktprijzen en kassabonnen.

Vergeleken met maart zijn consumenten voor veel producten goedkoper uit aan de kassa. Toch lijkt het er niet op dat de prijzen op termijn terugkeren naar die van voor de oplopende inflatie. "In totaal betaal je nog altijd ruim 11 procent meer voor je boodschappen dan vorig jaar", zegt Joep Smeets, directeur van Hiiper.

Voor het onderzoek is opnieuw gekeken naar de prijzen van producten, waarbij aan dagelijkse boodschappen meer waarde wordt toegekend dan aan producten die minder vaak worden gekocht. Zo bleek twee maanden geleden nog dat alleen komkommers, aardbeien, aubergines en meloenen goedkoper waren dan een jaar geleden.

Komkommer en broccoli

Die trend van dalende prijzen op gebied van groente en fruit zet nu door. Inmiddels is een komkommer gemiddeld 10 procent goedkoper dan een jaar geleden. Vergeleken met de prijspiek in maart is een komkommer zelfs 34 procent goedkoper.

Wel zijn tomaten, broccoli en bananen nog altijd duurder dan een jaar geleden. "Dit wordt slechts beperkt veroorzaakt door het seizoenseffect."

Zuivel, kaas en eieren zijn 3 procent goedkoper dan in maart.

Koek en chocolade

Tegenover de dalingen staan prijsstijgingen van bijvoorbeeld diepvriesproducten. Die zijn nu ruim 16 procent duurder dan een jaar geleden. Hetzelfde geldt voor koek en chocolade. Dat lijkt het gevolg van de hoge prijzen van cacao en suiker.

Sinds begin vorig jaar is koek en chocolade elke maand duurder geworden, zegt Smeets. Volgens hem is de piek in prijsverhogingen bij deze producten nog niet bereikt.

Vorige maand beloofde Ahold Delhaize, het moederbedrijf van Albert Heijn, de prijzen waar mogelijk te verlagen. Zowel Albert Heijn als Jumbo zetten daarom hun huismerken steeds prominenter in de etalage.

NOS Economie